Van Den Broeck Rene, "Onuitgegeven duivenloopbaan"

 


Rene Van Den Broeck, Tremelo (BE)


Rene Van den Broeck in welk hokje dien je hem te plaatsen? Goede vraag natuurlijk maar ook moeilijk doch we gaan deze uitdaging niet uit de weg.

Rene, we kennen hem al enkele jaren. Hoe ik met hem in contact kwam, vrij éénvoudig en logisch te gelijk, inderdaad via zijn uitzonderlijke resultaten. Vanaf het ogenblik dat ik na een aantal jaren de draad van de duivensportverslaggeving heropnam kon ik wekelijks niet ontsnappen aan de knaluitslagen welke onze gastheer wekelijks op zijn actief schreef en dit in de schoot van het Herentse “Sans Peur” de bakermat van de Brabantse Unie verpersoonlijkt in vader en zoon Rans.
Het Druivenverond (Grote straal) is wekelijks het uitgelezen jachtterrein van Rene.

De “Kannibaal van Tremelo”-een momentingeving.
Toen ik de eerste maal te Tremelo te gast was naar aanleiding van een zoveelste machtsontplooiing, werd ik haast bedolven niet alleen door de uitslagen (bewijzen op tafel) maar ook door een spraakwatervak, een Belgisch “orakel van Delfi”. De ene oneliner na de andere mochten we noteren. Toen we ondertussen beseften dat we in feiten in de achtertuin zaten van die “Kannibaal van Baal (Sven Nijs) lag de roepnaam voor de hand. De “Kannibaal van Baal” als roepnaam zag het levenslicht en tot spijt wie het benijdt, hij is zeker en vast niet misplaatst of is zijn speelwijze beter te omschrijven als ………

Merckxiaans”.
Zou kunnen want de duivenstam waar Rene reeds jarenlang opteert in inderdaad een aan de eeuwige echte kannibaal, onze eigen Eddy Merckx, de sportman van de eeuw welke van bij het begin van het wielerseizoen er stond en als het ware in Lombardije het licht uitdeed.

De winnaarmentaliteit van de Van den Broeckduiven is alom gekend. Zijn “Merckxen “ zijn in het binnen-en buitenland een begrip geworden. Deze gouden basis legde Rene hoe dan ook geen windeieren.

Het verhaal begon met zijn “Merckx” de basislegger van de hedendaagse Tremelose hoogconjunctuur. Deze fenomenale duiver won zijn carrière en zijn waarde als kweker overtrof in feite het sportieve plaatje. Ontelbare echte crackduiven zagen uit deze fenomenale lijn het levenslicht. Ze allen vermelden met hun geleverde prestaties zou ons te ver leiden. Doch enkele “fenomenen” kunnen en mogen wij U beste lezer niet onthouden.

- de “Merckx” (93/2347455) vloog 15 eerste; 3 x tweede; 8 x derde; 3 x vierde; 2 x vijfde; 1 x zesde en 2 x 8ste
- De Jonge Merckx (96/2281134) vloog 2-27-54-18-40-8-1-1-2-14-1-3-1-5-1-1-3-1-1-7-1-1- of 22 op 22 en 10 eerste prijzen;
- de Jalabert : 1-1-1-1-1-1-1-2-2-6-6-20-18-11-12-3-7-20-25-10-7-9-9-16-44 prijzen op de halve fond;
- De Ronaldo : 1-2-3-3-4-4-4-6-6-5-7-8-9-9-16-34;
- De Museeuw: 1-6-4-11-5-3-2-11-4-3-3-6-17-11-27-38-20-29-27—30 of 41 prijzen op de halve fond;



Topduiven inderdaad
.
De oudste stamduiven gaan qua origine terug naar de gebroeders Janssen (Arendonk) aangevuld met de Voets-, de Schellens –, Engels- (Putte) en Hermansduiven (Houthalen) terwijl ook de lijn van de Jonge Artiest familie Houben zijn inbreng heeft.

Een gefundeerde basis van winnaars welke aan de lopende band topduiven geeft is uitzonderlijk maar te Tremelo waar. In dit kader schuwt Rene niet om een topvlieger reeds op vrij jeugdige leeftijd op het kweekhok te zetten. Het sportieve kan er wel eens onderlijnen maar dan staat er opnieuw een andere kanjer van jewelste klaar. Doch het is niet alles goud dat blinkt. Neem nu de “Goede jaarling “ van verleden jaar (2005). Ik zag er een nieuwe “Merckx “ in zowel qua uiterlijk als prestaties. Als jaarling was hij met geen poten uit de top drie van het resultaat te slagen. Met verschillende eerste prijzen leek hij zo af te stevenen naar een vaste plaats in de Ploeg voor de komende Olympiade. Doch tijdens de winter vloog deze duif zich dood tegen het venster. Het was wel eventjes slikken aldus Rene “’T zal zo moeten geweest zijn, het is zoals in het leven, je lot kunt je niet ontlopen”. Het is op zulke momenten dat het een ontegensprekelijk voordeel is om te kunnen terugvallen van een doorfokte en oordeelkundig opgebouwde stam.

Mini-kolonie met maxi-uitslagen
13 weduwnaars huizen er momenteel nog op de vlieghokken waarvan zes jaarlingen. De mand heeft als selectieheer zijn werk gedaan want iedere week gaan zij naar Soissons om in een langgerekte spurt Tremelo opnieuw te bereiken. Het is zeker en vast geen uitzondering dat ze met verschillende te gelijk de plank opvallen. Een gedrum van jewelste om als eerste bestatigd te worden. Een plezier om het te zien glundert Rene.

Een greep uit de uitslagen anno 2006 geeft aan dat alle superlatieven uit de mouw opgediept zeker en vast niet onterecht zijn. Oordeelt Uzelf maar:
21/5 -(557 oude): 6-8-22-23-32-85-98-100- of 8 van de acht;
28/5- 426 oude: 1-3-8-36-37-38-75- (7/7);
446 jaarse: 3-4-6-7-82-1001 (6/6);
4/6- 496 oude: 1-15-16-21-40-70-74-94- (8/11);
11/6- 283 oude: 5-19-25-31-38-56 (6/6);
317 jaarse: 2-8-22-41-44-59- (6/7).
18/6- 248 oude: 1-3-5-6-36-38 (6/6);
293 jaarse 1-2-24-33-48 ( 5/5);
2/7-388 d.-1-2-7-11-12-13-23- (7/9);
9/7-324d-3-7-10-22-23-29-34 (7/9);
16/7-252d.-1-3-24-33-39-50-65 (7/9).

Vandenbroeck hofleverancier bij vele topkolonies in binnen en buitenland
De lijn van de Merckxen zwaait op heel wat andere hokken in zowel binnen – als buitenland de scepter.
Jim Russel (GB) brengt ieder jaar steevast een bezoek. Je zou voor minder als je weet dat hij twee nationals won daar over het Kanaal getekend Rene Van den Broeck.
Ook onze oosterburen weten waar ze hun mosterd moeten komen halen. Zo werden Eric en Carsten Neubauer uit Colbets 3de Duits Kampioen (juni).
Doch ook een nationale topper zweert bij de Tremelose stam. Marc Medart nationaal kampioen KBDB snelheid dankt zijn steile opgang voor een groot deel aan de afstammelingen van voornamelijk de Merckx-dynastie.


Hoe de Vandenbroek duif te omschrijven
Een middelmatige duif, zijdezacht en veel karakter sluiten prachtig aan met de vitaliteit die ze uitstralen. Rene heeft er tevens steeds overgewaakt dat de eigen soort zo zuiver mogelijk instant gehouden blijft. Het inbrengen van vreemd bloed gebeurt zeer doordacht en de voorkeur daarbij gaat uit naar duiven die nog een tikkeltje Van den Broeckbloed in zich hebben.

Uitzondering op deze regel is evenwel de aankoop van de "Lance Armstrong" of de tweede Olympiadeduif 02 in Lievin (Frankrijk). Deze fenomenale Halve fondcrack vloog 36 prijzen waaronder een 1-1-1-1-1-1-1-1-2-2-3-3-3-8-8-9-9-10-10-14-16-17-18-21 enz. Zijn opmerkelijkste prestatie was uit een Pithiviers toen hij de hoogste snelheid ontwikkelde van de circa 13.500 Brabantse en Antwerpse ingekorfde duiven. Hij kostte geld maar is het ook waard. Onlangs ging Rene de zuster van deze klepper halen want de Michielsduiven (Veltem) in combinatie met de eigen soort scoort sportief hoog.
Toch blijft de hoofdregel in gans het kweeksysteem “Lijnen- en inteelt en enkel bijhalen wat top is en dan nog liefst bij melkers die het de eigen duiven (Van den Broeck) hoge toppen scheren.

Tiens nu je het zegt waar heb ik dit nog gehoord ..inderdaad “ bij de “Jef Houben
Itegem, zijn tweede thuis.
Inderdaad reeds een twintig jaar is Rene een vriend des huizes. Wanneer de familie Houben bijvoorbeeld uithuizig was ging Rene de duiven voederen en denkt vertederd terug aan die momenten wanneer hij dat speciaal hok betrad waar toen en nu nog steeds de echte Houbencracks De “Jonge Artiest, de Robin, de Chippy enz.

Jarenlang stond hij als vaste pakker op het platform en beleefde er “live” hoogdagen zoals die Bourgesvlucht toen er niet minder dan 300 supporters kwamen duiven opletten. De lokale politie dacht eerst dat er een wielerwedstrijd passeerde waar zij geen weet van had. Of neem nu de reizen welke in familieverband (samen met Desiré en Tinneke) werden ondernomen naar Las Palmas “’k zie de Jef nog zitten in zijn plooistoelke naast het tentoonstellingskorfje met de “Robin “ erin grinnikt Rene. Of die onvergetelijke uitstap naar Zuid –Afrika".

Vriendschap aldus Rene moet je koesteren. Vrienden moeten er zijn als je ze nodig hebt. Als ik morgen met een probleem zit neem de telefoon op. De Jef of Nadia-een grote duivenmadam vertrouwt hij me toe, weten wel raad.

Jonge duiven, de toekomst
Inderdaad, een uitgeselecteerd hok aan oude duiven vraagt ieder jaar om versterking. Gezien het beperkt aantal aan schapjes worden er toch ieder jaar een 6 à zevental jaarduiven in de dans gegooid. De jonge duivertjes worden goed opgeleerd tot Momignies en dit zonder stoom op de ketel te zetten. Na een grondige keuring in de hand wat in feiten niet hoeft want alle duiven zijn afgietsels van mekaar, wordt op het gevoel de knoop doorgehakt. De uitslagen van de laatste jaren tonen aan dat Rene heel wat kent van knopen. Alexander de Grote kan van Rene nog iets leren.