Willem de Bruijn, Reeuwijk (NL) is de Keizer Nationale Competitie ‘The Best of The Best’ 2010

De Nationale Competitie ‘The Best of The Best’, welke jaarlijks wordt georganiseerd door ‘Het Spoor der Kampioenen’ wordt door velen gezien als de zwaarste competitie ter wereld.

Alle duiven die aan de zware eisen voor deelname aan deze competitie voldoen zijn op zich al topduiven. In 2010 werd er gestreden in vijf categorieën. De best scorende liefhebbers op deze vijf onderdelen streden om de titel ‘Keizer van The Best of The Best’. Een prestigieuze titel die er echt toe doet! Dit keer kwam de titel terecht bij een man die we allemaal kennen, namelijk Willem de Bruijn uit Reeuwijk. Hij is de opvolger van Pieter Veenstra, die in 2009 met de spreekwoordelijke eer ging strijken. Op een zonnige voorjaarsmiddag ging onze tocht naar Reeuwijk, waar Willem net buiten het dorp samen met zijn gezin een prachtige woonboerderij bewoont, met daarbij een grote boerenschuur. Op de zolder hiervan heeft onze hoofdpersoon zijn eigen paradijsje in de vorm van een aantal ruime zolderhokken met veel ruimte en frisse lucht. En dan die ruimte rondom het erf! Kilometers kun je wegkijken over de groene weilanden met her en der de volle sloten. Als we goed kijken zien we in de verte de contouren van de nieuwe hokken van Gerard en Bas Verkerk, die het komende seizoen op hun nieuwe woonstek de degens gaan kruisen met de concurrentie. De afgelopen maanden hebben we al veel bespiegelingen kunnen lezen van wat er dit jaar in Reeuwijk allemaal wel zou kunnen gaan gebeuren. Maar met uw welnemen; vooralsnog blikken we terug op het fantastische seizoen 2010 van Willem de Bruijn, welke hem uiteindelijk o.a. de titel ‘Keizer van The Best of The Best’ opleverde. Een titel waar Willem ontzettend trots op is. Twee keer won hij inmiddels deze titel en twee keer was hij ook Beste Liefhebber in WHZB. Al deze titels ziet hij als absolute hoogtepunten uit zijn bijzonder succesvolle loopbaan in de duivensport!

Een korte introductie
De inmiddels 61 jarige Willem de Bruijn staat al zo’n 25 jaar onafgebroken aan de top van de vaderlandse duivensport. Hij groeide op in de binnenstad van Gouda, waar hij via schoolkameraden in aanraking kwam met de duivensport. Vanaf die tijd kent hij o.a. Cees Everling, de man die de laatste jaren zo fantastisch presteert met vooral duiven van Willem. Cees bezocht de HBS, Willem het Gymnasium. Hierna volgde een periode, dat Willem geen duiven had. Studie, wielrennen, het bouwen aan een drukke praktijk als tandarts, het stichten van een gezin. Allemaal redenen om een tijdje geen duiven te houden. In 1984 maakte Willem echter een herstart op de huidige locatie. In 1985 haalde hij een veertigtal zomerjongen bij Gebr. de Wit uit Koudekerk aan de Rijn. In feite is dat het begin geweest van de grote successen in de duivensport, die tot op de dag van vandaag nog steeds voortduren. Nog altijd stroomt het bloed van de Gebr. de Wit duiven voor 50% door de aderen van zijn huidige duivenbestand. In 1987 was Willem al Generaal Kampioen van de sterke C.C. ‘Gouwe en IJssel’ en een jaar later was hij al Generaal Kampioen van de toenmalige Afdeling C van de NABvP. Wat deze man verder de afgelopen 25 jaar heeft gepresteerd valt met geen pen te beschrijven. Het is een aaneenschakeling van grote kampioenschappen, nationale asduiven, successen op Olympiades enz. enz. En in al die jaren had hij in Herman Roos een geweldige vriend in de duivensport. Herman was een man die Willem beschouwde als zijn vader, broer en kind. Hij hield van die man. Begrijpelijkerwijs was het overlijden van Herman voor Willem een geweldige schok. Het veranderde Willem ook. Wetend dat leven een broos gegeven is, geniet hij nu van elke dag dat hij met zijn duiven bezig kan zijn. Niet denken in problemen, maar in oplossingen. En relativeren, want er is meer tussen hemel en aarde dan alleen maar duiven. Zo staat hij positief in het leven en in zijn hobby. Wie foto’s van hem ziet zal het opvallen dat hij er altijd met een lachend gezicht met een opgestoken duim op staat. De duivensport positief uitdragen en er van genieten. Dat is de boodschap. En genieten doet Willem daar in zijn eigen paradijsje daar in Reeuwijk. Met een enorme inzet bestiert hij dagelijks zijn uitgebreide kolonie duiven zonder hulp van buitenaf. Zelden zag ik een man met zo’n actieradius. Als een wervelwind gaat hij tekeer daar op die zolder. Geen moeilijke systemen en uitgebreide schema’s, want daar zit het volgens Willem allemaal niet in. Het gaat alleen maar om goede duiven. Een ondanks het feit dat we die hier in rijke getale vinden, blijft hij iedere dag bezig om ernaar te zoeken. Iedere zondagmorgen zet hij, vaak in het gezelschap van Cees Everling, koers naar België. Hier in de bakermat van de mondiale duivensport, wordt telkens maar weer gezocht naar nieuw topmateriaal. En met succes!                 

Basisduiven kolonie Willem de Bruijn
Zoals gezegd vormen de duiven van de Gebr. de Wit uit Koudekerk aan de Rijn nog altijd de basis van de huidige kolonie duiven. Deze broers waren de kampioenenmakers bij uitstek. Wat te denken van mannen als Peter van de Merwe, Piet van de Merwe, Comb. Verbree, Gerard en Bas Verkerk enz. Aan de successen van al deze topkolonies staan de duiven van de Gebr. de Wit, eenvoudige mensen met een formidabel hok duiven. Deze duiven worden bij Willem gekruist met duiven van Belgische komaf. Want in België zoekt hij zijn versterkingen. ‘In België wordt op één afstand gespeeld. Bijvoorbeeld Quievrain, Dourdan, Ecouen enz. Per discipline zitten in België de beste duiven. Hier in Nederland hebben we de betere allroundduiven. Door de Belgische specialisten te kruisen met de Nederlandse allroundduiven krijg je naar mijn mening de beste resultaten. Iedere zondagmorgen ga ik naar België op zoek naar versterkingen. Soms weet ik bij de grens nog niet waar ik precies heen ga. Per jaar koop ik er zo’n 70 tot 80 jonge duiven. Ze worden hier gewoon gespeeld en langs dezelfde meetlat gelegd als mijn eigen duiven. Die mogen blijven kruis ik op mijn eigen duiven en met succes. Inmiddels bezit ik duiven van de volgende Belgische liefhebbers: Michel van Lint – Leo Heremans – Theo van Genechten – Charles van Lancker – Gilbert Meire – Frans van Tilborg – Lanslot-Dockx – Karel Boeckx – van Damme-Boddaert – Stickers-Donkers – Maurice Hasendonckx – Cyrille Lambrechts – Gaston van de Wouwer – Jos van de Veke – Vereckt-Ariën – Deno-Herbots – Albert Derwa – Albert Nauwelaers – Jepsen-Elsacker. De kweekstrategie is hier zoveel mogelijk goed op goed en de kwekers vooral veel overkoppelen. Ik lees veel over duiven. Je kunt bijna zeggen: ik adem duiven. Hoe ik nu met mijn duiven bezig ben, ja daar droomde ik vroeger als kind al van. En het gaat alleen maar om goede duiven. De rest is bijzaak. Je leest van kampioenen van weleer die nu niet meer presteren. Dan wordt er naar allerlei excuses en oorzaken gezocht. Maar er is altijd maar één echte reden waarom het niet meer gaat: de goede duiven zijn weg. En alle gezochte redenen waarom het niet meer gaat is alleen maar het maskeren van een gebrek aan kwaliteit van de duiven. En dan dat gezever over die ogen. Heel vermakelijk en onderhoudend misschien. Maar het slaat echt nergens op. Er is geen enkel dier in de wereld wat men in de ogen kijkt om te selecteren. Geen paard, geen koe, geen kip, geen geit. Niks. En bij duiven zou dat dan kunnen? Neen, het gaat alleen om goede duiven en goede duiven komen altijd uit goede duiven. Laten we toch alstublieft nuchter blijven en simpel denken’, aldus Willem de Bruijn.

‘Waar je tegen kuurt, krijg je’
‘De dieren zijn dichterbij de mens gekomen. Vroeger werd een konijn opgegeten, nu loopt hij in de kamer en wordt vertroeteld. Dat geldt ook voor de duiven. Vroeger was de neiging naar selectie op gezondheid veel sterker dan nu. Nu worden alle zieke en zwakke duiven met medicijnen op de been gehouden en mogen blijven. Je graaft zo je eigen graf. Tot drie jaar geleden werd er hier ook regelmatig gekuurd met medicijnen. Steeds meer raakte ik ervan overtuigd dat het gebruik van medicijnen de duivenstam zwakker maakte en de bacteriën sterker. Het is toch eigenlijk van de gekke dat als je twintig duiven hebt en twee hebben er geel, je alle twintig duiven een geelkuur geeft en dus gezonde duiven aan de medicijnen zet. Eigenlijk ben je dan duiven aan het selecteren op de behoefte aan medicijnen en niet op gezondheid. Vandaar mijn stelling: ‘waar je tegen kuurt, krijg je’.  Drie jaar geleden is hier het roer drastisch omgegooid. Er wordt niet meer preventief gekuurd tegen bijvoorbeeld het geel of de koppen. Er wordt keihard geselecteerd op gezondheid en vitaliteit. In het begin moest er prestatief wel een stapje terug worden gedaan, maar nu betaalt deze handelwijze zich dubbel en dwars uit. Jonge duiven met gezondheidsproblemen krijgen de kans om uit te zieken en zo weerstand op te bouwen. Degenen die het na verloop van tijd niet redden worden uitgeselecteerd. Het is echt een verademing voor je als liefhebber als je van die bijna dwangmatige kuurtjes voor je duiven af bent’ zegt Willem.

Hoogtepunten in 2010

‘Nationale competitie ‘The Best of The Best’:
1e Asduif Dagfond met ‘Olympic Schanulleke’
3e  Asduif Jong met ‘Olympic Hurricane’
5e Asduif Allround met ‘Babette’

Nationaal NPO

1e Nationale Asduif Eendaagse Fond met ‘Olympic Schanulleke’
3e  Olympiade Poznan Categorie C met ‘Olympic Schanulleke’

8e Olympiade Poznan Categorie F met ‘Olympic Hurricane’

Wie heeft ze beter: 3e Beste Doffer met ‘De Theo’ 5e Asduif Dagfond met ‘Olympic Schanulleke’ 6e Asduif Natoer met ‘Dokus’ en 8e Asduif Natoer met ‘Babette’ 10e Beste liefhebber van Nederland.

Afdeling 5 ( Zuid - Holland) 1e Asduif Midfond Rayon Oost met ‘Marcella’ 1e Asduif Fond met ‘Olympic Schanulleke’ 1e Asduif Jong Rayon Oost met ‘Zadora’ 2e Asduif Vitesse Rayon Oost met ‘De Theo’ In 2010 in totaal 24 eerste prijzen tegen een gemiddelde deelname van 1.504 duiven.

Hokken – Hokbezetting – Spelmethode   De duiven zijn gehuisvest op de zolder van de grote boerenschuur en op een tuinhok. In totaal 13 afdelingen. De duiven hebben veel frisse lucht met de gazen plafonds. Je kunt door de kieren van de pannen zo naar buiten kijken. Bij de jonge duiven staat daarnaast dag en nacht volop de afzuiginstallatie aan. De vliegploeg bestaat uit ca. 50 koppels oude duiven en 200 jonge duiven. Deze zitten op in totaal zes hokken van 3 bij 3 meter. Binnen 20 minuten schrapt wervelwind Willem dagelijks de vloeren van deze hokken. Daarnaast heeft Willem 30 kweekkoppels en 60 voedsterkoppels. Met de oude duiven wordt totaalweduwschap gespeeld, een spelsysteem wat al jaren door praktisch iedereen in deze regio wordt gespeeld. De vliegduiven worden half december gekoppeld en uit deze duiven wordt gekweekt. Van sommige duiven worden wel drie koppels eieren getrokken. Ze brengen echter geen jongen groot. Vanaf begin februari staan de duiven op weduwschap. De doffers trainen in de winter als het kan iedere dag. Dit om scheefvliegers tegen te gaan. De duivinnen gaan vanaf begin maart dagelijks los en zitten de gehele dag bij elkaar los op het hok.  Tot aanvang van het vliegseizoen komen ze eens per week een dag bij elkaar, zodat de duivinnen geen neiging krijgen tot onderling paren. Voor aanvang van de vluchten wordt er zes tot tien keer zelf opgeleerd. Zo leren ze ook het weduwschap, want voor de vluchten wordt er niet getoond. ‘Tonen voor de vlucht hoort naar mijn idee niet. Een dompteur in een circus geeft zijn dieren toch vooraf ook geen beloning’ is de zienswijze van Willem. De duiven training één keer per dag, zo’n anderhalf uur verplicht. Ze gaan wekelijks mee. Bij de eerste splitsing blijven de beste 20 duiven het vitesse/midfondprogramma vliegen. De rest gaat naar de eendaagse fond. Gedurende het seizoen vallen er steeds weer vitesse/midfondduiven af richting de dagfond. Op het laatst wordt er maar meer met een paar duiven vitesse/midfond gevlogen, maar dit zijn dan wel de allerbeste duiven die ook schitteren in de nationale competities. Met uitzondering van het overnachtgebeuren vindt Willem alle vluchten mooi. Hij zou het prachtig vinden als er in ons land vluchten kwamen van 700 tot 850 kilometer met ochtendlossing, waarbij de duiven ’s avonds tussen 19.00 en 22.00 uur thuis komen.
 

Het vliegseizoen
De vliegploeg van de oude duiven bestaat jaarlijks uit 75% jaarlingen. De rest bestaat uit tweejarigen en in de vliegploeg van 2011 vinden we nog zes driejarige duiven. De lat ligt hoog om als oude vliegduif te mogen blijven. Minimaal 17 prijzen ( van de 24 vluchten) of enkele eerste prijzen. Ook de jonge duiven worden voor 90% op prestatie geselecteerd. Een enkele keer mag een duif blijven op basis van een bijzondere afstamming. Zoals u zult begrijpen moet Willem, die een fulltime baan heeft als tandarts in Gouda, woekeren met de tijd. Daarom is er ook maar ruimte voor één keer trainen per dag voor zowel doffers als duivinnen. Er wordt ook maar één keer per dag gevoerd. Na de training mogen de duiven 30 tot 60 minuten lang net zoveel eten als ze willen. De naam van het voer is ‘Victory’ ( naar de topduivin ‘Victory’ van Willem de Bruijn) en wordt gemengd door Coby van den Hoek uit Zevenhuizen. De samenstelling is door Willem bedacht en bestaat uit maar liefst 48% mais. Als voedingssupplementen worden een drietal producten van Comed gegeven, namelijk Kuurolie – Lysocurforte en Winmix. Eind juli, acht vluchten voor het einde van het seizoen, vindt de eerste selectie van de oude duiven plaats. De vliegploeg oude duiven wordt dan teruggebracht tot 50 stuks. Direct na de laatste vlucht wordt dit aantal verder teruggebracht tot 25 duiven. Duiven die bijzondere prestaties hebben verricht gaan naar het kweekhok of mogen later blijven als voedsterduif. In extra motivatie gelooft Willem niet. ‘De goede duiven gaan hier 24 keer per seizoen in een vast systeem de mand in. Daar hebben ze hun handen al meer dan vol aan. Ik geloof niet in trucjes, waardoor de duiven extra opgejut worden’.

Enkele mooie uitslagen in 2010

Strombeek     2.925 d.        4,6,8,9,10,15,16,20,24,40,44,45,53 enz.    106/86
Pommeroeul    3.306 d.        4,7,8,9,11,15,16,17,28,30,37,38,39 enz.    105/84
Creil         5.815 d.        1,4,5,11,12,22,68,69,98 enz.               105/39
Orleans       1.480 d.        5,8,9,14,20,22,27,29,32,33 enz.             75/46
Orleans       1.092 d.        1,3,4,5,6,7,11,14,20,29,30,39 enz.          87/49
Duffel        1.112 d.        5,23,31,32,33,41                              7/6
Duffel        5.535 d.        1,2,4,6,7,8,13,14,15,16,17,18 enz.         210/90
Duffel        5.031 d.        5,7,10,11,12,15,17,21,23,24,25,26,27 enz. 195/161    
(61 in de eerste 100)
Pommeroeul    5.995 d.        5,6,7,17,18,25,26,38,54,55,59 enz.        198/121
St. Quentin   3.885 d.        1,3,11,20,35,37,38,56,60,66,67,94 enz.      55/46    

Jonge duiven
De jonge duiven, in totaal zo’n 200, zitten in twee afdelingen van 3 bij 3 meter op de zolder van de boerenschuur. Er worden telkens nieuwe jongen bijgezet. Ze moeten zelf hun weerstand opbouwen en krijgen daar alle gelegenheid voor. Ook zij trainen één keer per dag. Willem heeft een systeem, wat hij dusdanig kan instellen dat op een bepaald tijdstip de klep open valt en de duiven naar buiten kunnen en kunnen trainen. Ook de jonge duiven worden één keer per dag gevoerd volgens hetzelfde systeem als de oude duiven. Ze worden ook op de natoer gespeeld. De laatste vier vluchten wordt er op de deur gespeeld. Van de opleiding van de jonge duiven wordt veel werk gemaakt. Vanaf begin mei worden iedere dag weggebracht, te beginnen met een afstand van 10 kilometer. Willem, die dagelijks twee keer op en neer met zijn fiets naar zijn werk in Gouda gaat, komt tussen de middag thuis. Dan pakt hij snel de 200 jonge duiven, brengt ze een eindje weg, komt thuis en gaat weer per fiets naar zijn werk. Het pakken en wegbrengen van de jonge duiven duurt precies één uur. Velen van u zouden hier als een berg tegenop zien. Willem echter niet, hij doet het graag en voor hem is het een peulenschil. Bovendien betalen deze inspanningen zich op de vluchten dubbel en dwars terug. Nauwelijks verliezen en vanaf het begin kettinguitslagen.            

Spontane reacties van Willem:
Goede duiven: daar draait alles om, de rest is flauwekul!
Voeding: één van de simpelste dingen in de duivensport. Royaal voeren en royaal presteren.
Motivatie: is onveranderd hoog. Ga altijd voor het hoogst haalbare.
Ambitie: van nature heel groot. Wat fanatiek is voor de ander is voor mij standaard. Als je iets heel graag wilt, dan lukt het!
Inzet: er altijd voluit voor gaan. Alles voor de sport over hebben.
Selectie: daar draait alles om. Je kweekt geen sterk hok, je selecteert een sterk hok. Je moet wel weten waar je op selecteert.
Doping: een doodlopende weg. Buiten de speleregels, doen we niet aan.
Gezondheid: kan ik op selecteren. Daar kom je verder mee.
Winnen: het resultaat van alles wat je eraan hebt gedaan. Het verveelt nooit!

Toekomst: met de duim omhoog. Respect voor de ander. Er is zeker toekomst voor de duivensport. Veel mensen zijn met een duif in het hart geboren. Die gezamenlijke passie gaat nooit verloren!

Blijven genieten van de duivensport
De sport positief uitdragen en een ander het beste gunnen. ‘Ik gun iedereen dat ze een goede duif op hun hok hebben, waarvan ze het hele jaar plezier hebben. Dat fijne gevoel laat alle negativiteit die er is verdwijnen’ zegt Willem. Drie jaar is hij inmiddels samen met Ton van Zwienen verantwoordelijk voor de lossingen van Afdeling 5. Dat doen ze met veel bezieling en inzet. Daarbij leggen ze richting de liefhebbers maximale verantwoording af. Alles is te volgen op internet. Iedere beslissing wordt gemotiveerd. Daarbij tekent Willem wel aan dat het niet altijd gemakkelijk is. Er komt echt veel bij kijken.
Die open mind manifesteert zich ook op de manier hoe Willem door zijn ‘duivenleven’ stapt. Van alles maakt hij foto’s en vertelt hij wat hij zoal doet met de duiven doet. Op ‘Facebook’ wordt hij inmiddels door ruim 1.000 mensen gevolgd en verder heeft hij bij het ‘bloggen’ dagelijks zo’n 900 hits. Na een paar uurtjes intensief praten is één ding duidelijk. Duivensport is voor Willem de Bruijn een hobby waar hij dagelijks met volle teugen van geniet. Zelden een man met zoveel positieve uitstraling in onze sport gezien.
Wat mij betreft: een diepe buiging voor de Keizer!