Rudi Diels (Beerse, BE) winnaar 1° Nationale Asduif Kleine Halve Fond Jonge KBDB 2011

De kolonie van Rudi Diels behoort zonder meer thuis in het kransje toonaangevende hokken op de halve fond in de provincie Antwerpen. Zijn ‘Goudhaantje’ effende in 2007 het pad richting ‘nationale roem’… in 2011 was het diens kleinzoon ‘Blue Gold’ die alle registers opentrok, en als ‘nationale asduif kleine halve fond’ Rudi Diels op de hoogste troon plaatste!

Het ‘Goudhaantje’ BE04-6105159 is één van de hoofdaandeelhouders in de huidige successenreeks die te Beerse (vlakbij Turnhout) de jongste seizoenen wordt neergezet. Hij was zelf als vliegduif niet zomaar de eerste de beste… werd zelf 3° Nationale Asduif Snelheid KBDB 2005, 4° Nationale Asduif Snelheid KBDB 2006 en met de resultaten waarmee hij deze titels won werd hij uitgeroepen tot 1° Olympiadeduif Snelheid voor ons land op de Olympiade te Oostende in 2007! Het ‘Goudhaantje’ won in zijn loopbaan 5 x 1° prijzen, 4 x 2° prijzen, 2 x 3° prijzen… en werd gekweekt uit het fenomenale topkoppel  ‘De Peet’ BE03-6033216 (Asduif Halve Fond Beerse 2003) x ‘Blauw Klein’ BE03-6033221 (1° Asduif Noyon Jongen 2003)! Dat men al eens een geluk met een ongeluk moet hebben in de duivensport, was ook op ‘De Peet’ van toepassing… want door een kwetsuur aan het oog in 2004 kwam hij vroegtijdig op het kweekhok terecht, waar hij zich meteen opwierp als een machtige topkweker, en wanneer we de samenstelling van de kolonie Rudi Diels vandaag de dag bekijken kunnen we stellen dat de lijn van dit superieure stamkoppel, samen met hun superieure zoon ‘Goudhaantje’ en talrijke broers en zussen van deze super crack… als een ‘rode draad’ doorheen de kolonie lopen. Het (duiven)gezegde dat ‘asduiven’ uit ‘asduiven’ afkomstig zijn, is hier zeker op zijn plaats, niet alleen het ‘Goudhaantje’ bewees dit, maar ook de verdere afstammelingen van deze excellente kweeklijn, zo is:

-1° Nationale Asduif Kleine Halve Fond Jonge KBDB 2011 een kleinkind van de het ‘Goudhaantje’
-6° Nationale Asduif Halve Fond KBDB 2011 een kleinzoon van het stamkoppel ‘De Peet’ x ‘Blauw Klein’
-‘Miss Poznan’, de Olympiadeduif van Bart Van Oeckel een dochter van ‘Zus Goudhaantje’ Rudi Diels
-4° Nat Asduif Snelheid KBDB 2009 van Herman Lenaerts uit Merksplas is een kleinkind ‘Goudhaantje’
-1° Nat Asduif Halve Fond KBDB 2009 van Fernand Mariën uit Tielen is eveneens een kleinkind van het ‘Goudhaantje’

Voor wie nog niet mocht overtuigd zijn… prijzen en titels als ‘bewijs’, zeggen vaak nog altijd meer dan holle slogans! Wanneer we Rudi vragen naar de basis van zijn kolonie, de duiven waarmee hij zijn stam opbouwde, krijgen we volgende uitleg… de eerste duiven kwamen in feite van Joske Wouters uit Vorselaar, ze pakten wonderwel op de duiven van Andre Bellens uit Zandhoven die in het begin der ’90-tiger jaren de rangen kwamen versterken… vooral dan de jongen uit de ‘35’ en de ‘Quiévrainman’. In 1995 werd een nieuwe start genomen vanop het huidig adres, met deze basis. Later werd ook gelukt met afstammelingen uit het beste van Mariën Royberghs, Jos Van Riel, Antoine Jacobs (o.a. de moeder van de 6° Nat Asduif KBDB 2011), Herman Lenaerts en Cyriel Verbeek. Ieder jaar wordt er iets bij gehaald… de laatste aanwinsten kwamen van Antoine De Graeve uit Waarschoot (die zelf ook uitstekend lukt met afstammelingen van zijn 1° Nat Asduif  Snelheid ‘Blue Champagne’ x ‘Dochter  Goudhaantje’), Benny Steveninck, Raf Den Haese, en Gebr De Scheemaecker.

De duiven lieten Rudi Diels toe de jongste seizoenen te excelleren op de snelheid en halve fond… wat in feite zijn uitverkoren actieterrein is, en waar Rudi is uitgegroeid tot een ‘nationale topper’… al durft hij ook wel eens duiven door te steken tot op de grote halve fond… vooral dan enkele jonge duiven, met een speciale voorliefde voor ‘Bourges’. Disciplines waar Rudi Diels niet meer uit de top van het wedstrijdgebeuren is weg te slaan, en dat resulteerde in 2011 in volgend titelgewin, dat hem op de hoogste treden van de nationale podia te Oostende bracht:

1° Nat Asduif Kleine Halve Fond Jonge KBDB 2011 (met BE11-6023005)
4° Nat Kampioen Jaarlingen KBDB 2011
6° Nat Asduif Kleine Halve Fond Oude KBDB 2011 (met BE10-6200593)

Het waren volgende duiven die tekenden voor de ‘asduiftitels’ of die mee een groot aandeel hadden in het andere prominente titelgewin dat werd behaald op nationaal, provinciaal en lokaal vlak!


1° Nationale Asduif KBDB Kleine Halve Fond Jonge 2011

-‘Blue Gold’ BE11-6023005

1° Nationale Asduif Kleine Halve Fond Jonge KBDB 2011
1° Angerville  2.063 d.
1° Angerville    336 d.
3° Angerville  2.305 d.
77° Orleans    4.873 d.

De uitslagen waarmee de nationale asduiftitel werd binnen gehaald. In de pedigree van deze klasrijke duivin zien we langs vaders zijde een duif van Gebr De Scheemaecker, met name ‘De Zot’ BE07-6007324 (zelf uit ‘Kleinzoon Rambo 301/01 Dirk Van Dyck x ‘Dochter Lobbes 037/00’ John & Jan Baeck), terwijl de moeder een ‘Dochter Goudhaantje’ BE06-6360433 is (uit ‘Goudhaantje 159/04’ x ‘Blauw van Bourgesduivin’ 447/01).

De klepper die zich op de halve fond tussen de nationale asduiven wist te klasseren is de


6° Nationale Asduif KBDB Halve Fond Oude 2011 (bron: Hugo-De Duif)

-‘Asduif’ BE10-6200593

6° Nationale Asduif Halve Fond KBDB 2011
1° Asduif Union-ZAV Jaarse 2011
1° Angerville    605 d.
1° Angerville    489 d.
2° Marne L/V     276 d.
6° Angerville    990 d.
9° Angerville  2.974 d.
17° Noyon      1.027 d.
33° Noyon      1.841 d.
34° Angerville   943 d.
42° Angerville 1.678 d.
59° Angerville 2.216 d.
73° Angerville 1.596 d. enz…

Hij is dan weer een zoon van een volle broer van het ‘Goudhaantje’, namelijk de ‘Abraham’ BE05-6453212 (en dus zoon van het stamkoppel ‘De Peet 216/03’ x ‘Blauw Klein 221/03’) x ‘Jacobsduivin’ BE06-6149063, een directe Antoine Jacobs (uit ‘Zoon Miniem 035/04’ x ‘Zacht Pluimpootje 007/04’).

Meer halve fond

Rudi is wel van plan om vanaf 2012 meer de halve fond te spelen in het verbond ZAV-Union, hij heeft daarbij zijn zinnen gezet op de titels in Union Antwerpen… de concurrentie is er meteen gewaarschuwd. De weduwnaars doen er normaal aan winterkweek, met koppeling rond Kerstdag. Na het optrekken van hun jongen worden de weduwnaars gescheiden, en zitten ze in feite op weduwschap. Ze worden hooguit nog eens herkoppeld voor een paar dagen, om elkaar te blijven kennen… maar komen zeker niet meer met eieren. Wanneer het weer het toelaat wordt met opleren gestart… in een 5-tal etappes gaat het tot Quiévrain, zodat de duiven ergens midden april in Noyon zitten. Vanaf mei gaan ze dan naar de halve fond en dit normaal ononderbroken tot begin augustus. Bij vertrek krijgen ze normaal enkel een nestschotel… behalve de jaarlingen, die in het begin wel eens hun duivin krijgen voor vertrek tot ze het spelletje onder de knie hebben. Ook de vliegduivinnen worden in december gekoppeld en brengen een ronde jongen groot… en vatten dan het weduwschap aan. Voor het vertrek krijgen zij wel hun partner te zien, in het begin slechts voor een 5-tal minuutjes… later op het seizoen kan dit oplopen tot een half uur. De jonge duiven worden in het begin van het seizoen (meestal na hun eerste Quiévrain) gescheiden en op de schuifdeur gespeeld, als de ‘drive’ er wat uitgaat, meestal tegen augustus… worden ze op nest gebracht, zodat ze voor het eind van het seizoen hierin de nodige motivatie vinden.

Belangrijk volgens Rudi, is om de vliegduiven aan het eten te houden tot op de dag van inkorving… ze dus op het juiste moment ‘wedstrijd klaar’ te hebben! In het begin na thuiskomst is dit dieet, en ’s avonds sport of kweek. Op zondag en maandag is dit zeer licht met eerst zuivering en later dieet… om vanaf dinsdag geleidelijk op te voederen met Vandenabeele-mengeling en sportmengeling (100% op donderdag). Bij het binnen roepen na hun trainingsbeurt ligt er wel wat snoepzaad klaar in hun woonbak. Op de dag van inkorving (vrijdag) is dit dan weer volle bak dieet tot iets na het middaguur. Wat vooral opvalt in zijn begeleidingsschema is zijn afschuw voor medicatie. Enkel wanneer noodzakelijk… stelt Rudi. Een liefhebber moet zoiets zien op het hok of aanvoelen wanneer er iets schort of op komst is. Dan trek ik naar Dr. Fernand Mariën of Dr. Vincent Schroeder… hun advies wordt dan gevolgd. Voor de rest reken ik op de ‘natuurlijke gezondheid’ van de duiven. Kijk… in 2011 liep alles als een trein, alles liep in feite op wieltjes… net voor de aanvang van het seizoen kregen de duiven een 3-tal dagen tegen de koppen (snot), en midden het seizoen nog eens een ‘kwartje’ Flagyl… en dat was het! Wel krijgen de duiven vaak thee, normaal een 2-tal dagen per week… bij thuiskomst wat elektrolyten, en op woensdag gaat er olie en mineralen (van Mariën) over het voer en verder enkel regelmatig verse grit, piksteen en vitamineral… that’s it. Een strenge selectie op natuurlijke gezondheid is de leidraad tot succes… en die selectie begint als jonge duif! Duiven met een super gezondheid en de nodige weerstand ontwikkelen niet alleen makkelijker de zo onontbeerlijke ‘forme’… ze kunnen die ook langer vasthouden! En conditie… dat lees je af uit de trainingen, aldus Rudi… niet uit de duurtijd van de training, wel uit de ‘intensiteit’! Dat is wat een melker moet zien en aanvoelen… noem het gerust een belangrijk onderdeel van het ‘melker’ zijn.  Rudi ziet graag duiven die goed in de hand liggen, dus met een goed ‘model’, boterzachte of ‘vette’ pluimen, en hecht ook belang aan een prima vleugel en goeie spieren. Duiven met fouten of andere mankementjes… ze zijn te Beerse meestal geen lang leven beschoren!

De voornaamste titels provinciaal en nationaal uit 2011 :

1e Nationale Asduif KBDB kleine halve fond jonge duiven
4e Nationaal Kampioen KBDB jaarlingen
6e Nationale Asduif KBDB kleine halve fond oude duiven
1e Provinciaal Kampioen halve fond oude duiven
1e Provinciaal Kampioen halve fond jonge duiven
2e Algemeen Kampioen Provinciaal 
enz...