Het duo Van Pamel-De Mulder uit het Westvlaamse Zuienkerke zijn de kersverse winnaars op de nationale vlucht vanuit Bordeaux. Hun duif werd geklokt om 16u51 voor een afstand van 767 Km, wat overeenstemt met een snelheid van 1266 m. Hiermee zit hun duif bijna 8 min. los op de duif van Gaston en Danny De Vooght die 2e Nationaal winnen, en bijna 15 minuten op de 3e duif van Fans Waerniers… of meteen het bewijs dat hun 6-jarige klepper, de Blauwe SAN SEBASTIAN 3028305/98, er als 2e getekende (2 duiven mee) alles heeft uitgeperst om deze klinkende zege te behalen. Maar wat meer is, hiermee is deze duif alles behalve aan zijn proefstuk, want in 2001 won diezelfde duif reeds 1e Internationaal SAN SEBASTIAN. Dit is misschien wel een unicum in de duivensport, omdat dergelijke duiven over het algemeen voor fikse bedragen verhuizen naar het land van de rijzende zon. Bij Van Pamel-De Mulder die zelf een zaak runt in grasmachines, is de duivensport pure liefhebberij, daarom ook werd de duif destijds niet verkocht, maar gewoon verder gespeeld. Na zijn nieuw exploot vanuit Bordeaux zal hij nu wel niet meer gespeeld worden, maar aan een eventuele verkoop wordt nog getwijfeld, ook al zijn er nu natuurlijk ‘grote kapers’ op de kust. Maar ten huize Van Pamel –De Mulder zal men er toch nog eerst een nachtje moeten over slapen, zo werd ons verteld...
De 1e Nationaal Bordeaux-winnaar stamt uit een beresterke familie fondduiven. Zo wonnen 2 broers van hem, beiden reeds binnen de eerste 120 internationaal vanuit Dax, en won een 3e broer top uit Marseille in 2001, of de dag waarop de Blauwe SAN SEBASTIAN zelf de 1e Internationaal won vanuit deze lossingplaats.
Zijn vader is een duif die werd aangekocht bij Jules SAMYN, de gekende topkolonie op snelheid en halve fond uit Bredene.
De moeder is dan weer een duif van de soort van Marcel De Meyer uit Tiegem, die een topkolonie met echte fondbonken bezat, echte overnachtvliegers. Zo stamt de moeder uit de ‘194-DE MEYER’ (rechtstreeks Marcel De Meyer) x VANDENBUSSCHE-Duivin, aangekocht bij Valere Vandenbussche uit Oostende. Volgens onze gastheer kreeg de duif de snelheid mee van zijn vader, en het uithoudingsvermogen van zijn moeder. Een logische redenering.
De duiven krijgen hier te Zuienkerke een ietwat aparte voorbereiding. Zo verbleef de huidige nationale winnaar tot eind april in een open volière, waarna hij terug op het vlieghok werd gezet. Zo had hij voor het seizoen niet gekweekt, maar enkel eens 6 dagen mogen broeden. De duif zat nu na Brive, waarop hij trouwens een mooie prijs won, 3 weken stil voor Bordeaux. Voor zijn vertrek kreeg de nationale triomfator ‘geen’ duivin te zien, maar werd enkel zijn schotel omgedraaid waarin hij eventjes mocht koeren en ronddraaien, alvorens te worden ingemand, voor zijn ‘race naar de roem’. Uit Bordeaux winnen Van Pamel-De Mulder trouwens 2 op 2 regionaal, en vermoedelijk ook nationaal.
Hun kolonie is naast hoger geciteerde namen verder gestoeld op duiven van Marc Pollin uit Snellegem, en van dokter Martin Ravelinghien uit Tiegem, waar met afstammelingen van zijn ‘grijze soort’ uitstekend wordt gelukt. Het seizoen werd gestart met 32 weduwnaars, waarvan er momenteel nog zo’n 25-tal in koers zijn, de rest voldeed niet aan de gestelde normen. Reeds hun gehele loopbaan leggen ze zich bij Van Pamel-De Mulder toe op de fondvluchten, en worden de jongen slechts vanaf Chartres of vanaf vluchten verder als Parijs, voor het eerst gespeeld. Men schuwt medicatie als de pest, al moest men nu bij de aanvang van het seizoen met de oude duiven, wel eens ingrijpen tegen coccidiose. Verder krijgen de duiven 1 x per week vitamines, en wordt er 2 x per week “Zell Oxygen” van Herbots op het voer gedaan. Zegge en schrijve… duivensport zonder al te veel franjes, maar met een degelijke aanpak, waarmee werd opgerukt naar nationale en internationale topprestaties in de duivensport, waar de 1e Internat San Sebastian 2001, en de kersverse 1e Nationaal Bordeaux (en dan nog met dezelfde duif), voor zich sprekende voorbeelden van zijn !!