A A A

Een speciaal hok voor jonge duiven

Op het ogenblik dat de jonge duiven omstreeks 20 a 25 januari worden gespeend, worden in de mate van het mogelijke en voor zover dit reeds zichtbaar is, de duivers naar een apart weduwnaarshok overgebracht.

De keus gaat naar 60 a 70 duivers ofschoon er slechts plaats is voor 48. Het gaat hier dus om een hok waarop 48 weduwnaarsbakken geplaatst zijn. Naarmate de jonge duiven ouder worden, en na streng toezicht, worden de verborgen gebleven duivinnen weggenomen, terwijl duivers die eerst duivinnen schenen te zijn, ook van hok moeten veranderen.
Hun eerste kennismaking met de buitenlucht geschiedt reeds een paar dagen na het spenen. Zij verblijven een paar dagen in de spoetnik, en nog een paar dagen later vliegen allen reeds naar de nok van het dak. Eens dat ze beginnen rond te toeren, krijgen deze jonge duivers een ganse dag de vrijheid.
Einde maart, begin april komen de oude weduwnaars gereed om de eerste oefenvluchten te ondergaan. Op dat tijdstip zijn de jonge duivers 3 maanden oud en worden ze samen met de oude duivers getraind. En vermits de Vanhee's vlak op de grens wonen, oefenen ze hun duiven uit verschillende richtingen tot een afstand van 15 tot 20 km.
Na deze korte oefenvluchten gaan jonge duivers samen met de oude weduwnaars tweemaal naar Clermont, 160 km. Eens dat ze deze Frankrijk-oefenvluchten in de vleugels hebben, beginnen ze tekenen te tonen om te paren. Op dat ogenblik worden ze voor enkele dagen goed gevoederd en krijgen ze ieder een weduwnaarsbak voor zover er nog bij zijn die geen nestbak hadden gekozen.
Op 15 mei voor een eerste ploeg jonge duiven en op 15 juni voor een tweede ploeg jonge duiven, in twee verschillende hokken geplaatst, komen oude duivinnen het hok van de jonge duivers vervoegen. Oude duivinnen die dit hok gewoon zijn en hun nestbak van het jaar voordien zeer goed kennen.
Koppel per koppel blijven ze in de nestbakken opgesloten tot allen goed gepaard zijn. Bij het openen van de nestbakken ontstaan soms vechtpartijen of omwisselen van nestbak, maar de verzorger houdt een oogje in 't zeil dat alles goed afloopt. Duivinnen worden in hun voorbehouden plaats in de nestbak opgesloten en eens dat het jong geweld de goede woonplaats kent, krijgen ze allen de vrijheid op het hok en buiten, zodat ze naar hartelust hun eerste gevoelens voor hun duivin kunnen uitleven.
 
De nadruk wordt er op gelegd, dat het beslist aan te raden is, oude duivinnen van twee jaar en ouder aan de jonge duivers te paren. Het nestjagen wordt er gevoelig door ingekort vermits oudere duivinnen na 8 of 9 dagen paring, reeds eieren in het nest hebben. Gedurende de periode van paring tot het leggen krijgen deze duiven volle bak kweekmengeling, ook wat voeder en voldoende grit in de nestbak.
Tijdens de periode van het broeden nemen de jonge duivers aan geen wedstrijden deel. Zij worden tweemaal per dag gevoederd : 's morgens een soeplepel zuiveringsmengsel per duif, en 's avonds een soeplepel kweekmengeling per duif. Dit voeder volstaat, opdat vooral de jonge duivers door het stil blijven geen overtollig vet zouden aankweken. Gedurende het broeden krijgen ze tweemaal per dag de vrijheid, telkens op het ogenblik dat de duivin haar plaats in het nest terug ingenomen heeft.
Tegen het einde van de broedtijd worden de jonge duivers nogmaals tot 160 km getraind. En wanneer ze een jonge in het nest hebben van ongeveer 14 dagen oud, moeten ze klaar zijn voor de eerste kompetitie, t.t.z. hun eerste wedstrijd uit Dourdan van 260 km.

Reacties

nice man ........

Please dont exeggerate with longer distanses.Most pigeons can not return!