Zoeken

De kwaliteit van de pluim

De mens heeft in de geschiedenis steeds geprobeerd dieren en planten te veredelen door een bestudeerde fok of teelt. Onze voorouders en wijzelf doen dit ten bate van onze eigen behoeven.

Wij hebben in zekere zin de natuur geforceerd om produkten voort te brengen die overeenstemden met onze verlangens. Een heel kunstig denkwerk op  zichzelf, een taak die generaties en generaties omvatten.

Een soort veredelen vraagt een algemene inzet van het menselijke brein. Iets nieuws of gewoon maar iets beters telen vergt een studie, een inzet van alle  vermogens waarover men beschikt. Wij bouwen op alles wat onze voorouders reeds verwezenlijkt hebben.

Er schuilt bovendien ook een plicht in deze opdracht, een verantwoordelijkheid die wij dragen ten opzichte van hen die het reeds zo ver wisten te brengen voor ons en tevens een verplichting ten overstaan van de medemens. Ook omvat dit werk een persoonlijke zelfvoldoening, een aspect waarvoor de mens uiterst gevoelig is.

Met een doel voor ogen kweken is voor alle genres punt nummer één op het programma. Nemen wij als voorbeeld een konijn. Ja, zult u misschien denken, wat is daar nu voor een kunst aan? Meer dan u op het eerste gezicht zult denken. Bij deze fok zijn er twee doelstellingen namelijk enerzijds de produktie van het vlees, dat is in vele gevallen doel nummer twee of zelfs doodgewoon bijzaak. Immers, de echte fokker van rassige konijnen heeft wat anders op het oog en dat is de kwaliteitsvolle pels. Daar zijn ook al vele boeken en artikelen over geschreven, een bewijs dat dit niet zo maar te verwezenlijken is. En om bij onze duif te belanden is het zo dat wanneer wij een extra zachte pluimage betrachten, de kweker van konijnen een uitzonderlijke pels op het oog heeft. Een pels die niet alleen zo zacht mogelijk moet zijn maar die bovendien een grote dichtheid van haar bezit met een zo dik mogelijke laag dons of onderhaar, kort haar dat je zo op het eerste gezicht niet ziet. Het zit onder het lange haar verborgen. Om dit te kunnen waarnemen moeten we even tegen de groeirichting in over de pels wrijven. Het is een verrassend beeld voor iemand die leek is in dat soort dingen. Ja, onder de zichtbare haren zit een wonderlijke wereld verborgen. Een eigenschap die slechts met veel geduld verkregen kan worden en waarvoor men nog een groter kunstenaar moet zijn om dit te behouden als kwalitatieve eigenschap. Bovendien gaat het hier om een hele industrie die met het verwerken van deze pelzen bezig is. De stad Lokeren, waar ik woon, is voor deze tak uiterst gespecialiseerd. Zo, hierbij houden we het dan maar. Laat uw gedachten nu even overstappen naar de pluim van onze duiven.

Ik hoef u nu toch niet meer te gaan overtuigen dat de uitstekende pluim, de zachte, de fijnste, de soepelste pluimage doel nummer één is bij de fok van  reisduiven. De kwaliteit van de pluim hoog houden en deze kwaliteit vast leggen in de stam is de eerste taak van de duivenmelker die raceduiven kweekt. En het gaat er hem dan niet alleen om die eigenschap te bewaren. Het principe dat bovendien op het programma staat is deze kwaliteit nog te verbeteren. Een hele opgave dus, en bedenk dat wij het nu alleen bij dit ene doel houden.

Het is verbazingwekkend wat wij allemaal kunnen vaststellen met alleen dit aspect van de zaak. Ga eens naar de tentoonstellingen en zeg mij of u niet alleen door te kijken een verschil kunt vaststellen in de kwaliteit van de pluimage die er ten toon staan.

Ga eens naar enkele openbare verkopingen en voel, en spits uw tastzintuigen alleen toe op de pluim van de duiven. Ik ben er zeker van dat u na  oefening allemaal tot een zeker verschil in kwaliteit zult komen. Het is merkwaardig hoezeer de pluim op één en hetzelfde hok kan variëren. Niemand kan alles ineens waarnemen. U moet zich trapsgewijze oefenen. Het is onmogelijk om dit te beschrijven op papier. U moet het voelen, aanvoelen in uw eentje en de bevindingen toetsen aan uw eigen duiven. Uw eigen hok is het enige goede vergelijkingspunt dat u hebt. Het gevoel van uw eigen duiven zit goed in uw geheugen geprent. Omdat deze kwaliteit de eerste en de belangrijkste is na de stamboom, zal ik elke beginneling of elke liefhebber waarbij het niet gaat aanraden om de pluimen te vergelijken. Leer de pluimen kennen, leer het voor al de rest. Het heeft geen zin om met alles ineens te willen beginnen. Ik neem er zelfs de vleugel niet eens bij, noch ogen noch spieren. Te veel is te omslachtig. Het ene na het andere. Op school heeft men u toch ook niet alles ineens bijgebracht! Duiven leren kennen vraagt een beetje tijd en een beetje inspanningen. De perfecte keel is het laatste wat u moet leren kennen.

Drie jaren aan een stuk heb ik alle verkopingen afgelopen om alleen maar de duiven te zien, te voelen en om veel te luisteren naar hen die naast mij stonden, zonder op te vallen, alleen maar met gespitste oren. Ik heb veel gezien, veel gehoord en veel ondervinding opgedaan. Thuis hebt u alleen uw eigen duiven, of uw eigen konijnen.

Ik herinner mij toevallig nu een aardige man uit mijn jeugd, bijgenaamd 'de kruk' omdat hij inderdaad gehandicapt was. Maar, het was een prima kenner van konijnepelzen die hij van ons kocht. Ik zie hem dit nog doen. Hij gleed met zijn armen over de pels, streek daarna de handpalmen over rug en buik en flanken en gromde eens als de kwaliteit hem heel goed geviel. De waarde varieerde tussen vijf en vijftien franken, en soms ging hij zelfs tot twintig.

U moet niet vragen welk een enorm verschil deze specialist vaststelde. Zo ook is er een enorm verschil in kwaliteit tussen de ene duif en de andere. Deze kwaliteit heeft niets te maken met het model. Het heeft niets te maken met groot of klein. Het is nu eenmaal zo dat de ene duif betere pluimen heeft dan de andere, en zelfs beter gepluimd is (denk aan het onderhaar bij het rassige konijn). Het is een noodzakelijke eigenschap om beter dan een andere duif door de lucht te glijden. Duiven zijn vogels die door alle weer en wind de luchten moeten doorklieven om het snelst. Hoe minder weerstand ze daarbij ondervinden, hoe sneller ze ook vooruit gaan met een minimum aan energie. Dat is het hem nu eenmaal. Wij kweken wedstrijdduiven! Vogels die om het snelst moeten vliegen. Hierbij zijn zij altijd afhankelijk van de kwaliteit van de pluimen. Hoe minder de weerstand is, hoe sneller de voortbeweging, dat is zo klaar als pompwater. Superstars zoeken wij om te kweken.

Hoe zachter, hoe zoeter, hoe fijner, hoe brozer, hoe beter de luchtstromingen overwonnen worden. Hoe soepeler, hoe veerkrachtiger, hoe minder de  afwijking door de winden. Hoe dichter op elkaar gekleefd, hoe beter bestuifd met vettige bloem, hoe meer bestand tegen vochtige lagen. De pluim is op alle gebied een kunstwerk dat geen mensenhand heeft kunnen namaken. De natuur alleen beschikt over deze kunst. Het is een stukje architectuur dat alleen zij met al haar onbeschreven machten kan voortbrengen. Wij kunnen alleen maar een handje toesteken en met al onze vermogens trachten het toppunt door de kweek te bereiken. Alle overwinnaars zijn uitzonderlijk gepluimd. Noteer van uw jonge duiven of zij beter gepluimd zijn of niet dan de oudjes. Schiften op de kwaliteit van de pluim is doel nummer één.