Zoeken

Verslag nationale statutaire en buitengewone algemene vergadering KBDB vrijdag 14-02-2020 UPDATE

Vrijdag 14 februari 2020 stonden de eerste statutaire nationale algemene vergadering en de buitengewone nationale vergadering van de KBDB op de planning van de bestuursploeg in Halle. Hierbij een uitgebreid verslag.

 

De vergaderingen gingen om 10 uur van start. Nationaal voorzitter Pascal Bodengien opent de NAV met een krachtig statement:
Bij de verkiezingen werden veel nieuwe leden mandatarissen verkozen. Enkele stenen bleven rechtstaan, en die zorgen voor problemen door onrust te stoken tussen de mandatarissen. Het continu zoeken naar zaken die er niet zijn, brengt de KBDB in de problemen. Wij (leden NRvBB) hebben geen stemmen geronseld, jullie hebben ons een mandaat gegeven om hier in de Nationale Raad van Bestuur en Beheer (NRvBB) te zetelen. Mensen die ons in een slecht daglicht proberen te stellen moeten eens goed nadenken. Want dat kost ons enkele rechtszaken en de kosten voor een advocaat. Wij kunnen bewijzen dat we wel degelijk goed bezig zijn. Al hoor ik van de critici niets over de zaken die we op goed 11 maand al gerealiseerd hebben.

Klare taal!

Jurisch adviseur Dominique Charlier nam daarop het woord bij de start van de buitengewone nationale algemene vergadering. Hij gaf uitleg bij de wetswijzigingen en de gevolgen dat deze hebben voor de KBDB, de Algemene Vergadering en bij de mogelijke wijziging van de statuten die op de agenda stonden.

Alvorens de voorstellen van de wijzigingen aan de statuten werden behandeld liet mandataris Rudi Joosens noteren dat deze vergadering niet rechtsgeldig was, en hij voor geen enkel punt op de agenda kon verantwoordelijk gesteld worden. De heer Joosens had ook een volmacht van afwezig mandataris Gino Houbrechts. Hij onthield zich bij quasi alle stemmingen gedurende de rest van de vergadering (of stemde  'tegen').

Er werd heftig gedebatteerd over enkele voorstellen tot wijziging van de statuten. Zo onder meer over het voorstel van de SPE Luik/Namen/Luxemburg die een wijziging van Art. 22§3 hadden ingediend, om ook de leden van het nationaal sportcomité (als waarnemer) toe te laten op de NAV. Mevrouw Francine Lageot verklaarde dit voorstel, omdat in de NAV niet altijd correct op tafel komt wat in het NS is beslist. Waarop Rudi Joosens het voorstel deed om alle leden van het NS ook te laten zetelen in de NAV. Fons Bruurs gaf daarop repliek en stelde voor om gewoon het NS af te schaffen, omdat tal van punten in de NAV toch nog uitgebreid bediscussieerd worden, waardoor de NAV meteen direct zou kunnen beslissen. Juridisch adviseur Dominique Charlier suste de gemoederen door te stellen dat de KBDB een nationale sportieve organisatie is, waarin een sportief comité dus gerechtvaardigd is. Rekening houdend dat België opgesplitst is in 2 landsgedeelten, waarin de gewesten inspraak hebben in de sport op provinciaal en regionaal vlak, kunnen we de politiek wat kalmeren met de stelling dat we een NS hebben (met 5 Vlaamse en 5 Waalse leden) waarin 1 vertegenwoordiger per provincie zetelt. Een scheef getrokken situatie volgens Fons Bruurs met 15.000 Vlaamse duivenliefhebbers en 3.000 Waalse, waardoor de verhouding 8/2 zou moeten zijn. Niet nodig volgens de heer Charlier omdat het de NAV is die de eindbeslissing heeft, en daar is deze verhouding aan mandatarissen wel gerespecteerd. Waarop dit voorstel werd gestemd en niet weerhouden.

Ook het voorstel vanuit de PE Vlaams-Brabant tot wijziging van Art. 35, lokte heftige discussie uit. Volgens Provinciaal voorzitter Rudi Joosens zijn de Vlaams-Brabantse mandatarissen verkozen door de leden van hun provincie. De provincie kan dus niet worden overgenomen door mensen die niet tot de provincie behoren. De NRvBB kan een beslissing van de provincie schorsen, maar niet een provincie overnemen. Juliaan De Winter benadrukte dat dit Art. 35 reeds uitvoerig werd bediscussieerd op de NAV van oktober 2019, zodat het niet nodig was daar nu nog eens uitvoerig op in te gaan, op gevaar dat de NAV zichzelf zou tegen spreken. Waarop voorzitter Pascal Bodengien het woord nam met de stelling dat de KBDB genoeg zaken te doen heeft, zonder dat ze zich nog moeten gaan moeien in een provincie. Enkel in noodgevallen of uitzonderlijke omstandigheden. Het is niet de bedoeling dat we ons constant met de provincies gaan bezig houden, er zijn genoeg mandatarissen om hun provincie correct te leiden. Had Vlaams-Brabant een extra 3e mandataris aangeduid ter vervanging van een ontslagnemend mandataris, dan was die heibel wellicht niet nodig geweest. Ook dit voorstel van de PE Vlaams-Brabant werd niet aangenomen. Later op de namiddag werd de heer Eddy Claeskens benoemd ter vervanging van de ontslag nemende Gerd Schotsmans. 

De heren Jef Cuypers en Didier Tison werden bevestigd in hun taak als woordvoerder van de KBDB.

U kan de beslissingen van deze BNAV inkijken in de link naar alle genomen beslissingen op 14 februari, onderaan dit artikel.

Aansluitend werd overgegaan naar de 'eerste statutaire algemene vergadering van 2020' waar 14 punten op de agenda stonden.

Punt 1 op de agenda was de goedkeuring van het verslag van de BNAV en SNAV van 23 oktober 2019. Volgens Rudi Joosens was deze niet rechtsgeldig. 
Aansluitend stond punt 2 op de agenda, een klacht van de heer Chris De Schacht tov mandataris en Prov voorzitter PE West-Vl de heer Dany Vandenberghe omtrent de 'plichtenleer'. Deze zaak werd uitgesteld na een dispuut tussen de beide advocaten.

Punt 3-4: Toen kwam de goedkeuring van de rekeningen 2018-19 en de begroting 2019-20 op tafel. Mandataris Rudi Joosens had om en bij de 50-60 vragen ingediend omtrent dit financiële luik van de vergadering. Nationaal schatbewaarder Gert-Jan Van Raemdonck vroeg zich af waarom de KBDB dan nog censoren heeft? en richtte daarop zijn pijlen richting Rudi Joosens: ik stel mij de vraag, wanneer u deze NAV niet rechtsgeldig vindt, of we al die vragen dan nog wel moeten beantwoorden? Daarop werd de vraag gesteld aan Rudi Joosens of hij de vergadering rechtsgeldig vond 'ja' of 'nee'? Waar RJ telkens handig omheen fietste met het antwoord: deze vergadering is niet rechtsgeldig.
Een welles-nietes spelletje dat door voorzitter Pascal Bodengien kordaat een halt werd toegeroepen. Wij gaan voor een open communicatie, geen enkel probleem. Het is wel de manier waarop die mij stoort, en wanneer. We hebben hier nu 2 mensen uitgenodigd om uitleg te geven (Mevr Laurence en haar collega van het boekhoudkundig adviesbureau), die ons en onze leden een handvol geld kost. Als er roddels en onjuistheden worden verspreid, stellen deze de KBDB in een slecht daglicht. Daarom... kom naar ons (NRvBB), we geven u tekst en uitleg, iedereen is welkom. Waarop hij het woord geeft aan Mevr Laurence die de vragen bij de rekeningen van vorig jaar en de begroting voor dit jaar uitvoerig en gedetailleerd beantwoord. Waaruit blijkt dat de KBDB winst heeft gemaakt. Deze zou nog groter zijn geweest, indien bepaalde kosten uit voorgaand jaar niet waren vooruit geschoven geweest naar dit jaar.
Kort samen gevat: doordat de KBDB van plan is om het aantal nationale vluchten dat ze onder eigen beheer inricht op te drijven van 5 naar 9 vluchten wordt een grotere winst voorzien. Er is ook een verschil in kostprijs tussen WPROL en het nieuwe systeem van Bricon/Data technology, waardoor er meer budget zal zijn voor promotie van onze sport. Er worden ook meer inkomsten verwacht door herziening van contracten, minder personeel en dies meer. Zo worden de lossingsplaatsen te Quiévrain en Noyon aangepakt, en beter toegankelijk gemaakt voor de vrachtwagens. De leasingwagen die werd aangeschaft moet dienen om verplaatsingen, controles en dergelijke mee uit te voeren, om zo Km-vergoedingen uit te sparen. En het geld op de spaarboekjes (met negatieve rente) werd nu omgezet in beleggingen met laag risicoprofiel. Waarna tot stemming werd overgegaan, en zowel de rekeningen 2018-19 als de begroting 2019-20 met 17 'ja' tegen 2 'onthoudingen' werd goedgekeurd.

Punt 5: vaststelling van de bijdragen 2021.
Hier wou men niet raken aan de lidgelden voor de leden duivenliefhebbers. Wel werd de bijdrage voor mensen die verdienen aan de duivensport licht opgetrokken naar 300 € (ipv 250 €) voor de vergezellers, en 100 € (ipv 75 €) voor de lokaalhouders (zowel duivenliefhebber als niet-duivenliefhebber), zodat deze bijdrage nu gelijk gesteld is met de privé-verenigingen (in eigen beheer).

De KBDB liet ook een 'audit' uitvoeren. Waarom? Uit bezorgdheid om de financiële gezondheid van de KBDB, en de duivensport betaalbaar houden. Daarbij werd gekeken naar het verleden (hoe gebeurde het toen?), met als doel dit te verbeteren. Details wou men nu nog niet kwijt. Er worden nog feiten en gegevens verzameld, verdere uitleg zal volgen op een volgende NAV. Wel werd een voorbeeld gegeven omtrent de nationale vluchten. Daarwerden 462.576 duiven op ingezet in 2019. De kost voor WPROL bedroeg 0,484 € per duif, wat neerkomt op een totaal van 223.886,78 €. Met Bricon-Data zal dit neerkomen op 0,266 € per duif of een totaal van 123.137,73 €. Een voordel voor deze laatste van liefst 100.749,05 €

De daarop volgende punten van deze NAV hadden meer betrekking op het sportieve, en kunnen we als volgt bondig samen vatten:

Voornaamste beslissingen op sportief vlak

  • De dubbelingen provinciaal worden vanaf nu per 3-tal. De resultaten internationaal, nationaal en per zone blijven per 4-tal.
  • de dubbelingskost van 0,25 € per duif voor de dubbeling PE/SPE blijft verplicht, lokaal wordt dit ook 0,25 € verplicht, en voor alle andere (vrije) dubbelingen mag maximum 0,25 € per duif gerekend worden. Onder dubbelingen wordt verstaan: dubbelingen in een andere categorie (horizontale dubbeling: vb oude, jaarlingen, oude/jaarlingen) of dubbelingen op een andere niveau (verticale dubbeling: vb nationaal, zonaal, (inter)provinciaal, lokaal). Op de nationale vluchten zou de kost voor Bricon-Data op 0,10 € worden gehouden (voor WPROL kwam dit nog neer op 0,15 €).
  • het maximum aantal duiven per mand in aluminiummanden wordt vastgelegd op 25 duiven.
    • Vanaf 1 juni komen er verplichte chipringen voor de manueel geklokte duiven. Ook op de snelheid. Speciaal voor het scannen van de duiven over de transportband in de remorque. Ook hier ontstond een felle discussie tussen voor- en tegenstanders. Vooral over de kostprijs voor de kleine liefhebber, en het mogelijk alternatief om manueel geklokte duiven in aparte manden in te korven. Mandataris Luc De Backer deed de opmerking dat op snelheid quasi 95% van de liefhebbers reeds elektronisch constateert, omdat met manueel klokken nog nauwelijks 1e prijzen kunnen gewonnen worden gezien het vaak om een secondenspel gaat, en dit ook vele plaatsen op de uitslag kost in het verloop van de wedstrijd. Gert-Jan Van Raemdonk sloot zich hierbij aan, en maakte de NAV er op attent dat het in aparte manden steken van de manueel geklokte duiven 2 nadelige gevolgen kan hebben. Extra onvolledige manden, wat een meerkost betekent voor de lokalen... en in lokalen waar slechts 1 of 2 liefhebbers manueel klokken, kan dit leiden tot onmogelijkheid om deze duiven te spreiden over meerdere manden, wat in strijd zou zijn met het NSR en men zo onreglementair zou inkorven.
      Opnieuw kwam nationaal voorzitter Pascal Bodengien kordaat tussen. Het invoeren van de chipringen voor alle manueel geklokte duiven, heeft als doel om voortaan voor alle disciplines (snelheid, halve fond, grote halve fond, fond en grote fond) controles uit te oefenen. Hij stelde de NAV volgende vraag: gaat u akkoord dat we maatregelen nemen zodat alle duiven in om het even welke discipline kunnen controleren, of voeren we de chipringen enkel in vanaf de grote halve fond, en laten we toe dat er nog kan gefraudeerd worden met manueel geklokte duiven op snelheid en kleine halve fond? Waarop de NAV het invoeren van chipringen voor alle manueel geklokte duiven goedkeurt.
      Daarop ontstond de discussie over wie dit moet bekostigen? De firma Bricon heeft reeds een chipring ter beschikking voor dit gebruik, die 1,10 € zal kosten. Deze chipringen hebben een andere codering, en zijn NIET bruikbaar voor elektronisch constateren. Deze ringen kunnen via een speciale procedure/bestand gekoppeld worden via de master (zoals de andere chipringen), een bestand dat direct ter beschikking is van de KBDB... zodat deze ook worden uitgelezen wanneer ze worden gecontroleerd in de manden die over de transportband met platen rollen in de remorque. Een manueel geklokte duif die geen chipring draagt kan dus ook niet meer deelnemen aan een wedstrijd (vanaf 1 juni).  Wie gaat nu de kosten voor deze extra chipring voor manueel geklokte duiven moeten dragen? Na lange discussie kwamen 3 voorstellen op tafel:
      -de kost van 1,10 € wordt volledig gedragen door de liefhebber. De liefhebber kan overtollige ringen altijd terug inleveren en zijn geld terug krijgen, want deze ringen zijn altijd en door iederen herbruikbaar.
      -de kost van 1,10 € wordt verdeeld tussen de KBDB en de liefhebber (ieder 0,55 €)
      -de kost van 1,10 € wordt verdeeld over 0,50 € voor de liefhebber, 0,30 € voor de lokalen en 0,30 € voor de KBDB
      Op dit laatste kwam de vraag hoe dit realiseerbaar is? Liefhebbers zouden allen naar 1 bepaald lokaal kunnen gaan dat dan de kosten draagt, zonder dat daar ooit 1 van deze duiven wordt ingekorfd. Kan niet. Het meest logische zou zijn, dat de liefhebber dit doet in het lokaal waar hij zijn hoklijst heeft ingediend.
      Uiteindelijk werd besloten deze materie te laten beslissen door de provincies (PE of SPE), die kunnen nagaan hoe de situatie in hun PE/SPE is omtrent liefhebbers die nog manueel klokken. De provinciale besturen PE/SPE krijgen tot 4 maart de tijd om hun voorkeur tussen deze 3 opties bekend te maken aan de NRvBB. De optie met de meeste stemmen zal worden uitgevoerd. Leerduiven (ook lapduiven of reiskosten genaamd) moeten steeds in aparte manden worden ingekorfd. de huidige procedure zou ingaan op 1 juni 2020 op snelheid en kleine halve fond (en op de nationale Bourges met inkorving 28 mei voor de nationale vluchten). Tegen dan moeten dus alle manueel geklokte duiven voorzien zijn van een chipring.
  • De Minister van dierenwelzijn van Wallonië keurt de huidige nationale vluchtkalender niet goed. Haar Vlaamse tegenhanger deed dat wel, en vraagt enkel een regelmatige feedback in de loop van het vluchtseizoen. De KBDB heeft op de brief vanuit Wallonië gereageerd en wacht nu op antwoord. Wat is het probleem? Het Waals ministerie wil slechts één vlucht op de grote fond voor jaarlingen, en grote fond met een tussenperiode van 3 weken. Op de fond mag er pas om de 2 weken ingemand worden met dezelfde duif, terwijl er op de Grote Halve Fond slechts 2 weken op rij, gevolgd door een verplichte week rust mag gespeeld worden. Er zouden ook maar 3 nationale vluchten voor jonge duiven mogen doorgaan ipv de 5 voorziene op de nationale vluchtkalender 2020. De KBDB doet inspanningen op dat vlak naar Dierenwelzijn toe in het kader van de liefhebbers en het welzijn van de duif, maar wordt nu gepakt door eigen mensen (enkele namen die hierachter schuil gaan zijn gekend).
  • In 2019 werden er in totaal 182 dopingcontroles uitgevoerd. 1 daarvan met een positief resultaat tot gevolg. In 2020 komt er een andere manier van dopingcontroles. Deze nieuwe aanpak wordt nog verder uitgewerkt na vergadering met het WAC. Ook de andere manier van controleren veranderd. Er komt een andere aanpak. Op sportief vlak komen er remorques in dienst (1 is operationeel, de tweede is reeds in de begroting voorzien). Dit laat toe om ter plaatse in de lokalen reeds controles uit te voeren bij ophaling van de duiven, in de verzamelplaatsen en/of op de losplaats ter plaatse (scanning op aanwezige duiven per mand). Bij de controles zal ook worden werk gemaakt om het gedrag van de controleurs en dat van de liefhebbers zelf in goede banen te leiden.
  • aanduiding van het bevoegde laboratorium voor 2020 tot 2023 (CER Groupe Marloie) en van de plaats van onderzoek van de monsters (België).

Voorlopige beslissingen omtrent de nationale kampioenschappen 2020

  • Voor de Rhônevallei wordt er een apart kampioenschap en een aparte klassering voor de Asduif Rhônevallei in het leven geroepen. De minimumafstand voor Marseille wordt vastgelegd op 675 Km
  • De criteria voor de Asduif Allround zullen veranderen (omdat in 2019 slechts 1 duif voldeed aan de gestelde criteria). Asduif 'allround' zou nu kunnen gewonnen worden met:
    -2 resultaten op nationale Fond OF Grote Fond
    -2 resultaten op de nationale Grote Halve Fond
    -1 resultaat op de snelheid OF kleine halve fond
    Er komt ook een Asduif Allround voor jonge duiven, en dit aan volgende criteria:
    -2 resultaten op de nationale vluchten voor jonge duiven Grote Halve Fond
    -2 resultaten op de kleine halve fond jonge
    -1 resultaat op de snelheid (grote snelheid of kleine snelheid)
    Dit alles uiteraard voorlopig onder voorbehoud van goedkeuring van de huidige nationale vluchtkalender 2020
  • Voor het kampioenschap snelheid en kleine halve fond moeten de ingediende uitslagen allen uit hetzelfde lokaal/verbond zijn. Bij lokalen die naast een lokale uitslag nog een overkoepelende uitslag hebben in een verbond zal de liefhebber ook steeds het zelfde resultaat moeten gebruiken, ofwel het resultaat lokaal, ofwel het resultaat per verbond.
  • Het kampioenschap snelheid start pas vanaf 28 maart.
  • Er komt opnieuw een apart kampioenschap Fond jaarlingen en Grote Fond jaarlingen.
  • de criteria voor het aanmelden van de duiven op (inter)nationale vluchten werd (op voorstel van de PE Oost-Vlaanderen) voor alle disciplines gelijk geschakeld:

Door de onzekerheid over de goedkeuring van de Nationale vluchtkalender 2020 vanuit het Ministerie van Dierenwelzijn in Wallonië, zullen de criteria voor de nationale kampioenschappen 2020 verder worden onderzocht tegen de volgende NAV. Deze zou over 4 weken plaats vinden.

Bekijk hier de beslissingen genomen op de NAV