Rechercher

“The story Queen Marijke Vink” (Deel 2)

Na een rustig jaar zonder het moeten presteren werd er besloten om in het jaar 2007 het weer eens met de jonge duiven te gaan proberen. Het werd steeds meer een uitdaging om weer proberen terug te komen van waar ze afscheid had genomen…….. De top !!!!

De nieuwe start

Kleine Dirk
Na veel pogingen kregen ze eindelijk weer het eureka gevoel. Een dochter van de “Che” van de familie Eijerkamp was hier verantwoordelijk voor. “Che” zat toen gekoppeld tegen een dochter van, jawel… de “Kleine Dirk”. Deze dochter “Che” is de moeder van “Verdi”, de enige zoon van haar op het vlieghok. De vader van “Verdi” is een zoon van de eerder uitgebreid omschreven “Aladin”. Een zoon van “Verdi” wint als jaarling 1e Peronne 38.775 duiven en als jonge duif won hij al de 1e Strombeek 3.988 duiven. Uiteindelijk is het toch weer die Super-kwaliteit die een wezenlijke bijdrage levert aan de kampioenen kolonie van Marijke en Henk Vink.

Vele goede duiven zijn er, maar weinigen is het voorrecht beschoren om in de analen van de legendes te worden bijgeschreven. Daarvoor is een bijzondere nog zeldzamere eigenschap vereist… met name ‘erfelijke (over) dominantie’…  en we denken hier zonder schroom te kunnen stellen dat zowel de “Kannibaal” als “Che”, maar zeer zeker ook “Aladin” door hun zeer goede nazaten bewezen hebben hiertoe te behoren.   

De nieuwe start
Na een rustig jaar zonder ‘druk’ om te presteren werd er besloten om in het jaar 2007 het weer eens met de jonge duiven te gaan proberen. Het werd steeds meer en meer een uitdaging om weer proberen terug te komen van waar ze afscheid had genomen…….. De top !!!!

Het eerste jaar na haar nieuwe start
Dit eerste jaar zou er enkel op de vluchten met jonge duiven gespeeld gaan worden. Marijke korfde haar nieuwe lichting vliegduiven negen keer in. Dat de concurrentie meteen weer meer dan goed wakker werd geschud… was snel na het begin weer duidelijk. Zo speelde ze op de eerste concoursen dat jaar gelijk al een 1e Pommeroeul 4.549 d. met een kleinzoon van de eerder vernoemde “Aladin”, 1e Mariembourg 4.331 d. met “Domela” hij komt uit een volle broer van “Tips” en een 1e Ablis 2.292 duiven en dit met slechts 4 minuten vooruit. En deze winnares is een volle zus “Demelza”, een zoon van “Domela” met de 6e Peronne ’08 tegen 26.271 duiven. “Domela” zelf won zoal de 4e Chateauroux in 2008 tegen 8.201 duiven.  Het bleek, zowel de duiven… als Marijke en Henk waren het nog niet verleerd, het ‘toppen’ met hun duiven.

Dan is het inmiddels het jaar 2009
Aangekomen in het jaar 2009, het jaar dat er iets bijzonders gebeurde. Ze waren namelijk meer dan  terug van weggeweest. 1e N.P.O. Bourges 8.579 d. met “Domela” en de 10e N.P.O. Bourges 8.579 d. met “Verdi”. “Verdi” zijn vader is een zoon van “Aladin” en zijn moeder is een dochter van “Che” van de fam. Eijerkamp.  Al met al kunnen we concluderen dat goed twee jaar na hun nieuwe toetreding, terwijl het hok eigenlijk nog in opbouw was… Marijke het presteerde om meteen op het hoogste niveau (1e Kampioen Dagfond Afdeling 5) terug te komen. Eigenlijk kwam, dit toch meer dan aansprekende kampioenschap te snel in hun ogen. Maar om dan het jaar daarop in 2010, nogmaals deze zwaar bevochten titel in de wacht te kunnen slepen, ja, dit verraad zowel de klasse van de duiven, als het aanwezige vakmanschap van Marijke en Henk die hierachter schuil gaat.

Maar ook in 2010 was het weer raak
Ondanks dat Marijke en Henk het zelf aangaven dat het kampioenschap van 2009 te snel was gekomen, kunnen we nu, anno 2010 niet anders dan concluderen dat de ‘Vinkies’ meer dan terug zijn van weggeweest aan de top van de huidige Nederlandse duivensport. Zo won een zoon van “Verdi” 1e N.P.O. Peronne 38.775 d. Als jong won deze gigant ook een 1e op Strombeek tegen 3.988 d. “Verdi” zelf won zoal de 4e N.P.O. Orleans 10.660 d. Eveneens in 2010 won “Valerie” 4e N.P.O. Creil 29.208 d. En deze “Valerie” won ook al 1e Pommeroeul 1.145 d.

Op zoek naar verbetering van het ras
De nakomelingen van “Kleine Dirk” hebben de prestatie curve, niet alleen bij Marijke Vink serieus omhoog geduwd. Zeker ook hier wordt gezocht naar materiaal dat mogelijk het prestatie niveau nog kan opdrijven. Door de referenties van “Golden Lady” raakte ook Marijke begeesterd door de Kanibaal-kwaliteiten en, u kan het al raden… ook hier kwamen er enkele succesvolle aanwinsten uit die succeslijn… het was meteen een schot recht in de roos. Opnieuw was het een rechtstreekse Koopmanduif die de begeerde kwaliteitsinjectie toediende.

De NL 05-1936775 ofwel “Louis” van Koopman
Zijn vader, de NL 01-1135568 is een zoon van de beroemde “Ons Louis” van Koopman.
De moeder van “Louis” is “Showpiece”, eveneens een geweldige kweekster. “Louis” werd in vrij korte tijd dat hij hier op de hokken vertoefd… vader van de volgende toppers van het hok;

“Kleine Dibha” 9e Ablis N.P.O. in 2007

“Demelza” 3e Blois N.P.O. 15.172 duiven en Orleans N.P.O. 12.047 duiven.

“Valerie” 4e Creil N.P.O. 29.208 duiven maar ook de 1e Pommerouel 1.145 duiven.

De laatste zeer goede versterking betreft een dochter (NL-07-1371254) van de Wereldberoemde “Che” van de familie Eijerkamp. Haar moeder is een dochter van…. “Kleine Dirk”. Deze “Dochter Che” bewijst maar weer eens wat extra duiven teweeg kunnen brengen. Haar eerste zoon “Verdi” is een echte kampioen, zijn eerste zoon brengt Marijke een van haar grootste overwinningen, namelijk 1e Peronne tegen 38.775 duiven. Naast “Verdi”, “Louis”, “Demelza”en “Dochter Che” zal het u niet verbazen dat het met 11 koppels bevolkte kweekhok vrijwel volledig uit deze lijnen bestaat. Maar ook de vader van “Kilwillie” mogen we niet vergeten. In deze heb ik het dan over de gekende “666” (NL 01-0108666) van de Zeeuwse kampioen Henk Melis.  Maar geeft Henk aan, natuurlijk zijn er ook aankopen gedaan die net zo snel weer gegaan zijn als dat ze gekomen waren.
Het blijkt hier op het hok heel belangrijk te zijn, en dit zeker gezien de bloedlijn dat daar is en heel sterk op gelet wordt. Belangrijk bij de introductie van nieuwe duiven is dat Marijke en Henk er op letten dat er zeker ook ‘kweek’ in een goede stam of bloedlijn zit. De kweekmethode kan omschreven worden als positieve massa-selectie, en daarvoor hoeft men niet uit elke duif te kweken die voor handen is. Een logisch gevolg hier van is dat het aantal gekweekte jongen niet zo idioot groot hoeft te zijn, zodat er aan het einde van het jaar niet zoveel geruimd hoeft te worden.

Het hok en de aantallen
Zoals al aangegeven in het voorgaande was en is hun hok, en dit zeker gezien de behaalde uitslagen en kampioenschappen eigenlijk kleiner dan dat ik persoonlijk verwacht had. Ja, eerlijk gezegd had ik hier gezien hun spel ook een meer dan mega accommodatie verwacht. Gelukkig, het tegendeel is waar… en dat werd mij tijdens mijn bezoek nogmaals bevestigd. Ondanks de toch geringe accommodatie is en was er wel over alles qua indeling goed nagedacht. Zo staat er een hok van enkele meters voor de weduwnaars (een goede 9 stuks). Tevens staat er een hokje wat verdeeld is voor de vliegende weduwduivinnen (een 14 stuks) en de jaarlijks goede +/- 25 jongen. Voor de aanwezige kweekduiven, een elftal koppels, is er een onderkomen in de naast en achter het huis gelegen garage gekomen.

Het spel en hun methode
Er word hier in Mookhoek weduwschap met zowel doffers als met duivinnen gespeeld. Wel is het in deze zo dat voor zowel bij de doffers als de duivinnen die op de vlucht gaan… hun wederhelft altijd thuis is. Met andere woorden, met zowel de duivinnen van de weduwnaars als met de doffers van de weduwduivinnen word onder geen beding gespeeld. (Welk zeer groot kampioen deed zoiets ook? Nou, wijlen Anton Witjes, de man achter de grote successen van wijlen mevr. Eijerkamp en later Lotte Eijerkamp)

De weduwnaars worden gelijk met de kwekers gekoppeld waarna de eieren van de kwekers onderlegd worden bij deze. Dan worden aansluitend de koppels van de weduwduivinnen gekoppeld waarmee hetzelfde geschied. Zowel de doffers als de duivinnen brengen ieder gewoon, indien voorradig twee jongen groot. Deze komen daarna niet meer op eieren… maar worden in maart weer herkoppeld. Na een 5-tal dagen broeden kan het spel beginnen. Ook van tonen (tenminste bij de weduwmannen) of trucjes moeten ze niets weten. Zeker de eerste 1 ½ maand worden ze zo uit het hok gepakt. Na deze periode willen ze nog wel eens een pan geven maar absoluut geen duivin. De duivinnen daarentegen die de degens van het hok Vink moeten verdedigen krijgen wel altijd hun partner te zien voor inkorving. En afhankelijk van de vlucht kan ook het tonen na de vlucht geschieden. De gekweekte jongen worden hier verduisterd en op de deur gespeeld. Na het seizoen worden de duiven gekoppeld en mogen ze nog een ronde jongen groot brengen waarna ze het liefst zo snel mogelijk van elkaar gegooid worden. Wat de vrouw des huizes mij wel aangeeft is dat ze het heel belangrijk vindt dat de duiven, na een seizoen van inspanning… wat plezier hebben na het seizoen. Zo komen de duiven, eenmaal weer gekoppeld geregeld voor langere tijd buiten. Met een liefdevolle blik geeft ze aan, “Het is toch zalig, als je de duiven kan aanschouwen op het grasveld nadat ze hun rondjes gemaakt hebben. Nee, in deze tijd moeten ze niets en mag bijna alles”. Dit wordt mij aangegeven… zoals enkel en alleen een vrouw, met liefde voor haar duiven dit kan aangeven !!!

De verzorging
Over de verzorging pratend kunnen we concluderen dat we deze als zeer stipt kunnen omschrijven en deze in zijn geheel in handen is van Marijke. Als het spel eenmaal op de wagen zit, zoals dit zo vaak omschreven word… komen de duiven bij voorkeur tweemaal daags buiten. Van het verplichte trainen willen ze hier niets weten. Als de duiven goed zijn, dan trainen ze uit zichzelf goed en voldoende. De jongen daarentegen komen maar eenmaal daags buiten voor hun rondjes te trekken. De woorden van Marijke in deze waren, “Ze speren naar buiten en zijn gerust een goed 1 ½ uur verdwenen”. Buiten deze training kan men stellen dat er met een vrij ruime hand gevoerd word. Zeker gezien de aankomende dagfondvluchten. In het begin willen ze nog wel eens een percentage zuivering aan de vliegmengeling toevoegen en dit zeker op de vitesse vluchten. Maar over het algemeen worden de duiven best goed gevoerd. Zeker bij thuiskomst van een vlucht kunnen ze naar hartelust eten. Dit weer op aanraden van Gerard Koopman. Trouwens de meeste dingen qua verzorging hebben ze zo van Gerard aangenomen. De waterpannen worden hier, mits de temperatuur toelaatbaar is eveneens maar eenmaal daags ververst. Wel krijgen ze regelmatig groenvoer, biergist en een pinda voorgeschoteld. Maar eigenlijk, zo geeft Marijke me nadrukkelijk aan, is dit gewoon een moeilijk onderwerp om goed en duidelijk te beschrijven. Het kan altijd anders, je moet gewoon de ogen altijd goed geopend houden en daar naar handelen.

Het geheim, of is het gewoon het medische gedeelte
Op medisch gebied is het net zoals bij velen van ons. Tijdens de eerste broed een geelkuur met BS of Ronidasol. Verder eigenlijk zowel de duiven als de mest voor controle aanbieden in Breda bij Dr de Weerd en naar gelang handelen. Dan in het begin van het seizoen iets voor het geel bij thuiskomst in combinatie met druivensuiker en wat elektrolyten. Dit ook weer afhankelijk van de zwaarte en warmte van de vlucht. Anders krijgen ze eerst een uurtje gewoon zuiver water voorgeschoteld. Eens in de 4, 5 of 6 weken, afhankelijk hoe de duiven zijn willen ze ook nog wel eens iets tegen de ornitose verstrekken. Let wel, dit is puur afhankelijk hoe de duiven zijn. In de begin periode krijgen de duiven op zondag eveneens een middel voor de eventueel sluimerende Adeno Colie uit te sluiten. Maar het belangrijkste is gewoon volgens zowel Marijke als Henk om je ogen continu open te houden en gewoon goed op te letten.

Ik weet niet of het te ver gezocht is maar toch
Uit “Aladin” gekoppeld aan “Farah Diba” geeft hij “Mascotte” NL 03-1116539 zijn zoon NL 05-1375863 wint onder andere 1e Ablis 3.547 d. Nog een zoon “539” namelijk GB-06-L27623 (via Peter Fox) wint 1e St Quentin 1.879 d. dit bij de gekende combinatie Colijn – Ganus. Maar deze “L27623” is vader van “Cantel” NL 07-3762627 zij heeft enkel als jong en jaarling gevlogen en is niet verder gespeeld dan Orleans. Zij wint als jong 4e Strombeek 8.402 d., 30e Pommeroeul 8.567 d. en 5e N.P.O. Orleans 14.014 d en als jaarling 3e N.P.O. Orleans 9.800 d., 3e Creil 3.616 d., 6e Pithiviers 3.784 d., 8e Pommeroeul 2.082 d., 9e Pommeroeul 2.201 d., 11e Creil 8.574 d. (Deze zit nu bij Peter Fox) Ook uit de NL 03-1116539 de NL 04-2041664 en zij is de moeder van “Kilwillie” met zoal 22e N.P.O. Blois ’09 12.147 d. en 25e N.P.O. Chateauroux ’09 7.355 d.

De woorden van Marijke en Henk zijn dan ook
Na diverse topduiven door de handen te hebben laten gaan, geven beiden dan ook aan dat het dankzij deze Superlijn is dat ze 1e dagfondkampioen in 2009 en 2010 zijn geworden binnen hun afdeling.

Wat maakt dit allemaal zo bijzonder
Honderden eerste prijzen werden er door deze meer dan bijzondere ‘klasse duiven’ behaalt. Want resultaten zoals bovenstaande kunnen alleen gerealiseerd worden door zeer goede duiven… dat is de conclusie die ze reeds van in 1989 hadden gemaakt. Gewoon, een stam waar meer dan kweek in zit ……
Na het voorgaande allemaal gelezen te hebben hoop ik dat ik met dit schrijven U als lezer onder de indruk heb kunnen brengen van het hok, Marijke Vink uit het Zuid – Hollandse Mookhoek. Hier, bij het meer dan sympathieke stel in de personen van Marijke en Henk Vink geld met recht de regel, “Niet het vele is goed, maar het goede is veel” !!!

Commentaires

awesome