Zoeken

Franky Appelmans (Neerpelt, BE) wint nationaal Guéret jaarlingen

Guéret werd een heuse voltreffer voor de provincie Limburg. Zo vielen de nationale winsten bij de oude en bij de jaarduiven in het oosten. Straffer nog, in dezelfde gemeente: Neerpelt! Wind en ligging waren weer bepalend, maar Dame Fortuna richtte haar gelukspijlen af op Franky Appelmans (jaarlingen) en het echtpaar Van Hertem-Schuurmans (oude).


Franky (r) met Lisette (l) en Henri (m) van de tandem Van Hertem-Schuurmans

In de grond

Met vermoeide ogen en wat schor staren Franky en Monicque vol trots naar hun winnende duif die de afgelopen dagen voor menig camera heeft 'mogen' poseren. “Voor hetzelfde geld lag ze al in de grond en stonden we hier niet te pronken”, verrast Franky.

Zuur verdiend

Appelmans is al vier decennia duivenman. De buren, Van Hertem-Schuurmans, vertrouwen ons toe dat hij ‘nen echte’ is. “De drive om te winnen is groot”, zegt Lisette Schuurmans. Aan zijde van vader Appelmans, een vitesser pur sang, liep hij enkele jaren mee. “Maar twee kapiteins op één schip, dat marcheert niet”, weet de krantenwinkeluitbater. De eerste vijf jaren liep hij min of meer in het gareel bij pa, maar met zijn zuur verdiende centjes kocht hij op vijftienjarige leeftijd zijn eigen hokje van zes meter. “Dát was een verademing: mijn eigen til, eigen duifjes en bovenal eigen baas”, proest hij.

Zo ging hij op een ferme steenworp, bij buurman Georges Cornelis, duiven halen. De echte duivenstiel werd hem bijna dagelijks ingefluisterd door Cornelis die Franky vormde in zijn duivenmelker-zijn. “Een wijze raad die hij me meegaf tijdens mijn snelheidsspel: Elk boontje op zaterdag is een plaats achteruit op zondag.” Eén zoete herinnering zal hem immer bijblijven: “Ik speelde een eerste plaats Quiévrain aan 2.020 meters per minuut.”


Oog van de nationale winnares uit Guéret bij de jaarlingen

Rondzwerven en afbreken

In juni studeerde hij af en in september begon hij te werken. Ondertussen gehuisvest in Roosdaal als 22-jarige snaak werd daar de sport verdergezet, nu met het accent op de halve fond. Wisselende successen, maar steeds goed spelend werden de ambities ingelost. Appelmans speelde voorts nog twee succesvolle jaren samen met Jo Rosyn, gekend van zijn nationale titel op de fond. “Rosyn en ik, dat zijn twee handen op één buik”, mijmert hij. Ook nu nog zijn de vriendschapsbanden intens. Zo verhuisden in 2012 nog zo’n 70-tal jonge duiven naar Neerpelt. “Ook dit seizoen heb ik er 30 gekregen.” Samen kweken, ruilen, ... schaalvergroting met kwaliteitsduiven is niet vreemd voor Appelmans. Met succes zo blijkt.

Ondertussen startte Franky met een krantenwinkel in het station van Tienen. Maar omdat het te prijzig was om daar te wonen, week hij uit naar Hannuit. We schrijven anno 2002. Al snel verrees in het Luikse een duivenhok. Deze zoveelste herstart was wederom goed. Getuigen daarvan zijn de zes provinciale titels, met als exploot de eerste vijf prijzen op Bourges! Een verre gebuur ‘verklikte’ Franky bij de Regie de Wallonië dat de hokken zonder vergunning waren opgetrokken. Onbuigzaam viel het verdict: afbreken!

De duiven werden verkocht, maar de Meerbekenaar bleef niet bij de pakken zitten. Hij zocht en vond opnieuw een duivenpartner. Ditmaal was Paul Malcorps (Landen) de medekrijger van dienst. “Paul is een zalige kerel. Hij speelde links op de hokken en ik kreeg de rechterkant.” In 2009 had Franky nog de achtste beste Belgische duif op Bourges en Argenton, de 404/09. De vriendengroep werd groter. Zo kwam hij in contact met Maurice Pierquet en Danny Roggen. “Mannen van goudwaarde. Als deze mensen er niet voor me waren, dan was het zo goed als onmogelijk om met de duifjes bezig te zijn”, erkent hij zijn maten. Kers op de taart in deze periode is de achtste stek nationaal op Bordeaux.


De accommodatie ten huize Appelmans

Starten, stoppen en herbeginnen

Niet alleen de duiven waren succesvol, ook Cupido kwam achter zijn wolk piepen en Appelmans volgde zijn duivinnetje naar Neerpelt. Opnieuw werden de duiven verkocht en werd er in Neerpelt naarstig doorgewerkt om de huidige hokken op te trekken. “Mijn schoonvader en buurman Henri Van Hertem hebben onmenselijk hard gewerkt om het rond te krijgen, ik ben ze eeuwig dankbaar voor hun labeur.”

In 2012 kwamen er duiven te zitten van onder andere Rosyn en Malcorps. “Vorig seizoen was een vre-se-lijk rotjaar”, zegt Appelmans. De aartsgevaarlijke adeno richtte een slagveld aan. De youngsters werden fel uitgedund en kregen slechts een viertal Chimay’s onder de vleugels. “Allesbehalve een ideale voorbereiding.”


Franky op de hokken te Neerpelt

Wisselvallig

Seizoen 2013 werd ingeluisterd met zo’n dertig koppels jaarduiven op totaal weduwschap. Ter motivatie en bakvastheid mochten ze kort broeden. In het jonge duivenhok zitten, netjes per reeks, zo’n 150 exemplaren. Appelmans heeft naar eigen zeggen nog nooit zo slecht gespeeld tot voor deze Guéret. Hij legde zijn oor te luisteren bij vaste dierenarts Raf Herbots, maar er werd enkel vastgesteld dat de conditie ontbrak. Franky werd uitgedaagd om geduld te hebben. Naarmate het weerbeeld positief evolueerde, waren de prestaties ook in stijgende lijn. “Maar goed dat ze wat beter kwamen, want anders had ik het hakbijl boven gehaald en werd alles op de jonge duiven gezet.”

Monicque doet het

De jaarlingen werden dus niet gekapt en kregen het Limburgse programma voorgeschoteld: Chimay, Laon, Vervins, Melun, Montluçon en Gueret. Door de krappe voorbereiding als jonge duif merkte hij wel dat ze nog niet supervlot vielen, maar hij kreeg terug vertrouwen in zijn jaarduiven. Dat vertrouwen werd niet beschaamd. Dertien duiven vertrokken naar Guéret in de allerbeste conditie die hij ooit vaststelde bij zijn duiven. De winnende duif, gedoopt naar het vrouwtje Monicque, ging als vierde inzet mee en bezorgde de familie Appelmans de lauwerenkrans. “Deze 508/12 werd gekweekt door Malcorps en werd gratis verkregen”, zegt hij trots.
In haar afstamming vinden we langs vaderszijde de gebroeders Herbots (Halle-Booienhoven) en langs moederszijde Danny Roggen (Landen).


Franky en Monicque

Oog en pluim

Franky is een no-nonsensman: het is wit of zwart en hij eist van zijn duiven dat ze kop vliegen en winnen. Platte prijsvliegers zal je hier niet rap vinden. Bij Hofmann leerde hij de ogentheorie. Deze methode past hij steeds toe. “De ogen moeten een onuitgesproken winnaarsmentaliteit hebben, gepigmenteerd en gecirkeld.” Hiernaast hecht hij superveel belang aan de zachtheid van de pluimen. Geen krakende of piepende pennen, maar boterzacht.

Vuistkloppend

Zaterdag, de dag van de lossing, werd het orakel in Franky wakker. “Rond negen uur ’s morgens klopte ik op tafel en zei tegen Monicque: Vandaag, awel vandaag ga ik nationaal winnen. Ze hebben nog nooit zo goed aangevoeld!” Net na het middageten, de provinciale Gien was toen al gevallen, gingen ze wachten op de duiven van Guéret. Ze stonden nog maar juist buiten toen het duivinnetje, wat uit de lijn, kwam aangespurt. “Ze raakte maar heel even de plank en toen weerklonk het biepje…” Om 12:41:14 en aan 1824,64 mpm ging de ultieme duivendroom in vervulling: nationale winst!


Nationale winnares op het hok

Geen seks en bedankt

Omdat hij ’s morgens steeds vroeg uit de veren is en pas rond drie uur ’s middags terug landt in Neerpelt heeft hij grote steun aan zijn Monicque. “Het uitlaten, binnenroepen, eens krabben, … Ze doet het allemaal met de gulle lach.” Zo krijgen de jaarduiven elkaar niet te zien voor de inkorving wegens geen tijd. Bovendien korft hij graag zijn duiven rustig in. “Als ze vol ‘goesting’ worden ingemand, dan zijn ze al pompaf eer ze moeten vertrekken.”

Appelmans realiseert maar al te goed dat vele mensen hem in het verleden tot de dag van vandaag hebben geholpen. Natuurlijk is er een gezonde concurrentie, maar Franky is mens genoeg om de zegebloemen te delen met iedereen die hem helpt. “Dat is ook mooi aan deze sport, zowel voor de kleinen als voor de groten.”

Reacties

very sympathetic, congratulations

Proficiat met deze mooie overwinning. Wat een drive om telkens opnieuw te beginnen,mooi beloond met deze overwinning

Conaert Gerry