PIPA's voorjaarsenquête 2021 (Deel 4)

In dit vierde deel komen aan bod: Philippe Dobbelaere, Wendela Wiersema, Bart Geerinckx en Rudi De Saer.

Ook aan hen legden we de ondertussen bekende 8 vragen voor:

  1. Van wie heb je het meest geleerd over de duivensport? Wie was je mentor?
  2. Op welk moment of prestatie in je duivenloopbaan ben je het meest trots?
  3. Wat zijn jouw objectieven voor 2021 of waarmee zal je tevreden zijn na het seizoen 2021? 
  4. Wie wordt volgens jou de revelatie in 2021?
  5. Stel, je hebt het morgen plots voor het zeggen binnen de nationale duivensportbond, wat zou je willen veranderen aan de huidige duivensport?
  6. Wat is de grootste fout of blunder die je ooit op je eigen hok gemaakt hebt?
  7. De slogan spreekt van ‘duivensport familiesport’. Hoe staat jouw partner of familie daar tegenover?
  8. Welke ultieme tip wil je de startende duivenmelker meegeven?

Philippe Dobbelaere (Olsene, BE)

De duivensport werd Philippe met de paplepel ingegeven. Zowel zijn vader als grootvader waren immers duivenliefhebbers. Gaandeweg sloeg hij zijn eigen vleugels uit en door de jaren heen groeide hij met een beperkte kolonie uit tot één van de toonaangevende liefhebbers uit de streek en later ook het nationale strijdtoneel.

Philippe Dobbelaere met 'Robin'.

Van wie heb je het meest geleerd over de duivensport? Wie was je mentor?
Het meest leerde ik van mijn vader waarmee ik samen sinds mijn 14 jaar aan het duivenspel ben begonnen.

Op welk moment of prestatie in je duivenloopbaan ben je het meest trots?
Dat was in 2019 met een 3e overwinning op een Nationale wedstrijd, dat keer vanuit Libourne met Robin met als gevolg ook de 1. Nationale Asduif Jaarlingen Fond en grote fond KBDB.

Wat zijn jouw objectieven voor 2021 of waarmee zal je tevreden zijn na het seizoen 2021? 
Proberen de duiven in een goede conditie en vorm te brengen om nationaal top te kunnen spelen op zowel de wedstrijden op grote halve fond als fond.

Wie wordt volgens jou de revelatie in 2021?
Ik hoop vooral dat de liefhebbers met een beperkt aantal duiven kunnen wedijveren met de massa-inkorvers, vooral dan op de nationale grote halve fond wedstrijden.

Stel, je hebt het morgen plots voor het zeggen binnen de nationale duivensportbond, wat zou je willen veranderen aan de huidige duivensport?
De nationale wedstrijden op de grote halve fond (Bourges, Chateauroux , Argenton) in zones lossen. Vb: westenlijn, middenlijn en oostenlijn. Nu zijn deze wedstrijden veel te veel afhankelijk van de wind en de massa in midden België. Dit zou er voor zorgen dat er minder verliezen zouden zijn (vooral jonge duiven), een betere voorbereiding voor het nationaal spel en een grotere deelname in het westen van het land (en waarschijnlijk ook in het oosten van het land bij oostenwind). Eventueel zelfs andere lossingsplaatsen per zone. Vanaf Gueret en La Souterraine (voor mij ong. 550 km) kan er wel nationaal gespeeld worden. Dit zou dierenwelzijn ten goede komen. Anderzijds is de nieuwe zone verdeling zoals voorgesteld op de nationale vergadering zeer positief.

Wat is de grootste fout of blunder die je ooit op je eigen hok gemaakt hebt?
In 1989, mijn eerste jaar dat ik voor eigen rekening speelde had ik mijn formulier voor het Nationaal Kampioenschap Beginnelingen te laat ingediend en zo zag ik een 2e plaats verloren gaan. Maar ik maak nog telkens fouten, waardoor de resultaten worden beïnvloed. Met andere woorden, ik leer nog iedere dag bij.

De slogan spreekt van ‘duivensport familiesport’. Hoe staat jouw partner of familie daar tegenover?
De dagelijkse verzorging doe ik zelf. Mijn echtgenote helpt wel mee bij de grote kuis van de hokken en het kuisen van legschotels en drinkbakken alsook bij het enten tegen pokken. Mijn kinderen komen wel graag kijken bij het toekomen van de duiven waardoor we er een familiegebeuren van maken.

Welke ultieme tip wil je de startende duivenmelker meegeven?
Maak het jezelf niet te moeilijk door naar iedereen te luisteren. Vertrouw op enkele goed spelende liefhebbers uit de buurt. Leer eerst met jonge spelen, eventueel op nest, zo krijg je het voederen van je duiven beter onder de knie, een duif met een jong in de schotel die goed traint en iedere week aan een wedstrijd deelneemt kan je immers moeilijk overvoederen. Daarna kan je verder gaan op weduwschap.  

Wendela Wiersema (Appingedam, NL)

Met haar 24 lentes is Wendela Wiersema één van de jonge gezichten in de duivensport. Toch draait ze al langer mee dan je op het eerste zicht zou denken. In 2007 nam zij de fakkel van haar vader over, aanvankelijk met haar zus Elianne die na het seizoen 2012 echter afhaakte wegens allergie. Sinds 2013 speelt Wendela dus volledig op eigen naam.

Wendela Wiersema

Van wie heb je het meest geleerd over de duivensport? Wie was je mentor?
Ik heb het meest van mijn vader geleerd. Van jongs af aan kwam ik al bij hem in het duivenhok. Toen we in 2007 verhuisd zijn, ben ik dus samen met mijn zusje ook met de duivensport begonnen. Hierin heeft onze vader ons goed begeleid.

Op welk moment of prestatie in je duivenloopbaan ben je het meest trots?
In 2017 ben ik 1e nationaal hokkampioen Jong geworden waar ik erg trots op ben. Daarnaast werd ik in datzelfde jaar 2e nationaal aangewezen jong, 2e, 3e en 4e nationaal duifkampioen jong en 5e nationaal duifkampioen Midfond.

Wat zijn jouw objectieven voor 2021 of waarmee zal je tevreden zijn na het seizoen 2021?
Ten eerste hoop ik dat we ondanks corona een relatief normaal seizoen kunnen krijgen, zodat alle vluchten volgens programma door kunnen gaan. Daarnaast hoop ik op één of meerdere afdelings- of NPO-overwinning(en). Tevens hoop ik ook weer bij de Nationale kampioenen te horen.

Wie wordt volgens jou de revelatie in 2021?
Ik hoop dat dit mijn maatje Michel Puister uit Appingedam wordt. Hij is circa 2 jaar terug met bijna een geheel nieuwe ploeg duiven verder gegaan, waarna het vervolgens steeds beter gegaan is. Na vorig jaar nog wat aanpassingen te hebben gedaan, vermoed ik dat het dit jaar nog beter zal zijn en ik hoop dat hij zo menigeen zal gaan verrassen!

Stel, je hebt het morgen plots voor het zeggen binnen de nationale duivensportbond, wat zou je willen veranderen aan de huidige duivensport?
De duivensport is behoorlijk aan het vergrijzen en er komen steeds minder leden. De duivensport is bij jonge mensen niet erg aantrekkelijk, omdat buitenstaanders de sport als oubollig zien, iets waar veel ouderen aan deelnemen. Ook is de duivensport bij veel mensen niet bekend. Wanneer ik het morgen voor het zeggen zou hebben binnen de nationale duivensportbond, zou ik na willen denken om de sport aantrekkelijker te maken voor jongere mensen zodat de sport ook in Nederland nog lang kan blijven bestaan. Hiervoor is het onder andere nodig om positieve reclame te maken zodat er ook meer bekendheid komt.

Wat is de grootste fout of blunder die je ooit op je eigen hok gemaakt hebt?
In mijn eerste jaren in de duivensport, deed mijn vader ook nog mee aan wedstrijden. Omdat mijn vader zelf op vrijdag middagdienst had, moest ik ook zijn jonge duiven inkorven. Mijn vader had me verteld dat één jonge doffer niet mee moest, omdat deze nog maar net weer was terug gekomen van een eerdere vlucht. Per ongeluk heb ik de broer van deze doffer thuis gelaten en de doffer die thuis moest wel mee gedaan. Gelukkig is deze doffer (iets later) wel thuis gekomen.

De slogan spreekt van ‘duivensport familiesport’. Hoe staat jouw partner of familie daar tegenover?
Mijn familie staat positief tegenover de duivensport. Mijn vader heeft van jongs af aan zelf altijd duiven gehad, dus vindt hij de duivensport nog steeds erg leuk. Daarnaast zijn er ook andere familieleden die de duivensport beoefenen. Wanneer ik eventueel hulp nodig heb bij bijvoorbeeld het verzorgen van de duiven, staan mijn ouders en zusje altijd paraat om mij te helpen.

Welke ultieme tip wil je de startende duivenmelker meegeven?
Probeer het jezelf niet moeilijk te maken en zoek een systeem dat goed bij jou past. Probeer daarnaast zoveel mogelijk van de medicijnen af te blijven. Wanneer je te vaak moet kuren, heeft dit waarschijnlijk een onderliggende oorzaak en deze moet je zien aan te pakken.

Bart Geerinckx (Wommelgem, BE)

Het hok Geerinckx is al jaar en dag een certitude aan de top van de Belgische duivensport. Eindeloos lijken de successen die werden geboekt met nazaten van o.a. Gladiator, of Little Star. Zoals steeds behoudt Bart echter altijd zijn nuchtere kijk op de zaken, zo ook toen we hem onze 8 voorjaarsvragen voorlegden.

Bart Geerinckx

Van wie heb je het meest geleerd over de duivensport? Wie was je mentor?
Helemaal in het begin heb ik natuurlijk het meeste geleerd van mijn vader, die heeft mij alle basisbeginselen bijgebracht van onze sport,  gaandeweg als ik wat ouder werd heb ik ook heel veel gelezen over de duivensport  en heel veel geluisterd naar andere goede duivenliefhebbers. Er is altijd wel iets te leren, wie denkt dat hij alles weet is sowieso op de terugweg, bijblijven is de boodschap. De laatste jaren heb ik heel veel opgestoken van goede vriend Eddy Noël van de Aidi duivenvoeders waar ik enorm tevreden van ben.

Op welk moment of prestatie in je duivenloopbaan ben je het meest trots?
Het winnen van de nationale asduiftitel met Little Star en ook de olympiadeduiven die ik heb kunnen winnen. Eigenlijk ben ik altijd wel trots en vol bewondering voor een duif die een topprestatie uit haar vleugels kan schudden, daar doen we het uiteindelijk toch voor.

Maar waar ik ook wel heel trots op ben is dat anderen met mijn familie van duiven een topprestatie kunnen behalen, dat doet me bijna evenveel plezier dan dat ik zelf iets win.

Wat zijn jouw objectieven voor 2021 of waarmee zal je tevreden zijn na het seizoen 2021? 
Proberen zo goed mogelijk mijn best te doen het hele seizoen lang en vooral er zoveel mogelijk plezier aan kunnen beleven, de rest volgt dan wel vanzelf.

Wie wordt volgens jou de revelatie in 2021?
Ik denk dat er hiervoor een hele hoop kandidaten zijn, maar is heel moeilijk om daar juist een naam op te plakken.

Stel, je hebt het morgen plots voor het zeggen binnen de nationale duivensportbond, wat zou je willen veranderen aan de huidige duivensport?
Eerst en vooral wil ik wel zeggen dat de duivenbond op dit moment wel goed werk aan het leveren is, waarvoor ook mijn dank.  Uiteindelijk kunnen wij door hun inzet ten tijde van deze zware crisis toch onze geliefkoosde hobby blijven beoefenen en staat er toch een nieuw duivenseizoen voor de boeg.

Waar ik ook wel zo hard mogelijk naar zou willen streven is een zo eerlijk mogelijke duivensport in alle facetten van onze sport en controle waar het kan.           

Ook het transport van onze duiven vind ik heel belangrijk zeker nu dat we toch merken dat het klimaat aan het veranderen is en we meer en meer vluchten hebben bij hoge temperaturen, daarom moet een goed transport op de eerste plaats komen.

Wat is de grootste fout of blunder die je ooit op je eigen hok gemaakt hebt?
Ik heb al vele blunders en fouten gemaakt maar de kunst is deze maar een keer te maken en eruit te leren. Duivensport zonder fouten is niet mogelijk maar het doel blijft steeds er zo weinig mogelijk te maken. Maar zonder fouten zouden er ook geen grenzen kunnen verlegd worden. Als je 15 jaar terug zou zeggen dat er mensen zouden zijn die wekelijks met dezelfde  duiven op 600-800 km zouden spelen, men zou je voor gek verklaren, maar als je ziet hoeveel het er nu al doen, op de grote halve fond doet nu iedereen het al en is het niet meer als normaal om ze wekelijks in te korven. Op de fondvluchten gaan we daar ook naar toe, een duif is tot veel meer in staat dan dat we denken.

De slogan spreekt van ‘duivensport familiesport’. Hoe staat jouw partner of familie daar tegenover?
Duivensport is vandaag topsport geworden en bij elke sport op hoog niveau moet je er heel veel voor doen en nog meer voor laten. Dus tijdens het seizoen (april –september) staat zowat heel uw leven in het teken van deze sport. Ik ben natuurlijk wel heel blij dat ik van mijn hobby mijn beroep heb kunnen maken en dat maakt het ook dat ik zelf mijn tijd kan indelen, wat een heel grote luxe is en dat besef ik maar al te goed. Buiten het seizoen heb je dan ook veel meer vrije tijd en ben je ook in staat om nog andere dingen te doen. Ik heb ook nog de grote luxe om steeds beroep te kunnen doen op Jurgen die als ik dan bv. naar het buitenland ga, de duiven steeds super verzorgd. Ook in het seizoen is hij overigens steeds paraat wanneer ik hulp nodig heb.

Welke ultieme tip wil je de startende duivenmelker meegeven?
Start altijd eerst met de goede bedoelingen in onze sport, de liefde voor de dieren en het plezier dat je beleeft door ermee om te gaan en ze klaar te maken voor de wedstrijden.

Duivensport is in de eerste plaats een passie en hobby, al te vaak zie ik mensen die starten vanuit een ander standpunt en dat blijft zeker niet duren, beginnen vanuit commercieel standpunt is zeker geen goede stap.  Breng ook zeker het nodige geduld op, duivensport is een parcours van veel vallen en opstaan, leren uit de gemaakte fouten en proberen steeds te verbeteren, Rome is ook niet op één dag gebouwd. Probeer daarnaast in contact te komen met een goed spelende liefhebber bij je in de buurt waar je eventueel terecht kunt voor raad en vragen, ik ben er zeker van dat vele liefhebbers de jonge beginners wel willen helpen. Als iedereen een beetje zijn duit in het zakje wil doen, kunnen we ervoor zorgen dat deze mooie hobby ook in de toekomst kan blijven bestaan.

Rudi De Saer (Ruiselede, BE)

Al vele jaren domineert Rudi de nationale uitslagen en kampioenschappen. Op de fond is hij eigenlijk een 'vaste klant' om het zo te zeggen. Via vader Antoine rolde hij in de ons zo geliefde sport.

Rudi De Saer

Van wie heb je het meest geleerd over de duivensport? Wie was je mentor?
Mijn vader voor de praktijk en Gaby Vandenabeele door te leren uit de vele gesprekken. 

Op welk moment of prestatie in je duivenloopbaan ben je het meest trots?
De eerste maal het behalen van de titel nationaal kampioen fond.

Wat zijn jouw objectieven voor 2021 of waarmee zal je tevreden zijn na het seizoen 2021? 
Regelmatig top spelen op de nationale vluchten.

Wie wordt volgens jou de revelatie in 2021?
Een revelatie heb ik niet direct op het oog maar sowieso zullen er weer zijn. 

Stel, je hebt het morgen plots voor het zeggen binnen de nationale duivensportbond, wat zou je willen veranderen aan de huidige duivensport?
Het lakse dopingbeleid!

Wat is de grootste fout of blunder die je ooit op je eigen hok gemaakt hebt?
Met mijn elektronisch bakje naar het lokaal zijn om een vlucht af te slaan en bij thuiskomst constateren dat mijn 1e ingetekende duif van Limoges reeds op het hok zit en niet geconstateerd is en zo de 1e nationaal mist…

De slogan spreekt van ‘duivensport familiesport’. Hoe staat jouw partner of familie daar tegenover?
Mijn partner steunt me voor 200% en dit vooral bij tegenslag, dus op het moment wanneer je de steun het meest nodig hebt.

Welke ultieme tip wil je de startende duivenmelker meegeven?
Start niet uit financiële overwegingen maar uit liefde voor de sport anders houd je het niet vol.

Probeer stap per stap te leren, sla de snelheid niet over, dat is de basis van de duivensport.