Zoeken

Jongen Hubert, "winnaar nationaal Pau 2008 tegen 2.683 duiven."


Hubert JONGEN, Kerkrade (NL)


Voor een gesprek met de nationale winnaar Pau ZLU 2008 ging ik met veel plezier naar Kerkrade, een plaats en gemeente in de Oostelijke Mijnstreek in Zuid-Limburg. Aangrenzende gemeenten zijn de Nederlandse plaatsen Heerlen en Landgraaf en de Duitse gemeente Herzogenrath.
De winnaar woont in de woonkern Terwinselen. In Terwinselen lag in de vorige eeuw de staatsmijn Wilhelmina, de oudste en kleinste staatsmijn in Nederland. In deze wijk/woonkern ligt ook een Botanische tuin, die gebaseerd is op een Engelse landschapstuin.


De liefhebbers
Hubert en Riet zijn beiden opgegroeid tussen de duiven, want bij beide families hield men duiven. Hubert heeft eerst in combinatie met zijn vader de duivensport beoefend. In 1982 begon Hubert onder zijn eigen naam te vliegen. Van het begin af aan was de opbouw gericht op de overnachtfond. In 1990 ging Riet zich ook actief met de duiven bemoeien. Hubert en Riet hebben een taakverdeling, maar vullen elkaar perfect aan. Riet voert de duiven in overleg met Hubert. Zij zijn lid van de Fondvereniging Palemig Heerlen. Deze vereniging telt 26 fondliefhebbers.

De aankomst
Hubert en Riet hadden voor deze ZLU-vlucht vanuit Pau 7 duiven ingekorfd. Deze duiven waren allemaal drie jaar of ouder. De duiven werden op 20 juni om 08.00 uur in Pau gelost voor een vlucht van ruim 967 kilometer. Hubert had die dag de sites van Meteofrance bestudeerd en ook die van Earth en op grond daarvan verwachtte hij dat er tussen 20.00 en 2100 uur duiven op zijn hok konden vallen. Hubert verwachtte vooral de "147", omdat het een duif is, die al vaker 's avonds thuis arriveerde van een vlucht. De verwachtingen kwamen niet uit en de letters, die Hubert en Riet de hele avond gezelschap hadden gehouden bij het wachten op de duiven, gingen naar huis. Hubert was er nog niet van overtuigd, dat er die dag geen duif zou doorkomen en bleef kijken. Terwijl hij de bloemen stond water te geven, zag hij een duif aankomen vanaf de Duitse kant. Het was de 04-NL-1198147, die om 22.54.00 uur werd geconstateerd. Riet zag hem pas toen hij het hok binnendook. Hubert denkt dat de "147" rechts van het gebied met onweer in Noordwest Frankrijk is gevlogen en dus via het Saarland naar huis is gevlogen. De "147" maakte een snelheid van 1081,980 meter per minuut en pakt daarmee de nationale overwinning tegen 2.683 duiven.

De winnaar
De winnaar is een blauw gehamerde doffer. Hij werd gespeeld als weduwnaar. Hij stamt af uit de lijn "van der Slik x Gebr. Kuypers x "Kleine Jo" (Jo Gilissen).
De "147" won voor deze nationale overwinning al o.a.:
" In 2006 20e nationaal Narbonne
" In 2007 84e nationaal Narbonne

Hok
Hubert en Riet hebben een tuinhok van 10 meter, een hok met volière voor de kwekers en een hok met volière voor de jonge duiven. De voorzijde van het tuinhok staat op het Noorden gericht. Op de hokken liggen houten vloeren, die twee keer per dag worden schoongemaakt met de stofzuiger. In de volières liggen wel roosters.

Hokopbouw
Hubert heeft zijn hok opgebouwd met duiven van onder andere: Piet van der Slik uit Middelharnis, de Gebr. Kuypers uit Neer, de van Wanroy-duiven via Joep van Dongen, de "70" van Toine Huijnen uit Welten bij Heerlen, Roger Wijnands uit Maastricht, Lei Kurvers uit Hulsberg en Cor de Heijde uit Made (diens "Klamper-soort" heeft Hubert gekruist tegen zijn eigen soort).
Het liefste spelen Hubert en Riet de zware fond: de ochtendlossingen van de ZLU. Op de vraag of er geprobeerd wordt op een bepaalde vlucht te "pieken", antwoordde Hubert: "Ik zou niet weten hoe dat moet. Ik kan zoiets niet." Hubert en Riet bepalen ook pas op de dag van inkorving welke duiven goed en geschikt zijn om op die vlucht mee te geven.


Kweken

Het kweekbestand bestaat uit 15 koppels. 90% van de kweekduiven stamt af uit het gouden stamkoppel "034 x 70". Dit koppel gaf vele supervliegers, die daarnaast ook nog eens gouden kwekers bleken te zijn. Hubert en Riet doen aan zowel inteelt, familieteelt als lijnenteelt. Een goed voorbeeld van een succesvol product van familieteelt is de nationale Pau-winnaar 2008: zowel bij de vader als de moeder van deze crack komt men meerdere malen de "801 x de Kleine Jo" tegen.
De kwekers worden eind maart gelijktijdig met de vliegduiven gekoppeld. Van de beste vliegers worden de eieren verlegd. Voor eigen gebruik worden maximaal 60 jonge duiven gekweekt. De fondduiven moeten volgens Hubert onder andere compact zijn, een rijk gekleurd oog bezitten, evenwichtig in de hand liggen en een heel zachte pluim hebben. De zachte pluim heeft ook te maken met de voeding: elke duif krijgt hier iedere dag een koffielepel witzaad.

Vlieg- en voersysteem
Riet en Hubert spelen zowel met weduwnaars als met nestduiven. De weduwnaars krijgen voor een inkorving nooit hun duivin te zien, waardoor ze altijd heel rustig de mand in gaan. Hubert ziet in een goede band tussen duif en liefhebber de grootste motivatie voor de duiven. Op hun hokken is Riet verantwoordelijk voor die goede band met de duiven: zij kan lezen en schrijven met de duiven! Hun duiven zijn dan ook heel tam. Als voorbereiding op het fondseizoen worden de duiven ongeveer 5 of 6 keer zelf weggebracht voor een trainingsvlucht . De afstand van die vluchtjes gaat van ongeveer 60 tot ongeveer 160 kilometer. Daarna gaan ze mee op vluchten van 300 tot 400 kilometer. Hubert en Riet korven de duiven voor die vluchten in bij hun eigen afdeling of bij een vereniging in de Belgische of Duitse grensstreek.
Voor Barcelona en Perpignan krijgen de duiven een dag of vier voor het inkorven een trainingsvlucht van circa 100 kilometer en dan krijgen alle duiven hun duivin. Van verduisteren en bijlichten van de duiven wil Hubert absoluut niets weten, omdat dat onnatuurlijk is en aan zoiets wil hij beslist niet meedoen. Welke duiven als getekende de mand in moeten, wordt bekeken door observatie van de duiven. In het hok is het Riet, die kijkt welke duiven het felste zijn en zich anders gedragen (gedragsveranderingen zijn vaak een teken dat de forme er is). Tijdens de trainingen is het de beurt aan Hubert om de duiven te observeren. Hubert geeft ruiterlijk toe, dat ze er vaak genoeg goed naast zitten met het aanwijzen van hun getekende duiven. De duiven worden zo vaak de gelegenheid gesteld om een bad te nemen ( 2 tot 3 keer per week), dat ze bijna zwemvliezen krijgen. Het voeren houden ze hier zo simpel mogelijk: altijd hetzelfde voer.
Zij geven hun duiven de mengeling van het Duitse Spinne, dat wordt aangevuld met ongeveer 25% Wal Zoontjens van Beyers. De hoeveelheid Zoontjens is afhankelijk van het weer en de temperatuur. Hubert is zeer te spreken over het voer van Spinne, want het heeft een hele hoge en vooral steeds constante kwaliteit. Naast het voer krijgen de duiven veel pinda's (ook van Spinne). Om te illustreren hoeveel pinda's de duiven krijgen: van begin maart tot nu (eind juni) hebben de ongeveer 170 duiven al 50 kilogram pinda's verorberd.
De duiven trainen twee keer per dag. Eerst de weduwnaars - afhankelijk van de temperatuur - omstreeks 07.30 uur en om ongeveer 17.00 uur.
De weduwnaars trainen steeds een uurtje. Na de weduwnaars gaan telkens de nestduiven allemaal tegelijk los voor een training van ongeveer 45 minuten.

Medische begeleiding
Hubert probeert zijn kolonie gezond te houden door zelf de ogen en oren goed open te houden en als er dan een keertje iets aan mankeert is het zaak heel snel en adequaat te reageren. In een dergelijk geval wordt direct de Belgische in duiven gespecialiseerde dierenarts Vincent Schroeder uit Bilzen geconsulteerd.
De dierenarts bepaalt dan wat er moet gebeuren. Ongeveer drie weken voor de eerste overnachtvlucht neemt Vincent Schroeder een keeluitstrijkje bij de duiven en stuurt dat naar de universiteit van Gent voor een bacteriologisch onderzoek. Het laboratorium maakt dan tevens een computeruitdraai tegen welke medicijnen, de duiven resistent zijn en welke antibiotica wel effectief is tegen de eventueel gevonden bacteriën. Het grote voordeel van deze aanpak is dat men niet blind hoeft te kuren.
De duiven krijgen regelmatig vlierbessensap om zo luchtwegproblemen en adeno te voorkomen. Hubert en Riet werken veel met natuurproducten voor hun duiven. Riet drinkt zelf ook elke dag een glas vlierbessensap. De duiven krijgen elke dag appelazijn in het drinkwater, want dat is een natuurlijk product tegen het geel.
Hubert vindt het ook heel belangrijk, dat een duif, die afgevlogen thuis komt van een overnachtvlucht, zo snel mogelijk door de dierenarts wordt onderzocht.
Samengevat: alleen dan antibiotica geven als er geen andere wegen meer open zijn om een besmetting de baas te worden. Hubert en Riet laten in de voorbereiding naar een overnachtvlucht niets aan het toeval over en tijdens ons gesprek kwam Vincent Schroeder, de duiven die drie dagen later ingekorfd moesten worden voor Barcelona, nog eens controleren.
De duiven waren allemaal goed in orde met uitzondering van de duif, die er het beste op stond, die had iets geel. Vincent Schroeder schreef haar twee pilletjes voor en ze kan zonder problemen mee naar Barcelona.


Prestaties van de laatste jaren

Er waren niet direct overzichten beschikbaar met alle topprestaties, maar de volgende titels en overwinningen werden zo uit de mouw geschud.
2007
Keizer van de grote fond ZLU
2007 1e fondspiegel categorie 8
1998 Nationale marathonkampioen
1994 1e Challenge Mediteranee Marseille - Barcelona internationaal van Club Fond Wallonie Fleurus
1e van de 10 eerste getekenden Europese Marathon
2x Europamarathon gewonnen
2x Pyreneeencup gewonnen
7x laureaat geweest (o.a. 2x 2e)
1e internationaal Marseille duivinnen
1e nationaal Dax ZLU
1e nationaal St. Vincent ZLU 63 duiven in de eerste 25 nationaal en 133 in de eerste 100 nationaal op overnachtvluchten.
5x Winnaar van Totaal klassement Fondspiegel ZLU telkens over 3 jaar.
5x Winnaar van categorie 6 Fondspiegel ZLU
2 x 1e, Asduif Fondspiegel ZLU telkens over 5 jaar.
1x 2e, Asduif Fondspiegel ZLU over 5jaar, met 1 jaar minder gespeeld.
1x 1e Asduif Fondspiegel Nat. over 5 jaar middaglossing.

Doelen voor de toekomst
Op deze vraag kreeg ik een voor mij onverwacht antwoord: "Stoppen met de duiven." Hubert bekijkt van jaar tot jaar of hij nog door wil gaan met de duiven. Wat Hubert en Riet willen is altijd zo goed mogelijk proberen te spelen. Een 1e (Inter)nationaal winnen van Barcelona blijft de ultieme droom. Zij hebben heel veel respect voor de mensen, die elke week met een mandje duiven naar het lokaal komen en op de lossingsdag maar gaten in de lucht staan te staren. Dat zijn volgens Hubert betere liefhebbers dan hij zelf.

Ten slotte
Ik was deze keer te gast bij een stel liefhebbers, die allebei tussen de duiven zijn opgegroeid en die er alles aan doen om hun duiven zo optimaal mogelijk op de vluchten voor te bereiden. Mensen, die alles voor hun duiven over hebben en die gezien het vele verrichte werk dan ook deze nationale overwinning verdienen. Als men dan nog bedenkt dat ze na hun start in 1982 twee keer opnieuw zijn moeten beginnen: in 1990 werden er duiven bij hen gestolen en in 1998 werden na een fantastisch seizoen, dat bekroond werd met de nationale marathontitel, al hun kwekers gestolen, dan dwingen hun doorzettingsvermogen en de behaalde prestaties nog meer respect af. Vanwege deze twee onverkwikkelijke voorvallen, worden er bij deze reportage dan ook geen foto's van de hokken geplaatst. Hubert en Riet, nogmaals van harte gefeliciteerd met deze nationale overwinning en veel succes voor de komende vluchten.