Suchen

Egon Reuvers - Overdinkel (NL) Twee jaar na de steenmarter gewoon aan de top.

Overdinkel ligt in Overijssel en hoort samen met de dorpen Glane, De Lutte, Beuningen en Losser tot de Gemeente Losser. Deze gemeente grenst aan Duitsland en via het samenwerkingsverband Euregio zijn er met de Duitse buurtgemeenten nauwe kontakten in dit grensgebied.
Dat geldt ook voor de duivensport. Zo is er bijvoorbeeld eens per jaar een gezamenlijke vlucht met de Duitse sportvrienden. Deze wordt altijd feestelijk afgesloten met een barbecue. Het doorgaans rustige riviertje De Dinkel stroomt in dit gebied. Begin december is het door de overvloedige regenval buiten zijn oevers getreden en heeft het zowaar een grimmig karakter. In Overdinkel gaan we op bezoek bij de 56 jarige Egon Reuvers, een man die al dertig jaar tot de kampioenen van zijn regio kan worden gerekend. Egon Reuvers heeft een Duitse moeder en Nederlandse vader en hij werd geboren in het Duitse Gronau. Egon, werkzaam in het onderhoud van het sportpark en de tuinen in Overdinkel, werd in 2007 het slachtoffer van een bezoek van een steenmarter aan zijn duivenhokken. 34 duiven, waaronder al zijn kweekduiven werden door deze moordlustige vijand naar een andere wereld geholpen. Nu ruim twee jaar later zijn we benieuwd hoe kampioen Egon deze klap in sportief en mentaal opzicht te boven is gekomen.    

Egon Reuvers

Egon Reuvers, geboren in het Duitse Gronau, kwam via grootvader Hageneye in Duitsland in aanraking met de duivensport. Opa was een goed speler en bovendien erg fanatiek. De eerste duiven die Egon kreeg waren sierduiven, daarna waren het de postduiven, waarmee vanaf 1980 fanatiek aan de slag werd gegaan. Zijn eerste grote succes was een eerste van Ruffec in de Afdeling Oost Enschede in 1982. Andere hoogtepunten waren: 7e Beste Liefhebber van Nederland en 7e Midfond in 2001 WHZB en in 2006, 2007 en 2008 drie jaar achtereen Keizer Generaal van de sterke C.C. Enschede. Maar het mooiste kampioenschap voor Egon blijft toch nog altijd de eerste keer Generaal Kampioen van zijn club ‘De Reisduif’ in 1983. ‘Een machtig fijn gevoel was dat’ aldus de hoofdrolspeler. Inmiddels is ‘De Reisduif’ gefuseerd met ‘De Zwaluw’en heet de club nu ‘Zwaluw/Reisduif’ Overdinkel. De club telt nu nog 14 leden. Egon Reuvers is zeer betrokken bij de club, waar hij de voorzittershamer hanteert. Hij maakt zich grote zorgen over de terugloop van het ledental. Ten opzichte van 1996 is dit hier met ruim de helft terug gelopen.  Naar de mening van Egon moet er onmiddellijk worden gestopt met de dubbelvluchten. Het is naar zijn mening niet goed voor het verenigingsleven, zeker niet voor de kleinere clubs. Een vlucht per weekend is naar zijn mening het beste en organisatorisch goed te behappen in de club.  De Gemeente Losser telt in totaal nog drie duivenclubs, die heel goed met elkaar samenwerken. Jaarlijks heeft men een drietal gezamenlijke vluchten met extra prijzen en een afsluitende barbecue. Een activiteit waar de deelnemers ieder jaar weer van genieten. In 2007 kreeg Egon een steenmarter op zijn hokken. Maar liefst 34 duiven vonden de dood, waaronder al zijn kweekduiven. (Steenmarters zijn in deze regio een heel groot probleem. Ze zijn inmiddels opgerukt naar de woonwijken, waar ze brutaalweg de bekabeling van de auto’s kapot knagen). 
‘Evert’ vloog in zijn geboortejaar de 1e NPO van St. Quentin van 20.175 duiven. Hij werd o.a. 1e Asduif Jong NPO Afdeling 9 – 1e Asduif Jong C.C. Enschede – 2e Asduif Jong Kring 2 – 4e Asduif Jong Afdeling 9.

‘Evert’ is vader van de NL 08-1054346 ‘Blue Boy’. Deze schitterde met 3e Strombeek van 9.492 d. – 3e Peronne van 4.518 d. – 6e Isnes van 2.949 d. – 4e Pommeroeul van 1.809 d. – en 18e Peronne van 1.186 duiven. Hij werd in 2009 9e Nationale Asduif Vitesse NPO.

Basisduiven
Voor 2007 bestond de basis van het hok Egon Reuvers voornamelijk uit duiven van de Comb. Visscher uit het naburige Glanerbrug. We spreken dan over de succesvolle Van Loon/Janssen duiven. Ook nu, na de ramp van 2007, loopt deze lijn nog als een rode draad door het hok.
Egon was in 2007 blij verrast door de vele positieve reacties die hij ontving van collega melkers. Van meerdere liefhebbers uit de regio kreeg hij duiven. Namen noemt de bescheiden Egon niet, bang dat hij iemand zou vergeten. Na het seizoen 2007 zette Egon zijn beste vliegduiven op het kweekhok. De nieuwe aanwinsten werden in veel gevallen succesvol gekruist met de duiven van de Comb. Visscher. Bovendien had Egon het geluk dat hij over een goede lichting jaarlingen beschikte, die in 2008 direct weer de rol van oudere vliegers die naar het kweekhok waren verhuisd konden overnemen. Eigenlijk kun je stellen dat de ramp met de steenmarter sportief gezien binnen de kortste keren kon worden opgevangen en Egon in het rampjaar en het jaar daarna gewoon Keizer Generaal van de C.C. Enschede kon blijven. Hoe dat mogelijk is? ‘Met duiven kunnen spelen is een gave. Je hebt het of je hebt het niet. Je ziet het of je ziet het niet. Dat geldt voor duiven, kanaries of honden. Mensen die goed zijn met duiven, zijn dit ook met kanaries en/of honden. Daar zijn voorbeelden te over van. Ik ben een fanatiek melker, maar zeker niet in het schoonmaken. Alleen de voerplek wordt dagelijks gepoetst. Op de vloer ligt verder het hele jaar door stro. Ik heb ook niet de illusie dat ik verstand van duiven heb. Volgens mij gaat het in de allereerste plaats om goede duiven. Alleen als je met je duiven speelt zul je het pas weten. De theorie van de ogen, de vleugel of weet ik niet wat allemaal; het zegt me helemaal niets. Bij mij is de mand de selecteur. Stambomen zijn in feite alleen belangrijk als de duif goed gevlogen heeft. Iedereen houdt overigens zijn duiven op zijn eigen manier. Daar heb ik respect voor. Van de duivensport kan ik enorm genieten, ook van het hele gebeuren er omheen. Gezelligheid in een club is erg belangrijk. Na het uitlezen van de klokken zitten we met praktisch alle deelnemers altijd wel een paar uurtjes gezellig na te kletsen met een hapje en een drankje. Dat alles bij elkaar maakt de duivensport mooi’.

Hokken en hokbestand
Het schitterende door Egon zelf gebouwde tuinhok is 16 meter lang en bestaat uit zeven afdelingen met een kleine opslagruimte voor voer etc. Het hok staat gericht op het zuid-oosten en is gesitueerd in een enorm diepe tuin.
De hokken worden bevolkt door negen kweekparen, 24 vliegkoppels oude duiven, waarmee totaalweduwschap wordt gespeeld en 60 jonge duiven, die jaarlijks voor eigen gebruik worden gekweekt.

Voorbereiding – Spelmethode – Verzorging
Er wordt niet behandeld tegen paratyfus. Eind november vindt de paramixo-enting plaats. In het verleden gingen de duiven ’s winters niet los, maar met ingang van dit jaar is Egon daar weer mee begonnen. Hij denkt hiermee voordeel te behalen bij de start van het vliegseizoen. Alle duiven worden gekoppeld rond de Kerst. De eieren van de kwekers worden overgelegd, terwijl de betere vliegers hun eigen jongen mogen grootbrengen. Na het ringen worden de duiven gekuurd tegen het geel. Als de jongen 16 dagen oud zijn gaan ze allebei met de duivin bij de doffer weg. Er wordt 1 maart herkoppeld en na drie dagen broeden wordt de zaak op weduwschap gezet. Egon begint dan ook direct met het opleren, mits het natuurlijk goed weer is. Voor aanvang van het seizoen worden ze een keer of vier/vijf weggebracht. De duiven trainen altijd een keer per dag. Het is een vrije training met de kleppen gesloten. Egon ziet niets in een gedwongen training.
Met de oude duiven wordt totaalweduwschap gespeeld. Wekelijks gaan er vanaf het begin 35 of 36 mee. Er blijven altijd een aantal duiven thuis. Bij de eerste midfondvlucht wordt er gesplitst: 20 duiven voor de midfond en 10 duiven voor de dagfond. De laatste twee jaar presteren de doffers beter dan de duivinnen. In het seizoen wordt er op het gevoel iets tegen het geel gegeven van Giantel. In het vliegseizoen zit er regelmatig appelazijn met knoflook in de drinkenspan. In de winter wordt veel gewerkt met biergist en lookolie. In het seizoen wordt kweekmengeling gevoerd van Van Robaeys en Mariman. Per voerbeurt mogen ze een halfuur zoveel eten als ze willen. Daarna gaat de voerbak weg. Na thuiskomst van de vlucht worden er extra eiwitten verstrekt.
‘Luna’ was o.a. 1e Asduif Vitesse in de C.C. Enschede, Kring 2 en Afdeling 9.
Haar dochter de NL 08-1054356 ‘De Lunie’ vloog dit jaar o.a. 6e Maaseik van 7.371 d. – 8e Isnes van 6.831 d. – 26e Roermond van 10.593 d. – 31e Pommeroeul van 4.397 duiven.

Mooie resultaten in 2009:
Roermond, 10.301 duiven    4, 5, 7, 9, 26, 97 enz.        40/23
Pommeroeul, 1.809 duiven    3, 4, 43 enz.            20/17
Nanteuil, 5.303 duiven        28, 30, 79, 102 enz.        20/16
Peronne, 4.518 duiven        3, 30, 31, 33, 83 enz.        19/13
Peronne, 3.739 duiven        2, 35, 43, 63, enz.        14/09    
Strombeek, 9.014 duiven    3, 6, 14, 21, 55, 91, 93, 97 enz    47/27
Maaseik, 7.371 duiven        1,2,3,4,5,6,7,8,15,18,26 enz.    17/16
Isnes, 7.222 duiven        8, 31, 59, 61 enz.        16/16
Op de natoer werden op vier vluchten 67 duiven gespeeld. Daarvan vlogen er 62 prijs! Er werd alleen met duivinnen op nest gespeeld.     

Jonge duiven
De laatste tijd zien we het meer. Ook de kampioenen hebben problemen met het gezond houden van de jonge garde. Dat gold in 2009 ook voor Egon Reuvers. Coli-problemen gooiden roet in het eten. En ook hier slaagde men er niet in om de zaak weer goed op de rit te krijgen, zodat de prestaties achter bleven. Overigens heeft Egon de afgelopen jaren wel de ervaring opgedaan dat vier in een van Belgica-de Weerd het beste helpt bij de behandeling van coli.         

Selectie
‘Selecteren gebeurt bij mij op papier. Ik kijk alleen naar de prijzen die ze hebben gevlogen. De beste acht van de 24 doffers mogen blijven. Zo heb ik het altijd gedaan. Bij de duivinnen blijven er dit jaar tien van de 24. Ik hou liever een jonge duif aan, als een oudere die niet goed genoeg gevlogen heeft’.

Slot
Egon Reuvers heeft zijn duiven er in deze wintertijd puik bij zitten. Strak in het pak, ja glanzend stralen ze je tegemoet. Egon heeft er duidelijk zin in. Hij verlangt naar het voorjaar en de eerste vluchten. En die spanning als de eerste duif boven het dorp verschijnt. Nee hij kan gewoon niet wachten. Twee jaar na de ramp met de steenmarter is Egon sportief gezien de klap helemaal te boven gekomen. Echter, het knaagt nog altijd in zijn binnenste, als hij denkt aan de ravage op de dag van de moordpartij. De foto’s die hij mij laat zien spreken boekdelen. En hij besluit: ‘Als me dit weer een keer overkomt, kap ik er echt mee’. Hopelijk blijft hij voor verder onheil gespaard en wordt ook 2010 weer een seizoen om in te lijsten!