Search

Bodelier Hans, "Primus Nationaal San Sebastian (2003)"

Het behalen van een nationale overwinning geeft een liefhebber een heel apart gevoel. Zij die dit al een of misschien zelfs meerdere keren hebben meegemaakt kunnen dat bevestigen. Het is het ultieme dat je in de nationale duivensport kunt bereiken. De veel besproken Nederlandse San Sebastian bezorgde Limburger Hans Bodelier de mooiste dag in zijn duivenmelkersloopbaan. Zijn ‘BO’ wist de nationale zege binnen te halen en kon zich ook nog eens als eerste klasseren in het nationale concours der duivinnen. En: een nationale zege maakt een heel seizoen goed, en zeker een seizoen zoals dat van 2003 dat veelal in het teken stond van alle ellende rondom de vogelpest.

De liefhebber
Hans is zeker geen onbekende in de nationale en internationale fondwereld. Buiten het spel met de duiven was hij meer dan 20 jaar actief als reporter voor diverse duivenkranten, en bezocht hij veel tophokken, kampioenen en winnaars in binnen- en buitenland. Meermaals zal hij zich afgevraagd hebben: waarom kan mij dat niet eens overkomen, een nationale overwinning. Enkele keren was hij er dicht bij met o.a. een 12e nationaal Marseille, 31e nationaal Barcelona en zelfs een 4e en 5e nationaal Dax in 2001 tegen maar liefst 18.323 duiven. Uiteindelijk werd het San Sebastian dat hem eeuwige roem zou brengen. Of zoals hem tijdens de huldiging door Simon Zeegers (1e nationaal Marseille 2003) werd toegefluisterd: ‘Bewaar de gewonnen bokaal goed, het is een unicum want San Sebastian komt nooit weer! Je bent de enige die buiten Barcelona een Spanje-klassieker op zijn naam heeft staan. Dat kan niemand nadoen!’

De winnares
Een mooie kras duivin die met San Sebastian aan haar tweede fondvlucht toe was. Als jaarling had ze in 2002 een 699e prijs weten te winnen op de nationale Bordeaux tegen circa 6000 duiven. Maar toch gaf zij met deze prestatie te kennen dat ze uit het goede hout gesneden was. Met nog 3 jaarlingen doorstond ze de selectie aan het eind van het seizoen. Vooral haar afstamming gaf hierbij de doorslag. Immers, haar voorouders hadden in voorgaande jaren al voor heel wat nakomelingen gezorgd die op de lange afstandsvluchten van zich hadden doen spreken. En dat Hans vertrouwen had zijn duivinnetje bleek ook nog eens uit de positie op de poulebrief: als eerstgetekende ging ze de mand in. Vader van ‘BO’ is de ‘772’ die rechtstreeks komt van het Europese tophok Freialdenhofen en Zonen uit het Duitse Aldenhoven. De ‘772’ is een zoon van de superkweekduivin de ‘Mundt-duivin’ en is van pure Vanbruane-origine. Zij is o.a. moeder van de 1e Int. Nat. Dax Euregio, 4e nat. Dax, 5e nat. Bergerac enz. en zat op dat moment gekoppeld aan ‘Zoon Super 733’ en is weer een kleinzoon van de Mundt-duivin’ x ‘Doffertje 733’ van Albert en Willy Simons. De ‘Zoon Super 733’ is in 2003 tevens vader van de 1e internationaal Bordeaux jaarlingen bij Freialdenhofen en Zonen. Dat tekent de absolute klasse! De moeder van ‘BO’ werd geboren op de hokken van Hans Bodelier zelf. Zij is een dochter van ‘Jager’ stamvader van het hok gekoppeld aan diens kleindochter ‘Blue Velvet’. Zij wist in haar actieve carrière o.a. een 40e en 53e nationaal Pau te winnen en bewijst thans haar waarde als een begenadigd kweekster. ‘Blue Velvet’ stamt uit ‘Frankie Star’ een zoon van de stamvader van het hok ‘Jager’ x een zus van de 2e nationaal Barcelona 1989 en dat is een koppeling van Theelen x Kuijpers. De stamvader ‘Jager’ is een kleinzoon van de ‘Rode 099’ van Jan Theelen en dat is weer een volle broer van de ‘Fameuze 508’. ‘Jager’ werd o.a. vader van de 5e nationaal Dax 2001, 12e nationaal Marseille 1994 enz.

Rode draad
Iedere kolonie heeft zijn eigen kenmerken als het gaat om duiven die de sterkte van het bestand bepalen. Slechts weinig hokken beschikken over kweekduiven die meer dan één keer goede afstammelingen geven, en dan ook nog eens duiven die voor een goede nakweek kunnen zorgen. Mijn gastheer van vandaag heeft een kweekkoppel onder de pannen dat al sinds de eerste koppeling in 1992 heeft gezorgd voor goede nazaten. Dit ‘Gouden Koppel’ bestaat uit de hiervoor al genoemde ‘Jager’van Theelen-origine via Jan en Gerda Bakermans uit Eindhoven en een duivin van Funs Schmitz uit Roermond, ‘Els’ genaamd, die zich tot stammoeder ontpopte. Haar vader komt uit een koppeling van kleinzoon x kleindochter van de wereldberoemde ’46 Verbart’ en de moeder komt uit de ijzersterke Krauth-duiven. Duiven met een excellent uithoudingsvermogen en mordant op de vluchten van de lange adem. Het stamkoppel ‘Jager’ en ‘Els’ loopt dan ook als een rode draad door bijna alle duiven van het hok Hans Bodelier. Ten tweede is er de lijn van de 2e nationaal Barcelona 1989 van Leon Willems die steeds weer opduikt in de diverse afstammingen. Diverse broers en zussen van deze ‘Barcelona’ hebben in de loop der jaren op vele hokken in binnen- en buitenland hun kweekkunsten getoond. Niet voor niets kochten Piet en Henk de Weerd in 1989 de ouders en alle afstammelingen – op één duivin na - van de ‘Barcelona’. En die ene verhuisde eind 1989 naar de hokken van Hans waar ze zich ontpopte tot een geweldige kweekduivin. Zo stamt de moeder van de 4e nationaal Dax 2001 uit een koppeling van broer x zus van de ‘Barcelona’.

Naast deze duiven werd het kweekhok in de loop der jaren aangevuld met duiven van Jan Theelen (kleinzoon ‘Fameuze 508’), Gebroeders Frenken (o.a. dochter 2e nationaal Perpignan), Leon Willems, Piet en Henk de Weerd en Dré Toebosch (diverse zussen 2e nationaal Barcelona 1989), Freialdenhofen en Zonen (o.a. dochter ‘Super 733’), Jean Hausoul (lijn ‘Elza’), Jan Beijers (dochter 1e internationaal Perpignan jaarlingen 2001), Cor de Heijde (diverse kleinkinderen 'De Klamper'), Gebr. Van der Matten (lijn 'Perpignan' de Heijde), Peter Elvermann (lijn Barcelona-winnaars) en Willy Looijmans (1e nat. Barcelona).

Barcelona
Voor iedere rechtgeaarde fondliefhebber is dit de vlucht die iedereen een keer wil winnen. De koninginnevlucht onder de lange afstandsklassiekers. In de loop der jaren heeft Hans op deze vlucht al vele keren uitermate goede prestaties weten neer te zetten. Het begon in 1993 met een 100% score. Een score die in de loop der jaren nog diverse keren werd herhaald. En dat doe je niet zo maar, dan moet je echt beschikken over duiven van uitzonderlijke klasse. Zoals uit de stamopbouw blijkt, wordt veel Barcelona-bloed ingebracht. Koppeling van deze soorten moet in de toekomst het succes voor de Barcelona-klassieker zeker stellen. Maar het is niet alleen Barcelona dat telt. Het zijn alle vluchten met morgenlossing die op de Echter-hokken de voorkeur genieten. In het verleden is gebleken dat met name op deze vluchten het hoogste prijspercentage werd gescoord. Hetgeen niet wegneemt dat op de vluchten met middaglossing ook hele goede prestaties zijn neergezet, zoals blijkt uit de 4e en 5e nationaal Dax in 2001.

Spel
Het klassieke weduwschapspel geniet anno 2004 nog steeds bij de meeste liefhebbers de voorkeur. Gemakkelijk natuurlijk als je alleen maar met weduwnaars speelt. Jammer dat je dan helemaal niets weet van je duivinnen, en dat is doodzonde. Om de kwaliteiten van je duivinnen te achterhalen zijn er twee mogelijkheden: het totale weduwschap beoefenen of je duivinnen op nest spelen. Als je dat doet moet je heel wat meer tijd in je duiven steken. De trainingen verdubbelen hierdoor, want je moet doffers en duivinnen natuurlijk apart laten trainen. Toch groeit het aantal liefhebbers dat het totale weduwschapspel beoefent of duivinnen op nest speelt naast de weduwnaars. Hans doet beiden. Sedert een aantal jaren worden zowel de doffers als duiven op weduwschap gespeeld en daarnaast beschikt hij ook nog over een hokje nestduiven. Bij de nestduiven worden beide geslachten gespeeld. ‘Het kost veel moeite, maar het is de moeite waard. De laatste jaren zijn de duivinnen de doffers de baas. Zo zie je dat wanneer ik niet was overgeschakeld op het totale weduwschap ik niets van deze duivinnen had geweten. Het nestspel heb ik altijd al met doffers en duivinnen beoefend. Velen kijken er van op dat doffers zelfs op papjongen uitzonderlijke prestaties neerzetten’.

Het gezegde ‘je moet er wel iets voor doen’ gaat ook in de duivensport op. Je kunt dan wel beschikken over duiven van goede afstamming, als je er geen moeite voor doet om je duiven goed voor te bereiden op de zware fondklassiekers, moet je niet verwachten dat ze goed zullen presteren.