Search

De geschiedenis van de Belgische duivensport - De Meyer Etienne (Lembeke, BE) - Deel II - Slot

In het tweede en laatste deel van de reportage over Etienne De Meyer gaat de meeste aandacht naar het spel met de jonge duiven, alsook tips hoe succesvol weduwnaars klaarstomen voor het zwaardere werk.

V. • Na hoeveel dagen worden de jonge duiven gespeend ? Is de samenstelling van de voeding dan ook dezelfde, en hoe wordt er de  eerste dagen na het spenen gevoederd ?
A. - Ten vroegste na 26 dagen zal ik tijdens de vroege kweek de jongen spenen. Ook dan blijft de samenstelling van mijn voeding steeds dezelfde. Wel zal ik er de eerste dagen over waken dat er doorlopend eten ter beschikking ligt in de eetbak bij de piepers. Toch blijft dat zo slechts gedurende een drie- a viertal dagen. Daarna wordt er gedurende een paar weken zoveel gevoederd als de jongen lusten, onder die voorwaarde dan dat er na het voederen geen resterend eten meer blijft liggen in de eetbak. Eens volgroeid, wordt er opnieuw overgeschakeld naar het voederen „ op feeling ".

V. • Hoe gaat ge tewerk na het spenen der jonge duiven met uw vliegduiven in het vooruitzicht van het nieuwe vluchtseizoen ? Wanneer worden ze gescheiden en wanneer opnieuw gekoppeld ?
A. - Om een juist beeld te geven van mijn handelswijze, dienen we het antwoord op deze vraag aan te vangen met de vermelding dat de duivinnen worden weggenomen van het weduwnaarshok van zodra dat  de jongen ongeveer 2 weken oud zijn. De piepers blijven dan nog een  twaalftal dagen bij de weduwnaars, terwijl de duivinnen naar de ren  gaan. Op die manier worden de duivers mijn inziens bijzonder „bak vast ". Wanneer de jongen dan na een 26-tal dagen gespeend worden,  komen de duivers op weduwschap. Dat blijft zo tot einde maart - begin  april, rond welk tijdstip ze opnieuw gekoppeld worden. De kweekcyclus mag dan herbeginnen tot omstreeks een 10-tal dagen broeden, tijdstip  waarop de duivin opnieuw wordt weggenomen en ook de nestpannen  verwijderd. Indien de weersomstandigheden het toelaten worden de weduwnaars aangeleerd tijdens die 10 dagen broedtijd. Tijdens de leervluchten worden de weduwnaars steeds gezamelijk gelost. Na tweemaal weggevoerd te zijn moeten ze reeds naar Moeskroen (60 km), terwijl de volgende inkorving reeds een prijsvlucht uit Arras betreft (die 1ste vlucht wordt normaal gespeeld de laatste of de voorlaatste zondag van april). De oude duiven vliegen één maal Arras en één maal Clermont en moeten dan reeds naar de halve fond, de jaarlingen vliegen éénmaal Arras, tweemaal Clermont en dan ook de halve fond op.

V. • Wordt er tijdens de aanloop naar het vluchtseizoen een veearts geraadpleegd ? Wat doet U om de duiven tijdig in de gewenste conditie te krijgen, en worden de gemixte groenten ook voor en tijdens het vluchtseizoen aan de vliegduiven toegediend ?
 A. - Na het koppelen eind maart - begin april wordt er een veearts geconsulteerd, en indien het dan noodzakelijk mocht blijken, dan zal er een kuur toegediend worden tijdens het broeden. Dit enkel op advies van de veearts, beslist niet op eigen initiatief. Wat het verkrijgen van conditie betreft, die moet er komen door het toedienen van een aangepaste en gezonde voeding (eigen handelsmengeling). Een gezonde duif die gepast gevoederd wordt moet vanzelf naar de conditie kunnen toegroeien. Anderzijds is het inderdaad zo dat de gemixte verse groenten ook voor en tijdens het vluchtseizoen wekelijks worden aangewend op het vlieghok. Dichter bij de natuur en gezonder kan uiteraard niet.

V. • Hoe gaat U tewerk bij het weduwschapsspel, wordt de duivin voor elke inkorving vertoond ? En hoelang na de thuiskomst van de duivers blijft de duivin nog op het weduwnaarshok ?
 A. - Vooraleer te gaan inkorven ga ik steeds als volgt te werk. Eerst en  vooral plaats ik de nestpannen in de weduwnaarsbakken, en dan ga ik onmiddellijk de duivinnen halen in  de ren. Ik vestig er de aandacht op dat ik voor iedere inkorving van weduwnaars zo te werk ga. Bij het nemen van de duivinnen let ik er op dat ik ze in de mand plaats in het vakje waarin nadien hun duiver moet komen. Ik ga dan met de mand(en) naar het weduwnaarshok, en laat van aan de deur de duivin die zich in vakje 1 bevindt los, deze vliegt in de woonbak bij haar duiver. Van zodra de duivin in de bak komt wordt haar duiver weggenomen en in het 1ste vakje van de mand geplaatst. Dan wordt de 2de duivin  losgelaten, van als ze in de bak bij haar duiver komt, wordt deze weggenomen en in het 2de vakje geplaatst van de mand, en zo wordt er verder gehandeld tot alle weduwnaars zich in de reismand bevinden. Op die manier zien duivers en duivinnen elkaar hooguit een paar seconden. Dat is volgens mij een voordeel, want wanneer er dan duivinnen bijzitten die niet hitsig zijn naar hun duiver, kan deze laatste het nog niet weten, en zal die negatieve houding van de duivin aldus geen nadelige invloed hebben op de vliegprestatie van de weduwnaar. Bij de thuiskomst van de weduwnaars van de prijsvlucht zitten de duivinnen half bak, en bij het begin van het seizoen  mogen de geslachten zo'n 20 a 30 minuten samenblijven. Naargelang het vluchtseizoen vordert wordt die tijd geleidelijk aan langer, om de laatste twee weken van het  weduwschapsspel zelfs uit te lopen tot een halve dag. Het is dan zelfs doorgaans zo dat duiver en duivin samen mogen uitvliegen.

V. - Krijgen de vroege jonge duiven iedere dag vrije of verplichte uitgang, en op welke tijdstippen van de dag gebeurt dit ? Wordt er vanaf het ogenblik dat de jongen vlot kunnen vliegen een dagelijkse vliegverplichting opgelegd ?
A. - Van zodra de jonge duiven in de bakken en op de loopplank vliegen, worden de lopers doorlopend opengezet (voor zover de weers omstandigheden dat toelaten) teneinde  de jongen aldus de mogelijkheid te geven om vrij op het dak te gaan. Zo mag het gedurende ongeveer een volle week, tot ik tot de vaststelling gekomen ben dat ze ongeveer  allemaal reeds op het dak gezeten hebben. Van dat ogenblik af begin ik ze te dresseren, waarmee ik bedoel dat ze dan tweemaal daags gedurende 1 uur buiten mogen, en  indien ze eten willen dat ze dan ook op mijn roepen tijdig moeten binnenkomen - zoniet lopen ze het risico dat de vlugsten het laatste graantje hebben opgepikt. Eens de jongen trekvluchten beginnen doen, worden ze nog wel tweemaal daags uitgelaten, maar dan worden ze onmiddellijk na hun terugkomst opnieuw binnen geroepen  ook als dit minder  dan 1 uur is na het uitlaten. Een vliegverplichting wordt er nooit opgelegd, een gezonde duif moet vanzelf vliegen.

 V. • Worden de jonge duiven ingeënt tegen pokken ? Hebt U ook  reeds gebruik gemaakt van inentingen tegen paratyphus ? Waarom wel of waarom niet ?
A.
- Ieder jaar ent ik mijn jongen in tegen pokken, en de reden hiervoor  ligt voor de hand : zonder inenting is het bijna onmogelijk om het  volle vluchtseizoen af te handelen  zonder met pokken geplaagd te  zitten. Ook tegen paratyphus worden mijn duiven ieder jaar gevaccineerd.  De reden is ook hier voor de hand liggend : persoonlijk heb ik deze  besmetting op het hok gekregen, en topduiven heb ik alzo zien  sterven. Uiteraard wil ik zoiets nooit meer meemaken. Bovendien is het  ook zo dat er meer duiven te kampen hebben met paratyphus-verschijnselen dan de meesten onder ons kunnen vermoeden. En daar komt bij dat ik uit ondervinding kan vermelden dat het inenten tegen paratyphus zeker geen nadelige invloed heeft op de prestaties van de  duiven. Integendeel zijn de prestaties er nog eerder op verbeterd. Om  al deze redenen ent ik jaarlijks in, en zal ik ook in de toekomst blijven inenten.

 V. - Wanneer heeft de eerste training plaats met de mand bij de jonge  duiven ? Geef een overzicht van de manier waarop U de jongen voorbereid op de prijsvluchten, en vermeldt omstreeks welke datum aan de eerste prijsvlucht wordt deelgenomen.
 A.
- Een paar weken nadat de jonge duiven goed beginnen trekken, moeten ze reeds een eerste maal de mand in. Ze worden dan gelost op  circa 2 a 3 km. afstand. In een paar dagen tijd, en na een viertal keren weggevoerd te zijn, worden ze reeds gelost op een 20-tal km. van het  hok af. Die 20 km. krijgen ze wel een drietal maal te verwerken, om van daar af dan in één ruk naar Moeskroen te gaan (60 km.) Éénmaal voer ik ze zelf naar Moeskroen, en éénmaal moeten ze de grote mand in met de massa en indien mogelijk zelfs voor prijs. De volgende etappe ligt dan in Arras, en meteen is de voorbereiding voor het eigenlijke vluchtseizoen afgewerkt. De eerste Frankrijkvlucht valt omstreeks einde mei - begin juni.

V. • Hoe worden uw jonge duiven gespeeld en geef hieromtrent enige uitleg.
A.
- Meestal worden de jonge duiven gespeeld op hun plankje. Dit doordat mijn jongen meestal niet vroeg rijp zijn, en er aldus slechts weinigen in nestpositie komen. Ik zal niets ondernemen om het nestspel tegen te houden, maar moedig het ook niet aan. Op die manier zijn het dan slechts enkele uitzonderingen die in nest komen. Bij wijze van voorbeeld kan ik aanstippen dat tijdens het vluchtseizoen 1980 van mijn meer dan 40 jonge duiven er slechts drie in nest zijn gekomen. Net als in de voorgaande jaren heb ik evenwel  opnieuw de mooiste prestaties behaald met jongen die voor hun plankje vlogen. Ik meen dat men doorgaans met kalme jongen tot betere en vastere resultaten kan komen, dan met opgehitste.

V. • Hoelang wordt er met de jonge duiven gespeeld, en wordt er hierbij onderscheid gemaakt tussen duivers en duivinnen. Geef ook enige uitleg nopens de  verzorgingsmethode tijdens het vluchtseizoen. Wordt er een veearts geraadpleegd, en wordt er soms aan preventief kuren gedaan ?
A.
- Met de jonge duiven wordt er gespeeld tot de halve fondvluchten in de streek zijn afgelopen (einde augustus - begin september). Ik maak hierbij geen onderscheid tussen duivers en duivinnen - nog nooit heb ik een duif gespaard. Met de pluimenstaat wordt er ook nauwelijks rekening gehouden, ik zal alleen niet inkorven wanneer de oortjes bloot  komen.
De verzorging van de jonge duiven is in grote trekken gelijk als deze bij de weduwnaars. Zij krijgen ook dezelfde mengeling gevoederd (de eigen handelsmengeling) en ook hier gebeurt dat op het gevoel - niet op  maat. Er wordt steeds op de looplank gevoederd, om het vlot binnenkomen van de duiven enigszins in de hand te werken. Ook de jonge   duiven krijgen wekelijks 1 dag de gemixte groenten voorgeschoteld. Voor het vluchtseizoen (een tweetal weken voor de 1ste prijsvlucht)  wordt er een veeearts geraadpleegd, en indien het dan nodig blijkt zal er gekuurd worden. Zo is dat ook tijdens het vluchtseizoen, een preventieve  kuur dien ik nooit toe, een duif die niets mankeert hoeft zeker geen  medikamenten. Ik zie van een dergelijke handelswijze het nut niet in.  Na een kuur geef ik geen vitaminen, omdat ik de mening toegedaan ben dat de natuurlijke groenten die wekelijks rauw en fijn gemixt op  het hok komen wellicht voldoende vitaminen bevatten.

V. - Hoe zou U tewerk gaan mochten de resultaten van uw jonge of  oude duiven beneden peil blijven ?
 A.
- Mijn eerste reactie zou een grondig onderzoek door een veearts  zijn, en indien dit niets mocht aan het licht brengen zie ik geen andere oplossing dan een gedwongen rust. Net zolang tot ik zelf een kentering zou zien in de toestand en de vliegwijze tijdens het uitvliegen. Dan zou ik opnieuw van vooraf aan beginnen, de duiven aanleren en  terug  proberen te spelen.

V. • Moest U zelf opnieuw van start gaan in het duivensport, hoe zou U dan tewerk gaan ?
A.
- In beginsel zou ik zorgen voor hokken die als „ gezond " kunnen bestempeld worden, die tegelijkertijd ruim, luchtig en droog moeten zijn. Dan zou ik mij een bewezen goede rassoort aanschaffen, en ook steeds de gedachte eerbiedigen „ niet proberen lopen vooraleer men kan gaan " wat betekent :
GEDULD HEBBEN.