Search

Tips voor de wintermaanden: op zoek naar beter… - Deel I

Er werd al meermaals gezegd en geschreven: ‘In de winter worden de prijzen gewonnen’. Men bedoelt hiermee dat ook tijdens de rustperiode een goede aangepaste verzorging en voeding beslist noodzakelijk zijn.

Wanneer ik dit weer eens in herinnering breng, dan is het om de ‘vergeetachtigen’ terug aan te sporen deze stelregel blijvend voor ogen te houden. Want… dan komt een ander spreekwoord om de hoek kijken: ‘Beter voorkomen dan genezen’. Het is zonder meer waar, dat alleen duiven die in de winter tiptop in orde zijn, in het daarop volgend vliegseizoen over al hun krachten kunnen beschikken. Wie zijn duiven nu verwaarloost, loopt wel degelijk een achterstand op die dan moet ingehaald worden op het moment dat anderen al hun eerste successen binnen hebben. De laatste jaren heb ik vastgesteld dat al vele liefhebbers van voormelde belangrijkheid doordrongen zijn. Gelukkig maar.

In de maanden december, januari en februari is rust voor de duiven een belangrijk gebod. Een aangepaste wintermengeling past bij deze rustperiode. Het observeren der duiven mag in deze periode niet verwaarloosd worden. De duiven moeten soepel in de spieren blijven, maar mogen niet dik of hard worden. Duiven hebben echter weinig last van de kou, het zijn geen kanarievogels. Het winterregiem hoort bij de natuur, waar de duif ook de kou moet trotseren. Vochtigheid doet in dit opzicht meer kwaad en schaadt de conditie.

Probeer ook tijdens de koude maanden de temperatuurschommelingen zo klein mogelijk te houden. Wordt het nog echt winter dan mag een beetje zwaarder gevoederd worden, omdat het lichaam dan behoefte heeft aan een hoger gehalte calorieën. Wie over een zolderhok beschikt heeft hiermee hoegenaamd geen problemen, maar voor een tuinhok liggen de zaken enigszins anders. Hier kan de vochtigheid zich bij de koude voegen en dan ontstaat een slecht klimaat. Daarom is een goede isolatie noodzakelijk. In de handel zijn momenteel goede en betaalbare materialen te koop, die de hoksituatie aanzienlijk kunnen verbeteren. Dit isoleren is natuurlijk van toepassing het hele jaar door en geen specifiek winterprobleem. Een goed hok is namelijk de beste troefkaart om een vliegseizoen lang de vorm te bestendigen. Daarbij spreekt de ligging ook zijn woordje mee en hangen de prestaties veelal van de weersomstandigheden af, zeker als we de natuur geen handje helpen. Wie kans ziet de eerste zonnestralen binnen te halen, mag rekenen op een vroege vorm. Nu terug naar het winterhok dat al lang dubbelwandig is gemaakt. Tegenwoordig tref ik op meerdere hokken stro aan waaronder soms een laag kalkpoeder is gestrooid. Stro neemt gemakkelijk de vochtigheid van de lucht op. Wie het vocht door het dak binnenkrijgt, kan gerust een laag op het latwerk leggen en daarin open stroken trekken voor de verluchting. Nooit mag van het hok een gesloten doos of een broedkast worden gemaakt. De ventilatie, die voor de noodzakelijke zuurstof moet zorgen, is van even groot belang als een goede voeding. Wie op dit punt let, let dan tevens op de gevaarlijke tocht die door de duiven slecht verdragen wordt.

Bij strenge vrieskou op een gezond hok vindt men ’s morgens dons en bewijzen de duiven bij deze lage temperatuur zich prima in orde te voelen. Nogmaals: duiven vrezen de kou niet, maar wél tocht en vocht.