Rechercher

Hans Eijerkamp - Brummen (NL) viert 60-jarig jubileum als duivenmelker

Nederlands grootste meubelicoon, de éminence grise van de duivensport, … superlatieven schieten tekort als het over Hans Eijerkamp gaat. Toch ziet de 76-jarige Brummenaar zichzelf nog steeds als diezelfde duivengekke jongen van 15, alleen een schat aan ervaringen rijker.

Hans Eijerkamp vertelt over het hectische leven in de duiven- en meubelbranche (‘doordat ik zaterdags moest werken, miste ik op jonge leeftijd de 1. Nationaal’), over zijn zoon Evert-Jan (‘hij kan als geen ander iemand kampioen maken’), over de huidige stam duiven die wereldwijd zo’n enorme impact heeft (‘als een ander succes heeft met onze duiven, voelt het als een eigen overwinning’) en dat Eijerkamp behoort tot de top 3 van meubelbolwerken van de gehele Benelux … maar vooral over de sleutel tot het succes; zijn unieke ‘feeling’ met mens en dier.

Elke Eijerkamp is van alles perfect op de hoogte … zo was het, zo is het en zo zal het altijd blijven.

Zijn blik dwaalt af bij het over scheren van trainende weduwnaars, die schaduwen werpen in de achtertuin van huize Eijerkamp - een schitterende villa die direct in verbinding staat met levenswerk Greenfield Stud; het duivenbolwerk van Hans Eijerkamp. De meubelgigant in ruste is naast zeer geslaagd zakenman - die een kleine meubelzaak uitbouwde tot Nederlands meest indrukwekkende woonimperium - diep in zijn hart nog steeds die enthousiaste duivenmelker die als jonge jongen van sprokkelhout een eerste hokje in elkaar timmerde. Gehuld in stofjas en -masker komt zoon Evert-Jan, al net zo bezeten van de ‘luchtpaarden’, zijn vader bijpraten over de stand van zaken. ‘Binnenkort gaan we koppelen, ik heb de ideale duivin voor ‘Ché’ gevonden … je moet haar zo even komen bekijken.” Elke Eijerkamp is van alles perfect op de hoogte … zo was het, zo is het en zo zal het altijd blijven.

“In al die jaren was het enorm belangrijk om vooruit te kijken; daarmee haalde ik zowel op meubel- als duivenvlak de grote winst. Als een van de eersten ging ik naar België om duiven te halen van grootmeesters als Maurice Delbar en de gebroeders Janssen; daar hadden de meeste Nederlanders slechts in verhalen over gehoord; qua kwaliteit lag ik dus direct een straatlengte voor op anderen … en op meubelvlak was ik één van de eersten die verschillende woonwinkels onder één dak bracht en we creëerden een echte woonboulevard; wat voortreffelijk aansloeg! Toch was de grootste winst het bedenken van de meubel-duiven formule. Mensen vroegen me om een duifje als ze meubels kochten bij Eijerkamp. Geen probleem en nadat we daar in 1966 voor de eerste keer mee adverteerden, wist heel Nederland de weg naar Eijerkamp te vinden. Deze formule stond niet alleen aan de basis van het huidige duivenbolwerk, maar zeker ook van de meubelzaak.” Het leverde Hans Eijerkamp zelfs een Koninklijke onderscheiding op: benoeming tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. “Vanwege de wijze waarop ik Zutphen op de kaart hebben gezet op zowel meubel- als duivengebied. Ik ben daar enorm trots op!”

“Volgend jaar komt die tijd weer terug, daar kijk ik echt enorm naar uit!”

Waar Hans-Eijerkamp zich zowel op meubel- als duivengebied al enkele jaren slechts op de achtergrond met de strategie bemoeit, kijkt hij ook nu weer vooruit. “Net toen mijn activiteiten voor de meubelzaak in een wat rustiger vaarwater kwamen, begon mijn lichaam ongemakken te vertonen; mijn knie bleek een groot probleem. Dat is ruim acht jaren geleden en meerdere - helaas ook mislukte - operaties verder, ben ik pas nu eindelijk weer wat beter te been. Dus pas in 2011 kan ik doen wat ik de afgelopen jaren zo ontzettend graag had gewild; meer tussen de duiven vertoeven. Dat vond ik als twintiger ook het allermooiste. Van ‘s ochtend erg vroeg tot ’s avonds erg laat was ik op pad voor de meubels, ook op zaterdag. Alleen de zondagochtend kon ik van de duiven genieten; het waren mijn fijnste uren van de week. Gewoon het schoonmaken en tussen de duiven zitten, één zijn met die duiven, ze observeren en die interactie zoeken; wat heb ik daar van genoten die jaren! Volgend jaar komt die tijd weer terug, daar kijk ik echt enorm naar uit!”

Wie Hans Eijerkamp op de praatstoel aantreft, zal likkebaarden bij de romantiek die zijn verhalen siert. Vol enthousiasme vertelt hij over zijn bezoekjes aan de wereldberoemde gebroeders Janssen in België, destijds een wereldreis die haast niemand ondernam … of zijn tripjes naar Internationale beursen, waar hij als PR stunt de omroeper tien gulden gaf om de hele middag om de tien minuten zijn naam om te roepen … diezelfde middag was hij een internationale bekendheid. Of de stunt om karakteristieke Deventer koekjes mee te nemen om uit te delen bij de Olympiade in Brussel in 1971; de bezoekers dachten echter dat het pikkoeken waren en waagden zich er niet aan; in huize Eijerkamp werd er toen nog maanden ‘Deventer koek’ bij de koffie geserveerd. Het arsenaal aan smeuïge anekdotes kent nauwelijks een einde.

Zijn ogen sprankelen als zijn tienerjaren aan bod komen.

“Samen met mijn duivenvriend Rudi Hoff reden we vele boeren en molenaars af en mixten we ons eigen graan … we werden ook niet zelden voor de gek gehouden door clubgenoten; die zeiden ons dat een verse paardenvijg in het hok wonderen zou doen. Wij uren wachten in de stal bij een boer … toen het paard poepte, de vijg snel in een doos, als een razende op de fiets naar het hok en toen kijken hoe de duiven reageerden … natuurlijk deerde het ze niets. Maar we waren zo fanatiek, dat we alles aangrepen wat tot verbetering zou leiden.” Vanzelfsprekende leverde het ‘de kwajongens’ verschillende lachsalvo’s op in de duivenclub, gebulder wat niet veel later echter snel verstomde. “Want al in mijn beginperiode pakte ik regelmatig een eerste prijs en werd zelfs als begin twintiger al jonge duivenkampioen in de Kring Zutphen; waar eigenlijk altijd de beste duiven en beste liefhebbers van Nederland hebben gevlogen.”

In 1950 als 15 jarige jongen werd een hokje met sprokkelhout in elkaar getimmerd en na de verhuizing naar de Rozenhoflaan in 1951, kreeg ‘Hans Eijerkamp - de duivenmelker’ eigenlijk steeds meer gestalte. “Ik weet nog goed dat ik mijn eerste klok kocht, een STB … op afbetaling! Die kostte 300 gulden en zes jaar lang betaalde ik iedere week 1 gulden om mijn schuld af te lossen … een vermogen, maar zo leerde je geld wel waarderen. Ook in die tijd begonnen mijn werkzaamheden voor de meubelzaak van mijn vader; die parallel tussen meubels en duiven heeft dus altijd als een rode draad door mijn leven gelopen. Overdag leerde ik matrassen maken en ’s avonds mocht ik vlot op pad om meubels af te leveren … ik zorgde dan dat ik allerhande andere waar mee had om te verkopen, van kleding tot huishoudelijke artikelen. De opbrengst daarvan gebruikte ik om duiven te kopen; want ik wilde de beste zijn! En dus moest ik de beste duiven hebben. Koste wat kost … die drijfveer naar succes heb je nodig om de top te halen; in wat je ook doet.”

Nog voordat de term Public Relations in Nederland was doorgedrongen, was Hans Eijerkamp er een kei in

Omdat duiven hobby was en meubels werk, besloot Hans zijn vaardigheden in de meubelbranche ten volste te willen ontwikkelen. “Je bent misschien geen vakman, maar je weet mensen voor je te winnen,” zei mijn vader me al op jonge leeftijd. Public Relations was, nog voordat die term in Nederland überhaupt was doorgedrongen, Hans Eijerkamps allersterkste punt ... en hij deed er ook alles aan dat eigen te maken. Hans haalt een pak met diploma’s van de handelsschool te voorschijn om dat te onderschrijven: ‘Best geslaagde student Praten in het Openbaar’, ‘Best geslaagde student Verkoopvaardigheden’ en in een later stadium ‘Beste Gelderse ondernemer PR’. Noem ze maar op. Hans was ambitieus en zijn gevoel om met mensen om te gaan, maakte hem vlot een geslaagd zakenman. “Ik haalde mensen ’s avonds op, nam ze mee naar onze woonwinkels die toen nog verspreid waren over heel Zutphen, legde zo volledig in de watten en verkocht ze meubels. Dat kwam vooral omdat het mij niet alleen om ‘scoren’ op zakelijk gebied ging, ik luisterde naar het verhaal achter de mensen … wat ze hadden meegemaakt en waar ze behoefte aan hadden. Die interesse in de mens gaf de doorslag en het stapje extra dat ik wilde doen werd enorm gewaardeerd.”

Die ‘feeling’ in de omgang met mensen, kwam ook bij dieren heel vlot naar voren. Als twaalfjarige jongen had het gezin een aantal kippen, die door Hans Eijerkamp volledig waren afgericht en gedirigeerd … als volleerde circusartiesten marcheerden ze achter elkaar aan, met Hans als dirigent. Later, met postduiven, bleek datzelfde gevoel ook nadrukkelijk aanwezig. Maar als druk zakenman, die van ’s ochtend 7 tot ’s avonds 10 op pad was, had hij eigenlijk nauwelijks tijd voor zijn gevleugelde vrienden. En toch was hij een liefhebber om rekening mee te houden. “Ik herinner me nog één van de eerste edities van de vlucht Nationaal Parkinstone. Ik moest, zoals altijd, werken op zaterdag en had een duivenvriend gevraagd bij mij op te komen passen. Ik zat knalvroeg, maar mijn zus zei ’s avonds: ‘die duif zat al een tijdje op je hok, voordat je duivenoppas kwam.’ Met andere woorden; ik had de eerste Nationaal gemist! Wat een domper en ik besloot dat zoiets me niet nog eens zou gebeuren!”

“Die duif zat al een tijdje op mijn hok. Met andere woorden; ik had de eerste Nationaal gemist!”

Aldus ontsproot zich in 1970 dé grote droom van Hans Eijerkamp; het openen van De Ponderosa. “De meubel duiven formule bleek zo’n groot succes, dat het niet meer te doen was zo veel koppels in mijn hok aan de Rozenhoflaan te huisvesten. Kweekstation De Ponderosa was een geweldige oplossing, met mijn oude vriend Gerrit Wormgoor als hoofd van de kweekduiven en Harm Modderkolk als verantwoordelijke voor de vliegploeg. Vakmensen dus en eigenlijk is het altijd zo gebleven dat alleen echte ‘rasmelkers’ bij Eijerkamp hebben gewerkt. Mensen die wat extra’s met een duif kunnen en net als ik de duif diep geworteld in het hart hebben. Van heinde en verre, ook van over te grenzen, kwamen mensen naar De Ponderosa om onze zeldzame collectie topkwekers te bewonderen … en - door ook meubels te kopen - er jongen van te bemachtigen. Een instituut was geboren; en tevens onze drang om liefhebbers over heel de wereld van top materiaal te voorzien.”

Vragen we Hans Eijerkamp naar de basis van de vele decennia succes, dan vliegen als eerste de illustere namen van ‘Bange van 64’ (een doffer uit de ‘Bange van 51’) x een dochter van ‘Merckx’ van de lippen … een koppel dat samen met Walter Jasinsky werd samengesteld was en een enorme impact hadden in de duivensport … allereerst op eigen hokken waar nazaten als ‘Romario’ (Olympiade duif 1993), ‘Flits’ (Olympiade duif 1995), ‘Jonge Generaal’ (Olympiade duif 1997), ‘Lady Jumbo’ (1. Nat. duivin 2000) en ‘Mr. Loverman’ (1. Nat. doffer 2000) onder de bezielende leiding van Anton Witjes de internationale top bestormden. Samen met andere toppers van dezelfde lijnen zoals ‘Fameuze 05’ (1. Nat. asduif midfond WHZB 1981), ‘James Bond’ (1. Nat. asduif midfond 1984), ‘Glamourboy’ (1. NPO Etampes), ‘Loverboy’ (1. wereldkampioen jong 1996), ‘Wonderboys’ (2. en 4. Nat. asduif 1990) vormden zij de Eijerkamp-Janssen familie, die hoofdverantwoordelijk was voor het succes van de afgelopen dertig jaar … vooral in kruising met het ras Louis van Loon, waarvan Eijerkamp ook de allerbeste duiven bemachtigde – bij de grootmeester zelf en op andere hokken – bleek ‘de Janssen duif’ uitstekend te renderen. De huidige absolute grootheid ‘Ché’, zelf winnaar 1. NPO Orleans en 1. regionaal Arras en super vererver, is een kruising Janssen x Van Loon.





 

Een grote map verschijnt op tafel; Hans Eijerkamp leest al zo 18 (Inter)nationale overwinningen met Eijerkamp duiven in 2010 voor

Maar Eijerkamp denkt vooruit, heeft dat altijd gedaan, en is daarom in tientallen jaren duivensport immer in staat gebleken die duiven te kweken, die de mondiale duivensport domineren. Erg belangrijk daarin is de introductie van de Heremans-Ceusters duiven, onnavolgbaar op de snelheidsvluchten in België en door Eijerkamp in een vroegtijdig stadium ontdekt. Op de totale verkoop van de tandem uit Vorselaar werden de beste vliegers en sterkste verervers bemachtigd, waardoor de Eijerkampen schatbewaarder van dit succesvolle geslacht duiven werd … op Greenfield Stud excelleren ze haast wekelijks en uit binnen- en buitenland stromen de referenties met nazaten van deze giganten in bosjes binnen. “Zo rap nadat we ze aanschaften al, dat heb ik nog nooit meegemaakt” zegt Hans Eijerkamp. “een nieuw wereldras is hier zeker in wording; hoe kan het ook haast anders met zo’n superkenner als Leo Heremans als grondlegger.”

 

Voor de prestigieuze eendaagse NPO vluchten werden recent duiven bemachtigd van het nobele ras De Rauw-Sablon … in België toonaangevend op de Nationaals en bij Eijerkamp gezien als ideaal kruisingsmateriaal tegen de eigen Janssen en Van Loon basis. De filosofie betreft de meerdaagse fond is in Brummen betrekkelijk simpel … getracht wordt Nationale asduiven of winnaars te bemachtigen en die worden zo veel mogelijk tegen kinderen van andere Nationale toppers gekoppeld … waarbij zo veel mogelijk in lijnen wordt geteeld en goed x goed een belangrijk devies is. Daarbij wordt gestreefd naar meerdere generaties (inter)nationale asduiven en 1. Nationaal winnaars in de stamboom. Van 100 tot 1.000 km weten de Eijerkamp duiven daardoor te domineren en zijn ze geschikt om op alle continenten mee te dingen om de hoogste eer.

Een grote map verschijnt op tafel. Hans Eijerkamp opent hem en leest hardop voor: “1. Nationaal Barcelona België bij Bart Verdeyen 2010; 50% Eijerkamp duif … 1. Nationaal sector St. Malo Engeland bij Mark Gilbert 2010; 50% Eijerkamp … 1. provinciaal Lyndhurst Australië bij Des Evans 2010; 100% Eijerkamp … een jonge duif met 4x 1. prijs en twee Olympiade duiven voor 2011 Roemenië bij Stefan Toncu 2010; 100% Eijerkamp … 1. prijs op koninginnevlucht in Canada bij John Stevenson 2010; 100% Eijerkamp … Jonge duiven kampioen Noord-Vrijstaat Afrika bij Hattingh Danie 2010; 100% Eijerkamp … en natuurlijk 1. Nationaal Bordeaux, 1. NPO Bourges en 1. Nationaal Cahors in Nederland …. allen Eijerkamp afstammelingen. En dat is slechts een greep van de vele referenties!” Uiteindelijk stokte de teller van (Inter)nationale overwinningen met Eijerkamp nazaten op maar liefst 18!!

“Evert-Jan is een super duiven kenner en in staat anderen echt kampioen te maken”

“Ik heb zo’n enorme zin in 2011 weer ouderwets te gaan ‘duivenmelken’,” blikt Hans Eijerkamp nog eens vooruit. “Vooral omdat de kwaliteit op onze hokken eigenlijk hoger is dan ooit! Dat danken we voor een groot deel aan Evert-Jan, die de kweekstrategie bepaalt. Natuurlijk wel in samenspraak met Henk Jurriëns,” haast Hans zich te zeggen, refererend aan de export manager en groot expert op duivengebied … al meer dan vijfentwintig jaar een belangrijke schakel bij Eijerkamp. Zijn kennis van de Internationale duivenwereld en de Eijerkamp-stam in het bijzonder is speciaal. Ook Gerard Boesveld - soigneur van Lotte Eijerkamp en zonder meer een groot kweekexpert, draagt zijn steentje bij aan succesvolle koppelingen. Samen met Piet Schrijvers, soigneur van Hans & Evert-Jan Eijerkamp die het als een der weinigen beheerst om van vitesse tot zware fond uit te blinken, en Anton Koster de kweekkoppels zorgvuldig soigneert, vormen ze Team Eijerkamp. “Ik heb enorme waardering voor de wijze waarop Evert-Jan naast zijn grote verantwoordelijkheden binnen de woonwinkel, zijn stempel op ons duivenbestand drukt. Evert-Jan heeft dat unieke gevoel voor een duif; een onbeschrijfelijk ‘fingerspitzengefühl’ om de juiste koppeling samen te stellen. Daardoor is hij in staat om mensen kampioen te maken. Vele hokken vliegen veel harder nadat ze zijn adviezen opvolgden en natuurlijk plukken we er zelf magnifiek de vruchten van. Evert-Jan denkt vele jaren vooruit … ‘jongen uit deze koppeling kunnen we volgend jaar het best koppelen tegen een nazaat van die koppeling, om vervolgens in 2013 de ultieme koppeling voor eendaagse fond te garanderen’ … wel doordacht kweken dus; een filosofie die de kwaliteit op onze hokken heeft gebracht naar het niveau waar we nu zijn …”

Recapitulerend kijkt Hans Eijerkamp terug op 60 soms hectische, soms dramatische, maar veelal schitterende jaren. “Het opbouwen van dit bedrijf heeft heel veel uren werk en heel veel zweetdruppeltjes gekost, maar het was het waard. En over rozen ging het allerminst; we verloren onze zoon Martin, een super duivenmelker, en manager Frank Dokman beiden op veel te jonge leeftijd en van mijn eerste vrouw Joke moesten we niet veel later afscheid nemen. Ik ben erg gelukkig met mijn tweede vrouw Hilma, die mijn liefde voor duiven waardeert en zelf een fanatiek supporter is geworden.” Eijerkamp draagt de jeugd binnen de duivensport een zeer warm hart toe en verschillende jeugdliefhebbers worden regelmatig uitgenodigd om de kneepjes van het vak te leren … “Want zelf vond ik het ook fantastisch als ik geholpen werd vroeger; zoals door Gerard Vanhee die me in 1972 het weduwschap met jonge duiven leerde. Bijdragen aan de toekomst van de duivensport dus; dat is voor ons een doel op zich.”

Hans Eijerkamp wordt aan het einde van zijn betoog gestoord door de telefoon en zijn aanvankelijke irritatie daarover slaat snel om in een stralend gelaat. “Dat was Evert-Jan,”zegt hij nadat hij de telefoon heeft uitgezet. “De meubelzaak heeft weer geweldig gescoord en behoort daarmee echt tot de absolute top van de Benelux ... nog mooier; hij kreeg een brief van Marijke Vink, die een zoon van ‘Ché’ haar nieuwe topkweker noemt. Geweldig toch?” Aan enthousiasme heeft de Brummenaar zeker niet ingeboet. Zijn trots op meubel- en duivenbolwerk is terecht enorm groot; toch is het ‘één zijn’ met de duiven hem nog het allerliefst. De band tussen mens en dier … een nooit verloren gevoel!

  

Carlo en Nadine Gyselbrecht op bezoek bij Hans en Hilma Eijerkamp

Carlo Gyselbrecht en Hans Eijerkamp verwikkeld in een geanimeerd gesprek

 

Hans Eijerkamp lovend over de ondernemingsgeest van Nikolaas en Thomas Gyselbrecht; twee generaties, één ambitie

Commentaires

EEN HEEL LEUK EN ZEER VERDIEND VERHAAL VAN EEN AIMABEL MENS
MET EEN DUIF IN ZIJN HART