Zoeken

Een vorm van selectie - deel I

Met het verstrijken van de maand september zit het normale en met het einde van oktober het abnormale speelseizoen voor 2012 er weer eens op. Men zou dus kunnen veronderstellen, dat na ruim een half jaar inspanning, melker en duiven aan rust toe zijn en de liefhebber nu enkele maanden kan profiteren van volkomen rust en ontspanning.

Die mening gaat echter in het geheel niet meer op, omdat enerzijds in herfst en winter voor de duiven volledige rust geboden is, maar de liefhebber anderzijds als goede begeleider van zijn duiven het hele jaar door met zijn hobby moet bezig blijven. Zodoende moet de melker van die zogenaamde inspanning een doorlopende ontspanning zien te maken.
Ook in de komende stille maanden mag de aandacht voor onze vogels geen moment verslappen, omdat juist in deze tijd al de basis dient gelegd te worden voor kweek en spel van het komende seizoen.
Zo vraagt ook nu de totale hokbezetting onze speciale aandacht, omdat overbevolking -ook in deze tijd zonder kweek of spel- een ernstige handicap betekent voor de duiven die er nu huizen. Op een goed geleid hok wordt het hele haar door geselecteerd, maar nu vooral op dit tijdstip van het jaar dient nog eens met Argusogen bekeken te worden wat werkelijk overbodig is en dus kan gekapt worden.
Uitstel tot na de rui betekent vaak afstel omdat de beestjes er dan op hun Paasbest voorkomen en in hun nieuwe pakjes even verleidelijk zijn als een mooie jonge vrouw.

In dit verband is een stipt bijgehouden boekhouding nog altijd een veilige en neutrale raadgever die met harde hand alle gevoelsargumenten opzij zet. Bij het opmaken van de balans is het dan eigenlijk een koud kunstje om elke duif op haar werkelijke waarde te beoordelen. Als we daarbij aanhouden, dat onze duiven welke 50% prijs vlogen (1 op 4) en deze van 20% (1 op 10) zonder meer mogen blijven, dan zitten we op de goede weg. Als er dan van de rest hier en daar slechts een enkeling om bijzondere reden en als proef op de som nog een kans krijgt, dan zitten we nog beter. De praktijk zal dan wel uitwijzen, dat we na enkele jaren bij normale kweek een gemiddelde kunnen halen van 40% voor de totale bezetting aan vliegers.
Bij onze veelvuldige bezoeken aan hokken die al jaren aan een stuk goed spelen en normaliter telkens tot de kampioenen behoren, stellen we telkens vast dat waar er in een sterk samenspel van behoorlijke omvang wordt deelgenomen er een vol seizoen circa aan 50% prijs wordt gespeeld.
Alles is natuurlijk zeer relatief en als wij wel eens hoorden of lazen van hogere percentages dan moesten wij daarbij telkens denken aan het bekende straatjesspel, aan prijzen 1 op 3 of zelfs 1 op 2 of aan een erg zwakke concurrentie. Met zo een zoethoudertje maken we ons zelf iets wijs en daarom dienen we voor een gedegen selectie ons te blijven richten naar een solide maatstaf van een normale prijsverdeling van 1 op 4 en zelfs 1 op 5 bij vluchten in groter verband.
Volledigheidshalve dienen wij hierbij op te merken, dat wij het hier hebben over duiven welke het normale programma afgewerkt hebben. Naargelang de afstanden die worden gespeeld en de persoonlijke begeleiding kan dat natuurlijk van hok tot hok merkelijk verschillen.
Wat betreft de doenwijze van de kampioenen die kampioen willen blijven, kunnen we u wel vertellen dat ze zeer zuinig omspringen met belovende duivertjes als jong en jaarling en dat deze pas voluit worden gespeeld op tweejarige leeftijd. De selectie als hierboven omschreven geldt er dus voor de tweejaarse en oudere vliegers.
Wat betreft de boven geciteerde enkelingen, welke niet voldeden aan de gestelde opgave en ondanks dat toch de dans ontsprongen en nog een kans krijgen, voor hen dient er werkelijk een bijzonder excuus te zijn en dienen ze nauwlettend in het oog gehouden te worden.
Zo kunnen we bijvoorbeeld onderstrepen en bijtreden dat voor afstammelingen uit een bewezen kweekkoppel meer tolerantie getoond wordt. Hierbij een voorbeeld dat wijzelf hebben meegemaakt:
Op het einde van vorige eeuw kweekte een internationale kampioen uit bak 5 van zijn kweekhok een piekfijne en kerngezonde duiver, die als tweejarige in het jaar dat hij zich diende waar te maken, ver achter bleef bij de prestaties van zijn broers. Op het einde van het seizoen verhuisde hij naar het kweekhok waar hij de volgende jaren samen met zijn duivin in bak 12 steeds iets goed in de schotel deponeerde. Die bewuste bak 12 is zodoende echt een verlengstuk geworden van bak 5, zodat ook hieruit momenteel diverse afstammelingen op het hok van vermeld kampioen rondlopen.
In dit verband willen wij ook nog eens wijzen op de goede gewoonte om op geregelde tijdstippen duiven te ruilen met bevriende melkers. Buiten het grote voordeel van constante aanvoer van vers bloed, kunnen dan ook experimenten over en weer op ruimere schaal toegepast worden. Behalve op eigen hok kan men dan gelijktijdig op een ander hok de resultaten bekijken en daaruit dan weer ervaring opdoen voor opbouw en instandhouding van een gedegen stam.
Wij kunnen u verzekeren, dat u op die manier heel wat extra voldoening en prettige ervaringen kunt opdoen. Dat is echte duivenliefhebberij op zijn best, omdat gedeelde smart maar halve smart, maar gedeelde vreugde ook dubbele vreugde is!

Reacties

Inderdaad: gedeelde smart is halve smart en GEDEELDE VREUGDE IS DUBBELE VREUGDE!
Weg met egocentrisme! Tot op heden heeft wat de duivensport betreft, NIEMAND DE GEHELE WAARHEID IN PACHT!
En maar goed ook! Zo blijft de duivensport-microbe bij alle lagen van de bevolking levend ! Very Happy Velen zijn gezegend met een groot duiventalent en kennen en weten heel wat meer dan de modale liefhebber...Kunnen dus ook héél wat meer met hun duifjes wat prestaties neerpoten betreft. Maar "gelukkig" blijven we nog steeds afhankelijk van veel medefactoren na het in de grote mand deponeren van het prijsbeestje! Baasje kan niet meevliegen!(Nog niet Laughing )
En niet elke "goede" kweekkoppel levert telkens "goede" jongen!Of lukt dat bij jullie echt allemaal zoveel beter?
Men mag al blij zijn er eens ene te hebben die telkens kopprijzen bijeen vliegt en daar streven we toch allen naar?
WAW DEZE LAATSTE ZINNEN VAN DE TEKST: Exclamation
"In dit verband willen wij ook nog eens wijzen op de goede gewoonte om op geregelde tijdstippen duiven te ruilen met bevriende melkers. Buiten het grote voordeel van constante aanvoer van vers bloed, kunnen dan ook experimenten over en weer op ruimere schaal toegepast worden. Behalve op eigen hok kan men dan gelijktijdig op een ander hok de resultaten bekijken en daaruit dan weer ervaring opdoen voor opbouw en instandhouding van een gedegen stam.
Wij kunnen u verzekeren, dat u op die manier heel wat extra voldoening en prettige ervaringen kunt opdoen. Dat is echte duivenliefhebberij op zijn best ! " Exclamation
DuivenLIEFHEBBERIJ op z'n best! Daar streven we toch allen naar???
Groetjes aan iedereen
en een goede rui toegewenst!
Van jullie PLUIMENBOLLEN dan wel bedoel ik he ! Laughing