Search

Claessens Ludo, "De 'mirakelman' uit de grensstreek"


THE LEGEND
Ludo CLAESSENS, Putte (NL)
De ‘grootmeester' die ver boven de concurrentie uittorent op de halve fond!


Het was midden oktober toen we richting Putte (NL) trokken, op goed 1 Km voorbij de grens waar het Belgische Putte-Kapellen aan Nederland paalt. Putte-Kapellen, in het wielermilieu genoegzaam bekend omdat daar jaarlijks de afsluiter van het profwielerseizoen wordt verreden op Belgische bodem. Voor de ‘koers' waren we een 2-tal dagen te vroeg, maar daarvoor waren we uiteindelijk niet naar hier gekomen. Want we trokken even de grens over, op bezoek bij de Nederlandse ‘duivenvirtuoos' bij uitstek, het ‘wonderhok' Ludo Claessens, misschien wel de ‘beste halve fondspeler ter wereld' van dit huidige ogenblik.

De man had er in 2006 één der beste, zoniet het beste seizoen uit zijn ganse duivencarrière opzitten… dus hoogtijd om even naar het reilen en zeilen van deze ‘wonderkolonie' te polsen. Toch even benieuwd naar de man achter deze topsuccessen, waarvan wordt beweerd dat het ‘geen gewone' is in de duivensport. Dat maakte Ludo ons ook meteen duidelijk, want dergelijke reportage hoefde voor hem gewoon niet. Zijn privacy is zijn hoogste goed… en publicaties in een duivengazet, een duivenboek of een website mogen voor hem enkel en alleen sportieve bedoelingen hebben, en zeker geen commerciële, want dat interesseert hem geen fluit. Enkel en alleen aan de buitenwereld laten zien wat zijn duiven kunnen, wat hun sportieve prestaties zijn… want fax, website of andere vorm van reclame om klanten (lees kopers) te lokken heeft hij gewoon niet, en laten de man ijskoud. Alleen ‘echte duivensport', dat telt… en daar was het ons trouwens ook om te doen, daarvoor waren we richting het Nederlandse Putte getrokken.

We waren meteen vertrokken voor een bijna 3 uren durende babbel, waarbij Ludo (overigens een Nederlandse Belg) geen blad voor de mond nam, op alles een eerlijke uitleg verschafte, en waarbij hij ieder citaat kon staven aan de hand van uitslagen, die ons prompt als ‘bewijs op tafel' werden voorgeschoteld. No nonsens, geen rond de pot draaien, maar rechttoe rechtaan… en zo hebben we het graag.

Met 60 duiven kan ik alles…
De lijfspreuk van Ludo Claessens die lijkt te kloppen als een bus. Dat bewijst hij jaar na jaar opnieuw. Kijk, Ludo wil volop plezier beleven aan het ‘spelletje', aan de duivensport. Maar daarvoor wil hij niet ganse dagen sleur en werk aan die duiven hebben… integendeel! Hij wil van kortbij de zaakjes onder controle kunnen houden. Zo vormt hij ook nog tandem met zijn beste vriend Rik Kerstens, die een 100-tal meter van Ludo vandaan woont, en speelt daar onder de tandem Kerstens-Claessens, enkel en alleen op de snelheidsvluchten. Eén zaak hebben Rik en Ludo echter gemeen… ze houden beiden van weinig duiven… maar dan wel van winnaars! Bij Rik worden een 9-tal vliegduiven op de snelheid gehouden, terwijl bij Ludo zelf het accent zich situeert op de halve fondvluchten, zeg maar een specialisatie vanaf 100-400 Km, met telkens 1 dagfondvlucht als afsluiter op einde van het seizoen. Hij doet het met hooguit 20 weduwnaars en bezit daarnaast nog een 10-tal kweekkoppels. Al vindt hij die meer en meer een soort ballast, omdat ze daar toch maar zitten te niksen. Zo kweekten ze dit voorjaar (lees in 2006) slechts 1 ronde jonge duiven… moet je die daarvoor een gans jaar de kost geven, vraagt Ludo ons onomwonden? Want zoals reeds gezegd, kweken voor de verkoop interesseert hem niet… vandaar zijn magische getal van 60 duiven die mogen overwinteren! En wie durft een ‘fenomeen' als Ludo Claessens tegen te spreken, want hij bewijst het jaar na jaar opnieuw met echt spetterende uitslagen, waarbij de gehele concurrentie gewoon van het kastje naar de muur wordt gespeeld. Zijn we aan het overdrijven? Verre van… het is onzes inziens zelfs nog te zacht uitgedrukt… bekijk maar even de prestatielijst uit het pas voorbije seizoen 2006, misschien wel het ‘beste seizoen' ooit, uit de ruim 30-jarige duivenloopbaan van Ludo Claessens. Zelden werd op lokaal vlak de 1e prijs gemist… mensen, dan heb je toch recht van spreken.

(ter verduidelijking: tussen haakjes staat het aantal gewonnen prijzen / aantal ingekorfde duiven vermeld, met daarnaast het aantal prijzen gewonnen per 10-tal. Op de vitessevluchten zijn de prijzen van het hok Ludo Claessens en de tandem Kerstens-Claessens samen gevoegd)

 

 


Overtuigd
? Is de topkwaliteit, of de topklasse op de Ludo Claessenshokken dan zo vanzelfsprekend, vraagt u zich waarschijnlijk af? Bij de modale liefhebbers onder het duivengild ogenschijnlijk niet… bij Ludo Claessens blijkbaar wel. Wanneer je zoals Ludo ruim 30 jaar met echte ‘toppers' bezig bent, dan is topkwaliteit na zovele jaren toch de normaalste zaak. Zijn kolonie werd door de jaren heen, een echte familie duiven. En dit door jaarlijks opnieuw keihard te selecteren, noem het gerust ‘selectie tot op het bot'!

Wordt er dan nooit eens iets bijgehaald om in te kruisen tegen zijn ‘basisstam'? Wel, antwoord Ludo… de laatste 10-tal jaren zal dit toch beperkt zijn tot een 10-tal duiven. De jongste aanwinst is de ‘Mr.TOURS', winnaar 1e Nationaal Tours NPO. Het was Ludo in de reportage die verschenen was over deze duif opgevallen, dat 2 verschillende liefhebbers er voordien een eitje konden uit bemachtigen, en dat de jonge duiven hieruit ook echte topvliegers waren… dus, het kon niet anders of deze ‘Mr Tours' moest ook een echte ‘topkweker'zijn. Hij viel in de smaak bij Ludo, en hij  trok erop af… en u kunt het al raden… ‘Mr Tours' kwam mee naar Putte! Hiermee zijn we enigszins afgeweken van onze stelling, waarop ons inziens het antwoord vrij makkelijk is.

 

 

Het superras ‘Ludo Claessens'
Al jaren speelt Ludo Claessens op een verheven niveau, waar menigeen enkel kan van dromen. Wie de individuele palmaressen van de Claessensduiven er op napluist, moet durven concluderen dat het niveau van deze Claessensduiven ver boven de concurrentie uittorent. Ludo ‘kickt' nu éénmaal op 1e prijzen, en een weekend zonder 1e prijs is voor hem een ‘verloren weekend', en ziet hij als een mislukking! Asduiven en dies meer interesseren hem niet, enkel en alleen het individuele palmares van een duif telt voor hem. En Ludo geeft uitleg waarom… Zo legde een vriend en dorpsgenoot dit seizoen beslag op de 6e Nat Asduif Halve Fond. Zonder afbreuk te doen aan de man en zijn duif (die nota bene een echte crack is)… confronteert Ludo ons met de uitslagen van deze duif op de wedvluchten in 2006… en op ‘alle' uitslagen die in aanmerking kwamen voor zijn titel van 6e Nat Asduif… ja, had Ludo Claessens er eenvoudig telkens minimum 5 duiven voor! Van ‘straffe toeren gesproken'!

Dat Ludo Claessens een ‘scherp mes' hanteert, zal u ondertussen overduidelijk zijn, anders kan je het nooit zo ver schoppen, en ook nooit zo lang standhouden. Toch is hij niet zozeer op zoek naar echte ‘kweekkoppels'? Veeleer gelooft hij in ‘dominante verervers'! Duiven waaruit maar 1 crack werd gekweekt… die verdwijnen al even vlug van het hok. Na een 1e crackduif, moet al vlug een 2e crackduif volgen… met dergelijke duiven kan je verder, kan je een stam maken, kan je naar de oorlog! Want stelt Ludo: duivensport is niet zozeer toeval als men soms denkt hoor! Echte superkwekers uit het verleden waarop de Claessenskolonie is gestoeld, noem het ‘dominante verervers', waren de ‘Fokstier'… de ‘Blauw Witpen Orleans'… het ‘Donker 03'… ‘Voske 54'… ‘Dik Licht 56'... ‘Late Donkere'... en als ik nu vandaag de dag kijk dan moet ik er onomwonden de ‘Supercrack 69' aan toevoegen, al is hij nader bekeken een puur inteeltproduct van hoger geciteerde stamduiven. Daarnaast is er succesvolle inbreng te noteren van duiven als het ‘Oud Blauw Slaets'... het ‘Blauw Verheyen'... ‘Blauwe 01' en ‘Bliksem' ... ‘Lange Nek Zav' en als laatste ‘Mr. Tours' die op dit moment zijn waarde tracht te bewijzen.

Hoe doet hij het?
We peilden voor u naar het hoe en het waarom? Een echt vast verzorgingssysteem heeft Ludo niet. Want hij stelt terecht: ieder seizoen is verschillend, dus moet je ieder jaar opnieuw toch wat inspelen op die veranderingen. En dat brengt soms kleine wijzigingen mee in het voederen en begeleiden van de duiven, vandaar geen vast patroon of ritueel. Normaal vliegen zijn duiven 7 à 8 provinciale halve fondvluchten per jaar.

We vroegen hem meteen of er nooit eens een weekje rust wordt ingelast? Normaal niet, al moest hij wel bekennen dat een weekje rust soms voor een enorme ‘boost' kan zorgen, een echte ‘vormexplosie'! Iets waar hij in de toekomst misschien wel iets meer op wil gaan inspelen, waarvan akte!

Vroege kweek is niet aan Ludo Claessens besteed, de duiven gingen in 2006 eerst half februari samen, zowel kwekers als vliegduiven… en brachten een rondje jongen groot. De kwekers kwamen nog een tweede maal samen. Deze jongen worden gezien als reserve voor de toekomst en komen meestal niet aan opleren toe. Uit het allerbeste wat Ludo's hok bevolkt (‘Favoriet 65', ‘Blauwe 84', ‘Vale 22', ‘Yeti' en ‘Grote Blauwe 96') werden daarnaast nog enkele knappe zomerjongen gekweekt. Een vraag aan Ludo was natuurlijk, hoe hij zijn duiven gezond tracht te houden? Kijk, in het seizoen komt dierenarts Mariën zo om de 4 weken langs voor een onderzoek van de duiven. Zijn advies wordt dan nauwgezet gevolgd. Maar meestal vindt de man gewoon niks. Want Ludo tracht zijn duiven op een natuurlijke manier gezond te houden. Medicijnen schuwt hij als de pest en zijn eerder een noodzakelijk kwaad. En opnieuw staafde Ludo zijn antwoord met een sprekend voorbeeld uit 2006. Vanuit Chantilly (waarop hij trouwens 1,4,6,7,8… enz scoorde) kwamen zijn jonge duiven vrij moe en dorstig thuis. Ludo dacht meteen aan een opkomende besmetting, en contacteerde veearts Mariën, die hem de raad gaf niets te doen. Tegen dat advies in kuurde Ludo zijn junioren gedurende drie dagen met Ridsol ... het was immers al zo lang geleden... De vlucht hierna behaalde Ludo naar eigen zeggen zijn ‘slechtste' resultaat van 2006 vanuit Pithiviers. Nou, slecht? Ik ken er veel die onmiddellijk willen tekenen voor dergelijk resultaat met lokaal 1,2,7,10,11… maar provinciaal werd pas (!?) begonnen met 7,17,28,53,58,79,167… tegen 3.402 jonge duiven (en toch 15 op 20)! Nu, als je Ludo Claessens noemt, kan je misschien van een iets mindere prestatie gewagen, omdat er slechts 1 echte ‘top-10' duif bijzat… Doch, het moraal achter dit verhaal is gewoon, dat Ludo inziet dat dit ogenschijnlijk onschuldige kuurtje, het vormpeil gedurende enkele dagen toch lichtjes deed dalen… en daar heeft hij als topkampioen duidelijk de pest aan. Zeker als ik u er nog bij vertel dat op de inkorving voor deze Pithiviers, nagenoeg alle liefhebbers hun beklag maakten over de duiven die zeer dorstig en afgepeigerd thuiskwamen vanuit Chantilly. Toen reeds wist Ludo dat er vermoedelijk niets fout was met de duiven, maar dat dit euvel enkel door de mindere verzorging in de mand kwam… dus had hij zich zorgen gemaakt voor niks! Dit is dan zonder twijfel een kenmerk van ‘heel grote kampioenen' van het kaliber Ludo Claessens, die oog hebben voor elk detail… die hij kleinste mankementje of verschilletje direct in het oog hebben… en er ook naar handelen. Zou hier niet het grote verschil schuilen tussen een ‘superkampioen' en een ‘modale sportgenoot'? Een doordenkertje!

Wie doet beter?
Het handelsmerk van Ludo Claessens zijn natuurlijk zijn fenomenale ‘superduiven' waarover hij beschikt. De uitslagen bewijzen dit in overvloed. Ook hier maakt Ludo een terechte kanttekening bij de vele reportages die overal in kranten en tijdschriften verschijnen. Bijna alle liefhebbers spreken hierin enkel en alleen over hun beste resultaten per jaar, dus over ‘enkele resultaten' en dus niet over ‘alle resultaten'! Als je uw naam als ‘groot kampioen' waardig wil zijn, dan moet je durven over ‘ALLE' resultaten spreken over een gans seizoen en bovenal die ook ‘durven publiceren', zowel de goede als de slechte! Enkel op dergelijke manier kan de lezer de werkelijke waarde van een kolonie schatten. Ook hier slaat Ludo weer de nagel op de kop en hij geeft ons prompt een overzicht van ALLE GESPEELDE VLUCHTEN (dus zowel de goede als de minder goede) + de RESULTATEN gedurende de jongste 3 seizoenen. Wanneer je dan voor 2006 een eindbalans kan voorleggen van 132 getekende duiven, met 109 prijzen (per 4-tal), 94 per 10-tal en 38 per 100-tal, met wekelijks minstens de 1e prijs op lokaal vlak, dan hoor je thuis in de galerij der ‘allergrootsten' in onze sport!

Meer zelfs, bekijk even het totale eindresultaat der jongste 3 seizoenen (periode 2004-2006), met in totaal 356 getekende duiven, waarvan 285 prijzen per 4-tal (of 80% aan prijzen), 232 per 10-tal (of 65%), en liefst 92 per 100-tal (of bijna 26%), dan stel ik mij hierbij maar 1 vraag… wie en waar ter wereld deed er ooit beter dan deze Ludo Claessens? Ik zal het u zelf zeggen… NIEMAND!!! Nee, niemand kan voorleggen wat deze Ludo Claessens de jongste seizoenen verwezenlijkt heeft, en dit berekend op ALLE uitslagen waaraan hij deelnam op provinciaal vlak op de halve fond! Gewoon fenomenaal… waardoor we terecht en zonder blozen kunnen stellen dat we hier op bezoek waren bij de ‘beste halve fondspeler ter wereld' van dit huidige ogenblik! Of om het met de woorden uit onze inleiding te zeggen: Ludo Claessens is inderdaad ‘gene gewone'…

Cijfers die niet liegen!

 

mee

prijs

1:10

1:100

 

prijs

1:10

1:100

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2006

 

 

 

 

 

 

 

 

Pithiviers

31

25

21

6

 

80,65%

67,74%

19,35%

Creil

20

18

14

6

 

90,00%

70,00%

30,00%

Sens

23

20

18

10

 

86,96%

78,26%

43,48%

Chantilly

24

19

15

7

 

79,17%

62,50%

29,17%

Pithiviers

20

17

16

5

 

85,00%

80,00%

25,00%

Sens

14

10

10

4

 

71,43%

71,43%

28,57%

 

 

 

 

 

 

 

 

 

TOT 2006

132

109

94

38

 

82,58%

71,21%

28,79%

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2005

 

 

 

 

 

 

 

 

Etampes

22

12

6

0

 

54,55%

27,27%

0,00%

Creil

14

14

9

4

 

100,00%

64,29%

28,57%

Sens

20

15

11

4

 

75,00%

55,00%

20,00%

Creil

16

14

12

4

 

87,50%

75,00%

25,00%

Etampes

11

4

2

2

 

36,36%

18,18%

18,18%

Chantilly

5

5

5

3

 

100,00%

100,00%

60,00%

Orleans

18

10

9

2

 

55,56%

50,00%

11,11%

 

 

 

 

 

 

 

 

 

TOT 2005

106

74

54

19

 

69,81%

50,94%

17,92%

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2004

 

 

 

 

 

 

 

 

Creil

19

19

18

9

 

100,00%

94,74%

47,37%

Creil

19

19

17

5

 

100,00%

89,47%

26,32%

Creil

15

11

4

0

 

73,33%

26,67%

0,00%

Etampes

15

13

12

7

 

86,67%

80,00%

46,67%

Creil

12

11

11

8

 

91,67%

91,67%

66,67%

Etampes

16

13

11

4

 

81,25%

68,75%

25,00%