Bij het begin van het « elektronisch tijdperk » kon de KBDB niet vermoeden dat er op termijn ringen zouden worden geblokkeerd door de firma's.
Hoewel dit reeds meermaals werd vastgesteld en meegedeeld, kan de KBDB zich hier NIET in mengen. Het is voor de firma's een commercieel aspect. Terwijl de KBDB zich enkel bekommert om het sportieve! De nationale bestuursraad acht het dan ook zijn plicht om de liefhebbers te informeren welke ringen door welke toestellen worden geblokkeerd. Het komt er in feite op neer dat de liefhebber enkel die ringen aanschaft welke door zijn toestel niet worden geblokkeerd.
Het is dus zo dat ook voor 2010 zich voor de liefhebber een probleem kan stellen in die zin dat bij de inkorving alles perfect verloopt, maar de aankomst van de duif niet wordt geregistreerd! Voor het deblokkeren moet het liefhebberstoestel door de firma worden vrijgegeven mits vergoeding door de liefhebber te betalen.
Voor 2011 zal de standaard worden aangepast in die zin dat de geblokkeerde ringen reeds bij de inkorving worden geweigerd.
U vindt hierna de tot op 9 maart 2010 goedgekeurde masters en de lijst opgesteld door de techniekers van het adviescomité van de door ieder liefhebberstoestel
geblokkeerde ringen volgens hun CUSTOM ID
VERSLAG VAN DE TECHNIEKERS VAN HET ADVIESCOMITE:
1. Wat is een custom ID en het doel ervan.
Elke chipring bevat een verschillend elektronisch nummer waarmee de ring kan herkend worden. Dit nummer bestaat uit 8 karakters bijvoorbeeld : 9DA451FF.
De eerste twee karakters van dat nummer, in het voorbeeld 9D, noemen we de custom ID.
Deze custom ID’s worden toegekend per firma en per soort chip die in de ring aanwezig is.
Aan de hand van de custom ID kan dus vastgesteld worden welke firma de chipring op de markt gebracht heeft en om wel type chip het gaat. Chipringen kunnen
wisselen qua soort chip , antenne, condensator , assemblagetechniek , en dit leidt tot net iets andere kwaliteit inzake levensduur of werkingsgraad. , zodat de apparaten per combinatie van die eigenschappen, lees per custom-id , best die soorten chips herkennen om deze zo goed mogelijk te kunnen beschrijven/uit te kunnen lezen.
2. Evolutie custom ID’s in België.
De firma Bricon bracht begin de jaren 2000 de P4165 chip van AEG op de markt. Dit is een 192 bit chipring en beter bekend onder de benaming Bricon 2000, later bricon 3000 en nu bricon 3000+ ( zwartkleurige ring).
- De custom ID’s begonnen in die jaren met 79. Indien de reeks ten einde was, d.w.z. indien er zo’n 16 777 000 geproduceerd waren, werd een nieuwe reeks begonnen met 7A, daarna 7B enz..
- Tot en met 2005 waren zij de enige leverancier van de chipringen.
Begin 2006 kwam de firma Deister (unikon) met een nieuwe chipring op de markt (de zogenaamde ‘groene’ ringen). Deze bevatte een HITAG S chip met 256 bit van PHILIPS.
- Deze werd in 2005 reeds in het veld getest in een aantal verenigingen
- De firma deister kreeg custom ID “C9” toegewezen.
- Voor 2006 werden alle masters en liefhebberstoestellen aangepast zodat ze ook de custom ID “C9” konden inkorven en bestatigen. In de zomer van 2006 bracht ook de firma Bricon chipringen op de markt met de Hitag S chip aan boord.
- Zij gebruikten hiervoor ook de custom ID “C9” , dit was toen de enige custom ID voor de HITAG S chip waar daadwerkelijk mee kon gespeeld worden.
- Omdat dit tegen alle afspraken inging en het doel van de custom ID ondermijnd werd, trok de KBDB naar de rechtbank. De toegewezen custom ID zou namelijk voor elke firma verschillend zijn, anders heeft het invoeren van een custom ID weinig nut.
- De firma Bricon kreeg gelijk en mocht de custom ID C9, die ook toegewezen was aan Deister, blijven gebruiken. Voor het seizoen 2007 bracht iedere producent van elektronische constateersystemen nu ook chipringen op de markt met de HITAG S chip.
- Iedere firma kreeg andere custom ID’s toegewezen. - Alle masters en liefhebberstoestellen werden aangepast zodat ze alle custom ID’s konden inkorven en bestatigen.
- Bricon bleef ook de custom-id van unikon , met name de C9 , gebruiken.
Elk jaar vragen een aantal firma’s een bijkomende custom ID, omdat volgens hen de reeks ten einde geproduceerd werd. Hierdoor dienen elk jaar alle masters en
liefhebberstoestellen aangepast te worden.
3. Situatie voor het seizoen 2010.
We stellen vast dat bijna alle leveranciers van liefhebbersapparaten custom ID’s blokkeren van de concurrentie in hun liefhebbersapparaten. De liefhebber dient te
betalen aan de leverancier van zijn liefhebbersapparaat om de custom ID’s vrij te schakelen.
Belangrijk hierbij is te melden dat dit een keuze is die autonoom gemaakt werd doorde firma's.
De situatie is als volgt :
Tauris : liefhebbersapparaten blokkeren custom ID “C8” van Mega
Unikon : liefhebbersapparaten blokkeren custom ID’s C8 van Mega
7B van Bricon
en C3 van Benzing.
Bricon : liefhebbersapparaten blokkeren custom ID’s C8 van Mega
D5 van Tauris
en C3 van Benzing.
Tipes : liefhebbersapparaten blokkeren custom ID’s : C8 van Mega
D5 van Tauris
7B van Bricon
en C3 van Benzing
Benzing : liefhebbersapparaten blokkeren geen enkele custom ID.
Mega : liefhebbersapparaten blokkeren geen enkele custom ID.
Een goeie raad test op voorhand je ringen door bv een oefenvlucht te constateren
DE TECHNIEKERS VAN DE ADVIESRAAD VOOR ELEKTRONISCHE KLOKKEN
Reacties
Mijne heren
Daar zat ik nu met spanning naar te wachten .Nu ben ik een pak slimmer.
Ik wil dat ding (EC) gebruiken zonder daar problemen mee te kennen ,of denk ge dat het niet genoeg gekost heeft ?
Alle jaren komt dat terug met die vodde. Wat zal het volgend jaar zijn ?
Ik weet van nu al dat daar een pak problemen mee gaan bovenkomen bij de inkorving .
salu
Beste collega's
Vanaf dit jaar zal ik ook EC plichtige zijn.(geschenk van mijn zoon Jonas).
Nu mijn ondervinding van vorig jaar:
Ik traditioneel ; bij de inkorving bijna alleen maar direct bediend.
De EC mannen "rootje schuiven" zoals wij hier zeggen.
Bij de opening van de klokken idemdito.
Ik speel HF en bij mij komt het niet aan op enkele seconden, en mijn duif heb ik nog eens vastgepakt en bij zijn duivin gebracht (een luxe voor hem, of niet ;grapje)
Ik denk ook dat mijn vriend Gommaire ook wel een adrenalinestoot kreeg als hij zijn Kletskop in zijn handen had wanneer hij Chateauroux won.
Mijn vader zaliger zie ik nog lopen als zijn derby de vlucht van de eeuw won in het Zulleke (1967) uit Orleans.
Ik moet wel toegeven: Voor het spel met jonge duiven is het wel aan te raden; worden niet graag gepakt nietwaar.
Ziedaar mijn visie
Geonas
Bijkomend:
Ik vraag mij ook nog eens af:
Ik speel met open venster.
Een EC specialist met de plank.
Mijn duif spurt vanop 250m , door het raam in zijn bak.
Bij EC , een toerke om op de valplank te vallen, door de spoetnik , en dan op de antenne.
Wat volgens mij ideaal zou zijn:
De plank tegen de muur van het hok; open venster; duif nemen en tegen antenne houden.
Ik ben bijna zeker dat over de laatste 250m, bij oude duiven, laatste optie meest voordelig is.
Graag reactie indien niet akkoord.
Groeten
Geonas
Geonas,
Ik ken snelheidsspecialisten die dit toepassen maar daar zelfs nog verder in gaan. En verschllende antennes onder de bakken van hun weduwnaars hebben hangen. Bij de goei getekenden dan natuurlijk...