Terschegget Cees kende een formidabel seizoen (2005)


Cees Terschegget, Elst (NL)


De liefhebber
De 47-jarige Cees is in zijn arbeidzame leven werkzaam als buisfitter/loodgieter.
Hij startte op 15-jarige leeftijd met de postduivensport op zijn ouderlijke adres in Elst (Utr.).
Cees woont daar nu nog steeds samen met zijn vrouw Wil, alleen is daar nu een riante nieuwbouw woning verrezen. Achter in de ruime tuin staat het duivenhok van Cees.
Cees speelde altijd in Amerongen, maar de laatste twee seizoenen is hij tot grote tevredenheid lid van P.V. Instuif in Elst. Deze vereniging heeft 16 vliegende leden. Aangezien Cees ’s morgens al in alle vroegte naar zijn werk moet helpt zijn vrouw Wil ook bij de verzorging van de duiven en zij wordt ook steeds fanatieker en laat de jongen los, poetst de hokken en roept ook de jongen weer binnen. Cees zijn vader (72) laat ’s morgens de weduwnaars los.

De hokaccommodatie
Cees beschikt over een hok van 7 meter. Dit hok bestaat uit twee afdelingen: een voor de weduwnaars en een voor de jonge duiven. Daarnaast staat nog een volière voor de kwekers/vasthouders.

Hokopbouw
Het huidige hokbestand van Cees bestaat voornamelijk uit duiven van de combinatie Vaessen–Claessen uit het Limburgse Stein. In 1996 schafte Cees zich daar voor het eerst duiven aan en dit legde hem beslist geen windeieren. Dit zijn duiven die geweldig presteren op de snelheidsvluchten en dat is nu juist de discipline waar Cees het liefst op speelt. Maar naast vitesse, midfond, jongen en natoer is hij ook begonnen zich wat meer te concentreren op de eendaagse fondvluchten. Het wat langer moeten wachten op die vluchten is iets wat hem nog steeds niet kan bekoren. Of hij aan de eendaagse vluchten blijft meedoen, zal de tijd ons leren.

Cees zoekt niet een paar vluchten uit waarop hij wil pieken, maar ja wat wil je als je duiven zo goed presteren dan wordt er bijna altijd “gepiekt”.


De kweek
In de volière is plaats voor negen koppels kwekers of zoals Cees ze pleegt te noemen vasthouders.

De “14” en de “20” vormen samen het stamkoppel van Cees. De “14” is ook de vader van de “super 635” waarover later meer.

De “14” is een inteeltproduct: broer x zus. En dus wordt gelijk duidelijk dat Cees nauwe inteelt niet schuwt. Bij de samenstelling van de koppels kijkt hij meestal alleen maar naar de prestaties, dus goed x goed.

De duiven worden gekoppeld tussen Kerst en oud- en nieuw.
Ook wordt er gekweekt uit de vliegduiven en eigenlijk komen daar meestal de beste vliegers uit. Voor eigen gebruik kweekt Cees ongeveer 30 jonge duiven.

Vliegsysteem vitesse/midfond
Cees heeft voor de vitesse/midfond 16 koppels vliegduiven. Hij beoefent hiermee het traditionele weduwschap met de doffers. Alle duiven brengen een ronde jongen groot en dan na 10 dagen broeden worden de eieren weggehaald en gaan de doffers op weduwschap. De doffers krijgen voor de vlucht hun duivin even te zien.

Na thuiskomst mogen de duiven bij elkaar, maar als Cees naar het lokaal gaat zijn de doffers en duivinnen al weer gescheiden. Cees doet niet aan het verduisteren en verlichten van zijn oude duiven.
Voor het vaststellen welke duiven getekend moeten staan gaat Cees op zijn gevoel af, maar meestal zijn het toch de vaste duiven die bovenaan staan. Dit jaar was de “Super 635” zijn vaste getekende en de “41” stond ook meestal getekend. Elke donderdag zorgt zijn vrouw Wil ervoor dat de duiven buiten een bad kunnen nemen. Er wordt geen badpoeder of iets dergelijks aan het badwater toegevoegd.

Voersysteem vitesse- en midfondduiven
Het systeem dat door Cees wordt gehanteerd is vrij simpel: van zaterdag na de thuiskomst tot woensdag een lichte mengeling bestaande uit paddy en darry; van woensdagavond tot de inkorving: opvoeren met ½ lichte mengeling (paddy met darry) en ½ Teurlings A.S.-seniormengeling. De duiven worden gezamenlijk in een voerbak op de grond gevoerd.
Na de training worden de duiven telkens verwend met een klein beetje snoepzaad.

Training
De weduwnaars moeten 2 keer per dag minimaal een uur trainen.’ s Morgens laat de vader van Cees ze los en als Cees van zijn werk thuiskomt dan laat hij ze ook nog een keer trainen.
De weduwnaars worden tussen de vluchten niet weggebracht en ook niet meegegeven op tussentijdse africhtingen van de afdeling, omdat daar gewoonweg geen tijd voor is.

Jonge duiven
De jonge duiven worden in totaal ongeveer 8 keer zelf weggebracht voor de eerste wedvlucht. Eerst gaan ze naar Wijk bij Duurstede (8 km.) , dan Schalkwijk (15 km.) en tot slot Leerdam (30 km.).De jonge duiven worden als de vluchten eenmaal een aanvang hebben genomen door de week niet weggebracht (geen tijd voor!). De jonge duiven worden hier gewoon vanaf het schapje gespeeld.
Bij de selectie aan het einde van het seizoen worden de jonge duiven afgerekend op hun prestaties, maar er wordt ook rekening gehouden met hun afstamming.


Medische begeleiding
Om de twee weken krijgen de duiven een dag na de vlucht gedurende een dag B.S. in het water tegen het geel.
Elke donderdag krijgen de duiven die mee moeten iets voor de luchtwegen (W.N. van De Weerd).
Verder wordt er tijdens het seizoen nergens voor gekuurd tenzij er iets aan de duiven mankeert.
Na de vlucht krijgen de duiven geen ontsmetting in het water.

Prestaties
Als belangrijkste prestatie in zijn duivenloopbaan beschouwd Cees zijn kampioenschap Keizergeneraal van afd. 7 in 1998. De resultaten van het afgelopen seizoen mochten er echter ook zijn. Cees hecht echter aan de prestaties op de snelheidsvluchten van het afgelopen seizoen de meeste waarde. Ik kan hem in die opvatting goed volgen, want wie kan er zeggen dat hij drie regio-overwinningen behaalde in 2005? De duiven die voor de kampioenschappen van 2005 zorgden zijn: “de super 635”, de “341” en de “18”.

“ De super 635” en de “341” zijn van het soort Vaessen–Claessen. De “18” is van de soort van Bertie Camphuis, Eefde, en werd verkregen via Gijs de Bruin uit Wijk bij Duurstede.
De favoriet van zijn hok is voor Cees de “super 635”, een krasdoffer van 2001, die als jong en jaarling duifkampioen werd in zijn vereniging. In 2004 werd hij zelfs generaal asduif van PV.Instuif. Deze doffer presteerde in het afgelopen seizoen ook weer buitengewoon sterk: in de regio 3 van afd. 8 GOU: 3e vanaf Duffel, 1e vanaf Strombeek, 1e vanaf Pont St. Maxence.

Selectie
De jonge duiven worden afgerekend op hun prestaties, maar er wordt ook rekening gehouden met hun afstamming.
Voor wat betreft de jaarling- en oude duiven worden hun prestaties in ogenschouw genomen in samenhang met het aantal bakken dat beschikbaar is!

Duivensport allerlei
Op mijn vraag: “Waar let je op als je een snelheidsduif beoordeelt?” kreeg ik als antwoord: “Ik heb weinig of geen verstand van duiven, maar ik ga steeds op mijn gevoel af en dan voel je gewoon als je een goede in de hand houdt.” Ook aan de ogentheorie hecht Cees geen waarde. Hij heeft ooit eens op advies een loep aangeschaft, maar hij wist niet eens meer waar hij dat ding had liggen!
Hij leest de duivenreportages en soms haalt hij daar wel iets bruikbaars uit, voor duivenboeken en internetsites gunt hij zich weinig of geen tijd.
Als Cees zich wil versterken dan volgt hij meestal kleinere liefhebbers gedurende enige tijd en probeert er dan iets bij te halen.
De tip die hij aan beginnende liefhebbers geeft is: klop aan bij een vertrouwde liefhebber en zorg dat je van je duivenbestand geen vreemdelingenlegioen maakt.



Kampioenschappen 2005

De belangrijkste kampioenschappen, behaald in afd. 8 GOU:
Vitesse : 5e onaangewezen en 1e aangewezen
Midfond : 2e onaangewezen
Generaal snelheid : 25e onaangewezen en 11e aangewezen
Duifkampioen vitesse: 5e met de 01-NL-1532635 ( Super 635 )

Doelen voor de toekomst
Hier had Cees nog niet zo over nagedacht, maar zijn echtgenote Wil wist het wel: om te beginnen eens proberen beter te spelen met de jonge duiven en er niet zo veel verspelen als dit jaar.

Tot slot
Wil is ervan overtuigd dat Cees ook duiven heeft, die het op de eendaagse fond goed zouden kunnen doen, maar hij heeft er (nog) wat weinig geduld voor. Hij staaft dat met de uitspraak: ”Ik hou er niet van in de lucht te staan staren en geen duiven te zien vallen.”

Wil ondersteunt Cees waar ze kan, maar zelf heeft ze ook een duif: een rode doffer van het soort Vaessen – Claessen. Met deze doffer overtrof ze Cees dit seizoen ook een keer, want ze speelde de 1e in de vereniging. Klasse! Daar zowel Cees als Wil de duivensport een warm hart toedraagt, moet het al gek gaan als de resultaten in de toekomst niet nog beter gaan worden.